Skiwereld verbaast zich over snelle 'Holländer'

SESTRIERES, 13 FEBR. De verbazing over de prestatie van ene Harald de Man gierde door het perscentrum van de wereldkampioenschappen skiën. Een Zwitserse journalist vroeg zich tijdens de persconferentie met wereldkampioen Michael von Gruenigen hardop of de tijd die de Nederlander op het laatste deel van de eerste manche van de reuzenslalom skiede wel juist was.

Hij en andere ervaren volgers van het alpine-circus konden zich niet voorstellen dat ein Holländer op dat punt sneller was geweest dan alle andere skiërs. Onverstoorbaar als altijd antwoordde Von Grueningen: “Als het die Nederlander is die vaak met ons meetraint, dan is het zeker mogelijk.”

Een groter compliment had Harald de Man waarschijnlijk niet kunnen krijgen na zijn opmerkelijke race in Sestrieres. De 23-jarige Nederlander realiseerde in de eerste manche de vijftiende tijd, een prestatie die waarschijnlijk sinds mensenheugenis niet door een Nederlandse skiër werd behaald. Door zijn hoge positie - mede omdat een aantal in potentie betere skiërs vielen - mocht De Man in de tweede manche als eerste starten, vlak voor de titelfavorieten. Dat was een mogelijk nog grotere eer voor de laaglander temidden van hooglanders.

Onder druk van de bijzondere omstandigheden koos de skiër uit Alkmaar voor een voorzichtige tweede race. Hij hoopte dat andere skiërs meer risico zouden nemen en zouden vallen. Maar omdat niemand onderuit ging verloor De Man uiteindelijk toch nog twee plaatsen, waardoor hij uiteindelijk als zeventiende eindigde. Vorig jaar werd de Nederlander op de WK in Spanje 23ste op het moeilijkste ski-onderdeel, hetgeen als een fraaie prestatie werd beschouwd. De Man had bij de eerste vijftien moeten eindigen om zich kandidaat te stellen voor de Winterspelen in Nagano. Het verschil tussen nummer vijftien en De Man bedroeg slechts een halve seconde.

Behalve verwondering wekte De Man bij de vertegenwoordigers uit traditionele skilanden ook bewondering. “Ik werd na de eerste manche door de Oostenrijkse televisie geïnterviewd en na de tweede manche weer, en ook nog eens door een Italiaanse zender. Ze zien Nederland op mijn rug staan en dan valt het natuurlijk op dat zo'n gozer zo goed gaat. Al die schoudersklopjes van die grote jongens zijn toch wel leuk”, straalde de kleine Nederlander, die doorgaans een nuchtere toon aanslaat.

Hij gaf toe in de tweede manche geen risico's te hebben genomen. “Ik skiede als een skileraar, mooi en technisch in balans. Ik had wel vol gas kunnen geven, maar dan had ik waarschijnlijk niets gehad. Mijn olympische nominatie stond op het spel.” De Oostenrijkse trainer van de Nederlandse ploeg (twee man sterk; Hayo Wareman viel uit) Günther Gerhardt hield gemengde gevoelens over aan de tweede race van De Man. “Misschien had hij toch meer risico's moeten nemen. Ik vind dat zo'n jongen naar de Winterspelen moet. Als je zo snel gaat in die verschrikkelijk moeilijk gestoken eerste manche, kun je heel goed skiën.”

Gerhardt weet nog niet dat in Nederland de regels van de olympische kandidatuur strikt in acht worden genomen. Zeventiende is geen vijftiende, dus geen nominatie. Maar het zal NOC*NSF niet zijn ontgaan dat De Man de laatste jaren progressie doormaakt. Hij is de enige Nederlandse skiër die tegenslagen kan overwinnen en er sterker door wordt. Zelfs de zware blessure van een paar jaar geleden, waardoor hij uit de selectie werd gezet en niet meer op financiële steun kon rekenen kregen hem niet klein. 's Zomers nam hij allerlei baantjes aan, zoals koerier en afwasser, om zijn dure hobby te kunnen bekostigen.

Gebrek aan grote concurrentie in de nationale selectie en aan financiële middelen zijn de belangrijkste nadelen waarmee De Man moet leren leven. Hij heeft weliswaar de beschikking over goed materiaal, maar niet over het beste en duurste zoals de Zwitsers, Oostenrijkers, Italianen, Duitsers en Noren. Een half jaar geleden kreeg De Man van Head topski's, maar hij moet ze zelf onderhouden en waxen. Skiërs uit toplanden hebben de beschikking over meerdere ski's voor elk onderdeel en worden bijgestaan door een zogenoemde serviceman.

De Nederlandse Skivereniging heeft echter geen geld voor extra personeel. De Alpine-afdeling heeft een budget van zeshonderdduizend gulden. Voorzitter Lange van de topsportcommissie: “We hebben de laatste vier jaar al twee ton bespaard. Meer kan niet. We willen begeleiding op lange termijn. Dat betekent met trainingcoördinator Marcel Looze en met de twee Oostenrijkse sneeuwtrainers. Die twee willen blijven, maar we kunnen hen geen beter contract aanbieden.”

Harald de Man hoorde de verhalen aan en dacht: wanneer heb ik dat eerder gehoord? Hij luisterde liever naar het plat-Oostenrijks (De Man zat als jongen op het Ski-internaat in Oostenrijk) van Günther Gerhardt. “Du bist super gefahren. Tomba ist ausgeschieden, so schwierig war die Piste. Und du nicht.” De Man leeft van de complimenten van buitenlanders. Dat is het lot van een talentvolle skiër uit de lage landen.