Vervormde versterkers

THD. Uitg. Donemus. 44 blz plus cd. Prijs ƒ 14,95. Inl. 020-6764436.

'De paranoia die door het restrictieve drugsbeleid van minister Sorgdrager in Nederland is ontstaan, neemt steeds ernstiger vormen aan. De distributie van het eerste nummer van THD stuitte op onoverkomelijke problemen vanwege de exclusieve THD-pil die op de omslag zit geplakt.' Om de gimmick van het provocerende roze plak-control-tabletje lacht de kersverse redactie van het tijdschrift THD nu misschien wat zuur, maar de bijbehorende publiciteit is natuurlijk mooi meegenomen bij de lancering van een nieuw periodiek.

Hoewel Nederland tal van muziektijdschriften kent, blijkt het steeds weer mogelijk voor een specifiek marktsegment, hoe klein ook, een nieuw blad uit te brengen. Donemus, het documentatiecentrum voor Nederlandse muziek, ontplooit in dit opzicht de laatste tijd interessante initiatieven. Vorig jaar besloot zij, naast het aloude Engelstalige Key Notes: Musical life of the Netherlands, het Tijdschrift voor Muziektheorie uit te geven. En vanaf deze week - uiteindelijk moesten voor de losse verkoop alle pilletjes van de cover worden gehaald - is het nieuwe kwartaalblad verkrijgbaar waarvan Donemus eveneens als uitgever optreedt: THD, een tijdschrift over actuele ontwikkelingen in muziek, kunst en media.

De afkorting THD staat in het jargon van de muziektechneuten voor Total Harmonic Distortion, maar de tijdschriftnaam wordt gewoon op z'n Nederlands uitgesproken en de inhoud reikt duidelijk verder dan het beperkte domein van vervormde versterkers. Volgens het redactioneel onderscheidt THD zich van bestaande periodieken 'doordat het probeert de actuele ontwikkelingen in de kunsten, in de breedste zin van het woord, te verslaan. Dat wil zeggen: de relaties die tussen de verschillende genres ontstaan, de nieuwe wegen die individuele kunstenaars inslaan, maar ook de veranderende concepten over kunst en communicatie.'

Onder aanvoering van Jacqueline Oskamp heeft de redactie van THD besloten hiertoe een markant blad uit te brengen, dat deze beloften tot op zekere hoogte waar maakt. Allereerst is duidelijk dat om de actuele ontwikkelingen te volgen, het traditionele tijdschrift niet meer volstaat. THD bestaat daarom uit drie componenten: het tijdschrift met een cd of cd-rom en een website die elkaar aanvullen. Bij deze werkwijze sluit het artikel van Louis Stiller over de geschiedenis en de toekomst van het cd-rom-tijdschrift goed aan. De cd bij het eerste nummer van THD bevat vooral klinkende illustraties van de in het tijdschrift behandelde componisten en uitvoerende musici.

De vormgeving van THD is inventief en lekker schreeuwerig; het beeld vormt in veel gevallen een speels contrapunt met de tekst. De brutale vormgeving contrasteert echter nogal met de overwegend braaf geschreven artikelen. Het zout moet in de eerste plaats van de geïnterviewden komen, zoals componist Huib Emmer, die 'het gebouw dat goede smaak heet' in de fik wil steken. Informatief zijn de artikelen over de 'jonge onderzoeker in muziek' Florentijn Boddendijk en over technodeejay Miss Djax: 'Mensen willen nu muziek met ballen.'

Naast journalisten, werken aan THD ook musici mee. Dick Raaijmakers schreef een column over de klank van machines, Micha Hamel overpeinst de openbaarheid van het kunstwerk, en van Rob Zuidam is het eerste deel van een vervolgverhaal afgedrukt. De strip van Mark Schilders laat aan duidelijkheid te wensen over, de horoscoop Koffiedik is melig.

De eindredactie had hier en daar iets alerter mogen gebeuren. Dat Satie, in de tijd dat Wagner zijn symfonieën componeerde, ultrakorte pianostukjes schreef, zoals Emmer beweert, is natuurlijk onzin. Het vroegst bekende werk van Satie dateert van na Wagners dood, en juist symfonieën (een genre dat je niet in de eerste plaats associeert met Wagner, maar dat terzijde) schreef Wagner vele decennia voor de geboorte van Satie. Ook van een redactie die vol is van het nieuwe mag je enig historisch besef verwachten.

Door de brede opzet loopt het tijdschrift enigszins het risico een vergaarbak van tal van onderwerpen te worden. In de hoofdartikelen heeft de redactie deze valkuil goed weten te omzeilen - de nadruk ligt op de elektronische muziek als ontmoetingsplaats tussen conservatorium en houseparty.