Terpstra: Zilveren Kruis in de fout

DEN HAAG, 11 FEBR. Staatssecretaris Terpstra (Welzijn) meent dat het Zilveren Kruis ten onrechte heeft geweigerd een 'persoonsgebonden budget' toe te kennen aan een patiënt.

Dit deed de zorgverzekeraar omdat het 'persoonsgebonden budget' in dit geval hoger uitviel dan de gemiddelde kosten van een verpleeghuis. De rechtbank in Haarlem stelde Zilveren Kruis eerder in het gelijk.

Terpstra schrijft nu in antwoord op vragen uit de Tweede Kamer dat zij het “ongewenst acht” dat budgetten die hoger uitvallen dan de gemiddelde kosten “op voorhand van toekenning worden uitgesloten”. “Het persoonsgebonden budget is immers nadrukkelijk bedoeld om tegemoet te komen aan de individuele behoefte”, aldus de staatssecretaris. “Budgetten zullen dus soms hoger, soms lager uitvallen” dan de gemiddelde kosten van een standaard-voorziening.

Het 'persoonsgebonden budget' is twee jaar geleden ingevoerd voor langdurig zieken en gehandicapten. Zij krijgen geld waarmee ze zelf kunnen beslissen welke instantie hun de verpleging, verzorging of huishoudelijke hulp levert. Dat kunnen ook particuliere bureaus zijn.

Zorgverzekeraars mogen wel een financiële afweging maken, aldus Terpstra, maar de subsidieregeling bepaalt slechts dat “de verzekerde niet in aanmerking komt voor een persoonsgebonden budget indien de kosten daarvan ten opzichte van de kosten van opname in een instelling (...) niet verantwoord zijn”. In dit geval was daarvan geen sprake.

Terpstra heeft de Ziekenfondsraad verzocht deze bepaling nog eens “nadrukkelijk” aan de zorgverzekeraars duidelijk te maken. Ook moet de raad ervoor zorgen dat de verzekeraars de subsidieregeling “eenduidig” interpreteren.