Kluivert heeft het in Nederland 'even gehad'

AMSTERDAM, 14 FEBR. Vanaf de dag dat hij de beslissing nam om Ajax en Nederland de rug toe te keren, heeft Patrick Kluivert eigenlijk nooit een moment getwijfeld. Zijn nieuwe vaderland zou Italië worden, zijn nieuwe club AC Milan. Een aanbod van Real Madrid waar hij zou worden herenigd met zijn maatje Clarence Seedorf schoof hij direct resoluut terzijde.

Patrick Kluivert treedt vanaf volgend seizoen in de voetsporen van Marco van Basten. Een droomwens gaat in vervulling. Milan wordt zo langzamerhand een dependance van Ajax. Want, ofschoon hij het gistermiddag nog hardnekkig ontkende, staat ook Winston Bogarde volgend seizoen op de loonlijst van de Rossoneri. Hij tekende volgens een woordvoerder van Milan net als Kluivert een contract voor vier jaar.

Als de salarissen kloppen die de Gazzetta dello Sport gisteren wist te melden gaan beide spelers er niet eens zoveel op vooruit. Waaruit kan worden geconcludeerd dat het de profvoetballers niet om het geld alleen gaat. Kluivert zou drieënhalf miljoen gulden gaan verdienen, Bogarde iets meer dan twee miljoen gulden. Aangenomen mag worden dat er daarnaast door Milan een aardig bedrag aan tekengeld is uitbetaald. Aangezien de contracten van beide spelers afliepen, hoeft de club van voorzitter Berlusconi geen lire transfergeld aan Ajax over te maken. Vorig seizoen kwamen Edgar Davids en Michael Reiziger op dezelfde basis naar Milaan. Kluivert was een jaar geleden nog tientalllen miljoenen guldens waard.

De spits bewoog zich gisteren door de Arena in opperbeste stemming. Het leek of er een zware last van zijn schouders was gevallen. Kort voor het Six's-toernooi waren hij en zijn zaakwaarnemer Sigi Lens in Amsterdam rondgekomen met een delegatie van Milan die werd geleid door directeur Ariedo Braida. De cultuur, de sterke Italiaanse voetbalcompetitie, het zoete leven, de aanwezigheid van zijn vrienden Davids en Reiziger gaven de doorslag om Milan te verkiezen boven Real Madrid of een Engelse club. “Het is jammer voor Clarence, maar misschien komt hij ook nog weleens naar Milan”, verwoordde Kluivert de diep gekoesterde wens van de clan donkere spelers die afgelopen zomer zoveel onrust veroorzaakte binnen het Nederlands elftal.

Kluivert bevestigde nog eens dat hij vooral naar Italië vertrekt uit onvrede over de hetze die soms tegen hem wordt gevoerd in de stadions. Spreekkoren die hem herinneren aan het dodelijke ongeluk waarbij hij anderhalf jaar geleden betrokken was of zijn matige vorm als gevolg van een slepende knie-operatie, sneden als een slagersmes door zijn ziel.

“Als dat allemaal niet was gebeurd, zou ik bij Ajax zijn gebleven en had ik voor twee jaar bijgetekend”, onthulde hij. “Ik heb geen zin nog drie, vier jaar dezelfde beledigingen naar mijn hoofd geslingerd te krijgen. Die spreekkoren hoorde ik niet alleen bij NAC, maar in alle stadions. Ik ben niet bang. Zie dit ook niet als een vlucht. Maar ik heb het hier in Nederland gewoon even gehad.” Kluivert is toe aan een nieuw leven, hoewel hij pas twintig is. “Ik voel me niet te jong voor dit avontuur. Ik heb al zoveel dingen meegemaakt. Daardoor ben ik snel volwassen geworden. Ik heb er in ieder geval veel van geleerd.”

Kluivert sprak met de delegatie van Milan ook over het elftal waarin hij vanaf volgend seizoen zijn kwaliteiten moet tonen. De club van het San Siro-stadion heeft al een spits van wereldformaat onder contract staan: de dertigjarige Liberiaan George Weah. Kluivert is niet bang voor de moordende concurrentie in het team van trainer Arrigo Sacchi, dat bol staat van de kwaliteit maar desondanks dit seizoen zeer matig presteert.

“Jullie weten alleen niet wie er allemaal weggaan”, lachte Kluivert. “Milan gaat volgend seizoen als een verjongd team verder en daar word ik een onderdeel van. Bovendien ben ik op meerdere plaatsen inzetbaar. In de spits, maar ook op een positie achter de aanval. Dat Davids en Reiziger geen basisplaats hebben, zegt me weinig. Dat ligt ook aan jezelf. En dat Milan niet goed draait, heeft mijn beslissing ook niet kunnen beïnvloeden. Slechter als nu kan het volgend jaar niet gaan.”

    • Erik Oudshoorn