Ruimteveer Discovery renoveert 'glamourtelescoop' Hubble

UTRECHT, 11 FEBR. Het Amerikaanse ruimteveer Discovery is vanmorgen even voor tien uur vertrokken voor een vlucht van elf dagen naar de Hubble Space Telescope. In de komende dagen moeten de astronauten twee van de vier grote waarnemingsinstrumenten en een aantal boordinstrumenten van de ruimtetelescoop vervangen. Deze keer is het niet - zoals tijdens de eerste vlucht - dringend noodzakelijk dat dit gebeurt, omdat de ruimtelescoop niet goed functioneert. De huidige Discovery-vlucht is een renovatievlucht.

Het belangrijkste doel van de eerste vlucht naar de Hubble Space Telescope, in december 1993 met de Endeavour, was het instrument te voorzien van correctie-optiek, COSTAR geheten, die de telescoop weer scherpe beelden moest laten geven. Kort na de lancering van de ruimtetelescoop, in april 1990, was namelijk ontdekt dat de beelden die de telescoop van ruim twee miljard dollar naar de aarde zond, veel minder scherp waren dan wat mogelijk moest zijn. Het euvel bleek het gevolg van een vormfout in de hoofdspiegel, ontstaan tijdens het slijpen en polijsten op aarde.

Na de spectaculaire en volledig geslaagde reparatievlucht heeft Hubble vrijwel probleemloos gewerkt en met zijn haarscherpe beelden belangrijke bijdragen geleverd op talloze gebieden van de sterrenkunde: van het onderzoek aan planeten en sterren tot de verkenning van de verste uithoeken van het heelal. Het Europese ruimte-agentschap ESA heeft één van de hoofdinstrumenten van de telescoop geleverd - de Faint Object Camera - en twee zonnepanelen en heeft als compensatie daarvoor 15 procent van de waarnemingstijd op Hubble.

Bij de bouw van Hubble in de jaren zeventig werd in de mogelijkheid voorzien de telescoop van tijd tot tijd met nieuwere instrumenten uit te rusten. Het belangrijkste doel van de huidige Discovery-vlucht is het installeren van de Space Telescope Imaging Spectrograph en de Near-Infrared Camera and Multiple-Object Spectrometer. Met het eerste instrument kan van veel hemellichamen tegelijkertijd een spectrum worden vastgelegd. Met het tweede zal Hubble voor het eerst ook waarnemingen in het 'nabije infrarood' kunnen doen - ultraviolet was reeds mogelijk. Zo zal de ruimtetelescoop veel meer kunnen zien van bijvoorbeeld het ontstaan van sterren en van sterrenstelsels.

Tijdens de eerste dag van de vlucht wordt de Discovery in de richting van de Hubble Space Telescope, op 575 kilometer hoogte, gedirigeerd. De tweede dag wordt besteed aan het testen van de robot-arm, waarmee de twaalf ton zware telescoop tijdens de derde dag van de vlucht in het laadruim van de Discovery wordt getrokken. Tijdens de vierde dag worden de twee genoemde instrumenten geplaatst en moeten twee andere instrumenten het veld ruimen: de Goddard High Resolution Spectrograph en de Faint Object Spectrograph. Zij gaan terug naar de aarde.

In de daaropvolgende dagen worden enkele boordinstrumenten vernieuwd. Een van de drie 'ster-sensoren' wordt vervangen door een nieuw exemplaar, waarmee de telescoop zich nog nauwkeuriger op zijn waarnemingsobjecten kan richten. Verder wordt een van de twee taperecorders vervangen door een moderne solid state recorder, die een tien maal zo grote opslagcapaciteit heeft. Een tenslotte wordt een onderdeel van de zonnepanelen vervangen en wordt een van de magnetometers gerepareerd waarmee de Hubble zich op het magnetische veld van de aarde oriënteert.

In de komende week wordt de ruimtetelescoop ook in een iets hogere baan gebracht. De afgelopen jaren is de telescoop als gevolg van de uiterst geringe weerstand van de hogere atmosfeer 35 kilometer gezakt. Hoewel er geen gevaar voor neerstorten bestaat, zal de daling in de komende jaren sterker worden doordat de activiteit van de zon gaat toenemen. De atmosfeer van de aarde zet daardoor iets uit en veroorzaakt op grote hoogte wat meer weerstand. Daarom wil men de Hubble-telescoop vóór het volgende bezoek, in 1999, alvast een stukje omhoog brengen. Het is de bedoeling dat Hubble tot minstens het jaar 2005 in bedrijf blijft.

Het tijdschema van de komende werkzaamheden aan Hubble is zodanig gepland, dat de Amerikanen ze in prime time op de televisie kunnen volgen. Sommige astronomen zullen zich dus weer ergeren aan de (te) grote aandacht die deze 'glamourtelescoop' krijgt. Want zo wordt verdoezeld dat ook dit peperdure paradepaardje van de NASA en het Space Telescope Science Institute zijn beperkingen heeft. Met zijn spiegel van 2,4 meter diameter is Hubble in feite maar een bescheiden instrument: op aarde zijn al telescopen met een spiegel van 10 meter diameter die ongeveer tien keer minder kosten. En ook de veel geroemde detailscherpte is nu bij sommige waarnemingen op aarde bereikbaar. En in geval van echte problemen is de ruimtetelescoop opeens wel erg ver verwijderd van de astronomen en technici op aarde. Belangrijk bij de Hubble is dat deze altijd scherpe beelden levert, doordat hij boven de atmosfeer zit.