Bosnische Serviërs mogen Brcko houden

ROME, 13 FEBR. Brcko, de omstreden stad in het noordoosten van Bosnië die de corridor beheerst tussen de twee gebieden van de Bosnische Serviërs, blijft in handen van de Serviërs. Dat besliste vandaag de arbitragecommissie die zich met de zaak bezighoudt. De Bosnische Serviërs hebben steeds gedreigd met een nieuwe oorlog als Brcko aan de moslim-Kroatische federatie in Bosnië zou worden toegewezen.

Het probleem-Brcko was het laatste nog onopgeloste territoriale conflict in Bosnië. Het vredesakkoord van Dayton bepaalde eind 1995 dat een arbitragecommissie het zou moeten oplossen. Voor de Bosnische Serviërs is de corridor van Brcko - die slechts enkele kilometers breed is - van zeer groot strategisch belang: als Brcko aan de moslims zou worden toegewezen, zou hun Servische Republiek uiteenvallen in twee niet met elkaar verbonden stukken. Bovendien zou de territoriale verbinding tussen het gebied van de Serviërs in het noorden van Bosnië en Servië (Joegoslavië) worden afgesneden.

Vorige week nog zei de vice-president van de Servische Republiek, Dragoljub Mirjanic, dat Bosnië “chaos en confrontatie” te wachten staat als Brcko door de arbitragecommissie aan de moslim-Kroatische federatie werd toegewezen. Zijn minister van Defensie zei een dag later dat in dat geval het hele Dayton-akkoord op de helling zou gaan.

De moslim-Kroatische federatie van haar kant eiste Brcko op met het argument dat de moslims voor de oorlog de grootste etnische groep vormden. Om Brcko is in de oorlog voortdurend zeer fel gevochten. De oorspronkelijke moslims en Kroaten zijn uit de stad verdreven nadat de Serviërs de stad innamen. Het afgelopen jaar hebben sommigen getracht naar Brcko terug te keren. De Serviërs hebben dat belet, in de meeste gevallen met geweld in de vorm van bomaanslagen en brandstichting. De beslissing van de door de Amerikaanse diplomaat Robert Owen geleide arbitragecommissie was vanmiddag nog niet officieel en er was daarom ook nog geen reactie uit Sarajevo. De moslims en Kroaten hebben steeds betoogd dat toewijzing van Brcko aan de Serviërs zou neerkomen op een erkenning en beloning van hun 'etnische zuivering'. (AFP)