Geneesmiddelen (2)

Mr. Van Dusseldorp pleit voor een zorgvuldige discussie over de toelating van homeopatische en antroposofische geneesmiddelen. Uiteraard ben ik dit met hem eens, maar als zijn ideeën over zorgvuldigheid gemeengoed zijn, denk ik niet dat er van de discussie veel terecht zal komen.

Ik neem aanstoot aan de volgende zinsneden: “In plaats van een steekhoudende weerlegging van de antroposofische zienswijze...” Als jurist moet van Dusseldorp toch iets weten van bewijslast: de antroposofische (of homeopatische) zienswijze hoeft niet weerlegd te worden, zij dient met argumenten en ervaringsfeiten ter discussie gebracht te worden om overtuigend een positie naast de 'reguliere' geneeskunde te verwerven.

Zo ook “(een land waar) middelen waarvan de schadelijke werking niet is vastgesteld, zijn verboden doch drugs met een erkend schadelijke werking blijmoedig worden gedoogd.” Nee: volgens de wet moeten van een geneesmiddel de effectiviteit en de onschadelijkheid overtuigend worden aangetoond, en het is dus niet zo dat middelen gebruikt mogen worden zolang de schadelijkheid en onwerkzaamheid niet vast staan. Overigens kunnen cannabis en opiaten wel degelijk effectief bij bepaalde geneeskundige behandelingen gebruikt worden, maar dit wordt natuurlijk niet veel gedaan, de iure bedrijven veel homeopathen en antroposofen geen geneeskunde en zijn hun middelen geen geneesmiddelen. In de praktijk en in de beleving van hun cliënten vinden er natuurlijk wel degelijk behandelingen plaats met een geneeskundig doel. Het behoort dan ook tot de taak van de overheid om deze praktijken kritisch te benaderen. Patiënten hebben er recht op dat ook 'alternatieve' behandelingen voldoen aan dezelfde kwaliteitseisen wat betreft werkzaamheid en risicoprofiel als 'reguliere' behandelingen.