Scherpere regels voor informatie bij politie

DEN HAAG, 14 FEBR. De regels voor het opslaan van persoonsgegevens door de politie worden verscherpt. De wetswijziging waarover het kabinet vandaag vergadert moet een einde maken aan de onduidelijkheid over de gegevens die de criminele inlichtingendiensten (CID's) mogen vastleggen.

Gegevens over personen kunnen in de toekomst alleen nog worden vastgelegd als er sprake is van misdrijven waarvoor voorlopige hechtenis is toegestaan, zo wordt voorgesteld. Verder moeten de misdrijven in georganiseerd verband worden gepleegd. Registratie gebeurt ook bij misdrijven waarop een gevangenisstraf van acht jaar of meer staat. In de praktijk komt het erop neer dat vooral gegevens kunnen worden vastgelegd bij zaken die behoren tot de zware, georganiseerde criminaliteit, of ernstige misdrijven als moord, doodslag of verkrachting.

Tot nu toe was de politieregistratie van verdachte personen gekoppeld aan het begrip 'CID-subject'. Tijdens de parlementaire enquête opsporingsmethoden, ruim een jaar geleden, bleek dat veel politiemensen dat begrip op hun eigen manier invulden. Duizenden namen kwamen voor in de politieregisters. De ministers Sorgdrager (Justitie) en Dijkstal (Binnenlandse Zaken) wilden daar een eind aan maken uit oogpunt van privacy-bescherming van burgers.

Het kabinet vindt ook dat de huidige CID-bestanden moeten worden geschoond. De CID-registers krijgen bovendien een nieuwe naam: register zware criminaliteit. Dit sluit volgens het kabinet beter aan bij het doel van de bestanden.

De wijziging van de Wet politieregisters is de eerste maatregels uit het 'plan van aanpak' van het kabinet naar aanleiding van de IRT-enquête.