Vraag naar reageerbuisbevruchting stabiel

ROTTERDAM, 11 FEBR. De behoefte aan in-vitrofertilisatie (IVF) is de komende tien jaar sterk afhankelijk van de leeftijd waarop vrouwen hun kinderen willen. Door preventie van de besmetting met de seksueel overdraagbare Chlamydia-bacterie kan de vraag naar IVF afnemen.

Het aantal van ongeveer 10.000 IVF-behandelcycli dat momenteel normaal is, zal het komende decennium waarschijnlijk oplopen tot 12.000, maar variaties tussen 6.500 en 18.000 zijn mogelijk. IVF-behandelingen zouden voorlopig beperkt moeten blijven tot vrouwen tot onder de veertig jaar. Draagmoederschap, waar IVF-centra momenteel niet aan mee mogen werken, zou toegestaan kunnen worden als zaad- en eicel van de toekomstige ouders afkomstig zijn. Ingevroren embryo's moeten een maximum-bewaartermijn krijgen en de zeggenschap over bewaarde embryo's en eicel- en zaaddonaties moet wettelijk worden vastgelegd.

Dit schrijft een commissie van de Gezondheidsraad in een advies over het Planningsbesluit IVF aan minister Borst (Volksgezondheid). Het planningsbesluit IVF is een ministerieel besluit waarin aantal IVF-behandelingen, de toegestane indicaties en behandelingen en de ziekenhuizen die IVF mogen uitvoeren zijn vastgesteld. De commissie onder voorzitterschap van de hoogleraar in de gynaecologie dr.J.W. Wladimiroff oordeelt dat de huidige twaalf behandelcentra voldoende zijn om ook in de toekomst aan de vraag te voldoen. De commissie pleit voor meer wetenschappelijk onderzoek naar de effecten van IVF. Bij een aantal oorzaken van onvruchtbaarheid is nauwelijks te zeggen dat IVF de kans op een kind vergroot. Ook is te weinig bekend over het lot van kinderen die uit een IVF-zwangerschap zijn geboren.

De commissie beperkt zich niet alleen tot technische adviezen over IVF-behandelingen, maar dringt erop aan dat de oorzaken waardoor vrouwen besluiten na hun dertigste kinderen te krijgen zouden moeten worden weggenomen. De commissie bemoeit zich met de leeftijdskwestie omdat “vrouwen boven de 35 jaar een aanzienlijk grotere kans lopen op IVF aangewezen te zijn om hun kinderwens vervuld te krijgen dan vrouwen jonger dan dertig jaar.” Een kind op hogere leeftijd betekent bovendien een verhoogd risico op zwangerschapsproblemen en complicaties tijdens de bevalling.

Paren moeten tegenwoordig, afhankelijk van de indicatie, twee tot vier jaar ongewenst kinderloos zijn, voor de behandelcentra tot IVF mogen overgaan. Veel centra behandelen echter eerder als de vrouw ouder dan 35 of 37 jaar is.

De thans in Nederland gehanteerde leeftijdsgrens van 40 jaar moet volgens de commissie voorlopig uit praktisch oogpunt gehandhaafd blijven. Boven de 40 jaar is de vruchtbaarheid van een vrouw meestal zover teruggelopen dat de kans op een kind na IVF erg klein wordt. Het zou mooi zijn, vindt de commissie, als bij een vrouw de kans op een kind individueel kan worden bepaald. In dat geval zou de leeftijdsgrens omhoog kunnen voor vrouwen met een redelijke kans op een doorgaande zwangerschap. Voor nog oudere vrouwen, boven de 45 jaar, is er nog zoveel onduidelijk rond verloskundige risico's dat een zwangerschap bij hen voorlopig als experimenteel moet worden beschouwd. Naar de medische risico's moet wetenschappelijk onderzoek plaatsvinden.

De kans op een zwangerschap door IVF is, per gestarte behandelcyclus, in de Nederlandse centra momenteel 15 tot 20 procent. Per drie cycli, het aantal dat in Nederland door verzekeraars wordt vergoed, is de kans om 'een baby mee naar huis te nemen' 32 tot 39 procent. Twee op de drie vrouwen die aan IVF begint krijgt uiteindelijk geen kind.

De commissie vindt dat artsen mogen beoordelen of een toekomstig kind van een oudere vrouw 'ernstig in zijn belangen wordt geschaad' (door geboren te worden). Het is echter eerder aan de huisarts dan aan de IVF-specialist om te beoordelen of de medische hulp bij de voortplanting (IVF) voor het komende kind sociaal, psychologisch of maatschappelijk onverantwoord is.

Preventie van chlamydia, een seksueel overdraagbare aandoening die tot ernstig verminderde vruchtbaarheid kan leiden, kan de vraag naar IVF doen afnemen, schrijft de commissie. Jaarlijks vinden 60.000 nieuwe chlamydia-infecties plaats, merendeels bij jonge vrouwen. Naar schatting tweeduizend van hen krijgen eileiderafwijkingen die onvruchtbaarheid kunnen veroorzaken.