Huppen en bellen blazen bij brave rockgroep Nada Surf

Concert: Nada Surf. Gehoord: 10/2 Nighttown, Rotterdam. Herhaling: 12/2 Vera, Groningen, 13/2 Tivoli, Utrecht, 14/2 Effenaar, Eindhoven.

De bassist kon zijn bezorgdheid bijna niet meer de baas. “Alsjeblieft,” smeekte hij, “willen jullie niet meer van het podium af duiken? Ik kan me niet op mijn spel concentreren, want ik ben zo bang dat iemand zich bezeert!”

Zo braaf en ongevaarlijk als het New-Yorkse trio Nada Surf is er zelden een rockgroep geweest. Sterker nog, er was een tijd dat zoveel tuttigheid in tegenspraak werd geacht met het ware rock 'n' roll-gevoel. Die tijd is voorbij sinds de groep Weezer het imago van voorbeeldige nerds cultiveerde, om in minder dan geen tijd rijk en beroemd te worden met frisgeboende gitaarpopliedjes.

Nada Surf is Weezer in het kwadraat: zelfs de Buddy Holly-bril van zanger en gitarist Matthew Caws lijkt aangemeten om de groep het aanzicht te geven van de sukkels van de klas en de liefjes van de meester. Ze bespelen elektrische gitaren omdat het zo hoort bij een rockgroep, maar de drummer is verreweg de wildste en ook de beste instrumentalist van het drietal.

De nummers van het debuutalbum High/Low zijn geen muzikale hoogstandjes. Ze voldoen hooguit om het publiek aan het huppelen te krijgen. Eén liedje springt eruit. Dankzij het aanstekelijke Popular is Nada Surf een one hit wonder en kwamen er frisse jongens en meisjes naar Nighttown om op de voorste rijen bellen te blazen en sterretjes af te steken.

Het stuwende Popular is nauwelijks representatief voor de rest van het nogal saaie repertoire. Door Caws' zenuwachtige parlando is het een opvallend nummer dat herinnert aan de gloriedagen van de Talking Heads. De tekst werd overgenomen uit een boekje over gedragsregels voor tieners uit de jaren zestig. Caws kon niet nadrukkelijk genoeg zeggen dat we juist het tegenovergestelde moesten denken van wat hij in 'our sarcastic song' beweerde.

Toch paste de rol van het naar de goedkeuring van zijn klasgenoten snakkende sulletje hem beter dan die van ruige rocker. Hij stond behoedzaam te swingen achter de microfoon, alsof hij de jonge John Lennon wilde zijn, maar dan wel zonder kreuken in zijn broek.

Gevraagd naar hun invloeden, schermt Nada Surf graag met het feit dat ze The Stooges van Iggy Pop bewonderen. Daarvan is in hun muziek bedroevend weinig terug te vinden. Bas en gitaar volgden slaafs dezelfde patronen en in vijf kwartier werd er geen onvoorspelbare noot gespeeld of gezongen.

Des te opmerkelijker was het, dat Caws uitgerekend een couplet citeerde uit het grimmige Love will tear us apart van Joy Division. Als Nada Surf ooit nog eens zo dreigend en magisch wil klinken als die underground-klassieker, zullen ze op zoek moeten naar de donkere kanten van hun eendimensionale gebruiksmuziek.