Deja vu

Hardschaatsen kan in verschillende stijlen. Maar de stijl waarmee de Zweed Jonny Nilsson schaatste was uitzonderlijk. Hij huppelde over het ijs. Hij stond rechtop en ging niet door de knieën, maar reed heel snel op de lange afstanden. In 1963 werd hij in Karuizawa wereldkampioen allround.

Een jaar later werd hij olympisch kampioen op de 10 kilometer. In 1966 verraste Nilsson tijdens het wereldkampioenschap in Göteborg met een tweede plaats op de 1.500 meter. Verkerk won. Evenals Verkerk genoot Nilsson voordeel van zijn lage lichaamsgewicht. Het kunstijs was op de tweede dag door een mankement aan de ijsmachines en de hoge luchttemperatuur zo zacht dat zware schaatsers nauwelijks vooruit kwamen. Op de 10 kilometer werd Verkerk eerste en Nilsson tweede. Wereldkampioen werd Verkerk, vóór Schenk en Nilsson. In 1967 baarde Nilsson op het Europese kampioenschap in het Finse Lahti opzien door op de slotafstand met een toeter voor zijn gezicht te rijden. Het was die dag zo koud dat de 10 kilometer werd ingekort tot 3 kilometer. De beschermer baatte niet. Verkerk werd kampioen. In 1968 beëindigde de 25-jarige Zweed zijn loopbaan. Hij was toen wereldrecordhouder op de 5 kilometer met 7.33 en op de 10 met 15.33. Koss is het nu met 6.34 en 13.40. Nilsson is nu makelaar in Göteborg. In Zweden is hij vergeten, daarbuiten leeft hij voort als de danser uit Filipstad.