Parlement Servië erkent eindelijk zege van de oppositie

BELGRADO, 12 FEBR. Het Servische parlement heeft gisteren de zege van de oppositiecoalitie Zajedno bij de gemeenteraadsverkiezingen van november vorig jaar erkend. Zajedno wil ondanks die zege de reeks van protestdemonstraties in het centrum van Belgrado voortzetten.

Het parlement nam op aandringen van de Servische president Slobodan Miloševic een speciale wet aan waarin de zege van Zajedno in veertien steden, waaronder Belgrado, werd erkend. De stemming werd gisteren urenlang opgehouden door obstructie van de ultra-nationalistische Radicale Partij van Vojislav Šešelj, die weliswaar tot de oppositie behoort, maar die niets moet hebben van Zajedno en die tegen de erkenning van haar verkiezingszege is. Uiteindelijk werd de wet aangenomen met 128 stemmen voor, bij één onthouding.

Zajedno won op 17 november de gemeenteraadsverkiezingen in de veertien steden. Wegens vermeende onregelmatigheden verklaarde het bewind van Miloševic echter die overwinningen ongeldig. De Europese Veiligheidsorganisatie OVSE constateerde in een onderzoek dat Zajedno de overwinning moest worden toegewezen. Zajedno heeft in Belgrado meer dan tachtig dagen lang massaal gedemonstreerd om het bewind te dwingen met die uitspraak in te stemmen.

Hoewel dat nu eindelijk is gebeurd, wil Zajedno blijven doorgaan met de dagelijkse demonstraties, om vanaf nu te ijveren voor wat Zajedno-leider Zoran Djindjic noemde “de bevrijding van de media”. De oppositie eist persvrijheid en afschaffing van de censuur. “Servië zal niet kalmeren tot de regering wordt gewijzigd. De verkiezingsroof is slechts het topje van de ijsberg, waaronder veel problemen schuilgaan”, zo zei hij gisteren.

Het Servische parlement stemde in zijn zitting van gisteravond ook in met wijzigingen van de regering van Servië. In vergelijking met de vorige regering zijn een vice-premier en zes ministers vervangen. De belangrijkste wijziging was de benoeming van Milan Beko, die als leider van een nieuw ministerie de privatisering van de enorme verlieslijdende staatssector van de economie moet gaan organiseren. Een andere benoeming was die van Radmila Milentijevic tot minister van informatie. Zij geldt als een vertrouwelinge van Miloševic. Ze volgt Aleksandar Tijanic op, die eind vorig jaar was afgetreden uit protest tegen de beperkingen van de persvrijheid door het regime.

Het parlement - althans: de regerende socialistische partij van Miloševic - stootte gisteren ook de vertrekkende burgemeester van Belgrado, Nebojša Covic, uit. Covic werd in januari al uit de socialistische partij gestoten, toen hij partij koos voor Zajedno. Gisteren nam het parlement een verklaring aan waarin werd “geconstateerd” dat Covic geen parlementariër meer is. De voorzitter van het parlement verbood hem een verklaring af te leggen en Covic verliet onverrichterzake het parlementsgebouw. Hij wordt als burgemester overigens opgevolgd door Zoran Djindjic. (Reuter, AP, AFP)