Experiment; Testlab

In het 'Testlab' op de zolder van discotheek Escape voert het experiment iedere maand de boventoon. Rechttoe-rechtaan vierkwartsmaten zijn uit den boze. De vrijwillige tribalisering die in de danscultuur is ontstaan, lijkt hier voorbij.

HALF TWEE ZATERDAGNACHT op het Rembrandtsplein in Amsterdam. Voor discotheek Escape staat een lange rij dranghekken opgesteld. De honderden mensen die naar binnen willen, worden gefouilleerd op drugs en wapens. Een paar uur later zal op het plein een kleine schietpartij plaatshebben, maar dat zal de aanwezigen in Escape ontgaan - gevangen als ze zijn in de flitsende lichten, de rookwolken, de maalstroom van mellow-house.

Wie de grote, volle zaal van de discotheek helemaal doorloopt en een paar trappen opgaat, komt op de experimenteerzolder die dj Eddy de Clercq hier eens in de maand inricht. Testlab, zo heet zijn zoektocht naar alles wat zich buiten de kaders van 'traditionele house' afspeelt. Het laboratorium is gevestigd in een vorstelijke ruimte: café De Kroon stelt maandelijks haar met palmen, kroonluchters en gewreven parket opgesierde zaaltje ter beschikking.

House-pionier Eddy de Clercq, die als een van de eersten in 1987 in ons land house begon te draaien, probeert met Testlab zijn voortrekkersrol te behouden. Net als de andere medewerkers gekleed in een witte doktersjas vertelt De Clercq dat zijn interesse in muziek de laatste jaren is verschoven. “Ik heb genoeg van four-to-the-floor-muziek: de rechttoe-rechtaan vierkwartsmaat waarbij op iedere tel een drumklap valt. Op Testlab draaien we muziek die hiervan afwijkt. En dat kan alles zijn; van funky triphop tot jungle, science fiction-jazz of easy tune.”

En liefst allemaal door elkaar. Een avondje Testlab onderscheidt zich van de meeste party's doordat allerlei stijlen aan bod komen. De vrijwillige tribalisering van de dansscene die de laatste jaren is ingetreden, lijkt hier te zijn teruggedraaid. Is Testlab dan vooral voor mensen die zich niet meer kunnen vinden in de manier waarop de house-scene zich in de tien jaar sinds haar ontstaan heeft ontwikkeld?

Wat ten eerste opvalt aan het publiek op deze zaterdagnacht is de leeftijd. Wordt de Chemistry-avond beneden in de Escape overstroomd door tieners en begin twintigers, in Testlab lijken de aanwezigen in het algemeen zo rond de dertig. Ben Part (29) uit Londen is een trouwe bezoeker. De fotograaf zegt 'een hekel aan house' te hebben. Maar, nuanceert hij, die weerzin geldt eigenlijk meer de cultuur er omheen dan de muziek zelf. “De mensen zijn zo jong en iedereen zit op ecstasy. Hier bij Testlab kan ik rustig een jus d'orange drinken, de hele nacht dansen en me de volgende dag nog goed voelen ook. Volgens mij is de muziek die hier gedraaid wordt geen XTC-muziek. Wat je beneden bij Chemistry hoort, is allemaal zo repetitief; dat vraagt om drugs. Terwijl je van jungle- of chemical beats ook kunt genieten zonder die roes.”

Tony Bakker (29), modeontwerper, komt hier ook geregeld. Maar al ontvlucht hij net als Ben Part de eenvormigheid die elders vaak heerst, Baker vindt dat de combinatie van uiteenlopende muzieksoorten soms wel wat wringt. “Het is met al die verschillende soorten muziek moeilijker om naar een hoogtepunt toe te werken. Ik kan hier niet de hele nacht op dansen.”

Testlab biedt dan ook eerder een patchwork aan muziekstijlen, die alle naast elkaar tot hun recht komen, dan dat er een 'reis' of een 'verhaal' wordt verteld zoals bij dj's die zich binnen een specifiek idioom bewegen. Het experiment staat hier op de eerste plaats. Zo worden de op de Engelse Chemical Brothers geïnspireerde chemical beats (strakke funk-ritmes met noisy stoorzenders) zonder pardon afgewisseld met een lyrisch klinkende viool gemixt met een rammelige hiphop-beat.

Dat is het werk van dj Maestro (26), vernoemd naar zijn achtergrond als klassiek violist. Want Eddy de Clercq geeft op deze maandelijkse 'club' steeds andere jonge dj's de gelegenheid zich te oefenen. De Utrechtse dj Maestro - student Theaterwetenschappen Martijn Barkhuis - experimenteert, maar wil niet 'obscuur zijn om het obscuur zijn'. Muziek kan voor hem overal vandaan komen; of hij het nu zelf maakt door ter plekke te mixen, of het zoekt in oude stoffige collecties. Zo was zijn meest recente aanwinst een doos vergeten jazzplaten, gevonden door zijn 60-jarige buurman op zolder. Voor iets nieuws moet een dj tegenwoordig soms juist terugvallen op iets heel ouds - zo blijkt.