Na verbaal geweld meer kans op dollar-interventies

AMSTERDAM, 10 FEBR. Zo is het wel genoeg, luidde bondig samengevat de boodschap die de ministers van Financiën en de centrale-bankiers van de zeven grootste industrielanden (G7) dit weekeinde in Berlijn gaven aan de financiële markten. De dollar, die in april 1995 nog een dieptepunt bereikte van 1,51 gulden en 80 yen, is op de weg terug.

Recentelijk is de Amerikaanse munt zelfs in een stroomversnelling geraakt. Eind vorige week noteerde de dollar boven 124 yen, en meer dan 1,88 gulden.

De grote drie van de G7 hebben alle hun redenen om de dollarkoers een halt toe te roepen. Japan verwelkomt een zwakkere yen tegen de dollar, maar vreest onder meer, indien de dollar doorstijgt, zijn extreem lage rente van 0,5 procent op te moeten schroeven. Dat kan verstrekkende gevolgen hebben voor de moeizaam herstellende Japanse economie, en bovenal voor de financiële sector.

Ook Duitsland verwelkomt een sterke dollar, die de exportsector een belangrijke impuls kan geven en de recordwerkloosheid kan helpen verminderen. Maar er komt een moment dat de hogere dollar via de invoerprijzen de inflatie aanjaagt en noopt tot een krapper monetair beleid of oplopende rente op de kapitaalmarkt. Dat is in 1997 in Europees politiek verband niet wenselijk, omdat de Duitse rente de bodem vormt voor de tarieven in Europa, en de partnerlanden die zich willen kwalificeren voor de muntunie met hun rentes mee omhoog zullen moeten gaan.

De VS verwelkomden een hogere dollar, vooral omdat die via lagere invoerprijzen de inflatie kan dempen die opkruipt nu de economie zich in het zesde expansiejaar bevindt. De dollar kan zo datgene doen dat anders met een renteverhoging door de Amerikaanse centrale banken moet worden bewerkstelligd. Maar producenten, met name van auto's, klagen nu al over het verlies aan internationale concurrentiekracht omdat Amerikaanse auto's in het buitenland te duur worden - of buitenlandse auto's in de VS te goedkoop.

Na het verbale geweld in Berlijn viel de koers van de dollar vanmorgen op de valutamarkten licht terug tot 1,86 gulden en 123 yen. De vraag is of er een duurzaam effect zal uitgaan van de dit weekeinde uitgesproken eensgezinde politieke visie op de Amerikaanse munt. Een kwestie die daarmee direct samenhangt is of er een internationale evenwichtskoers bestaat voor de dollar. Op basis van de historische ontwikkeling van de consumentenprijzen zou de evenwichtkoers tussen dollar en gulden (via de Duitse mark) nu in de buurt van 2 gulden moeten liggen. Berekeningen op de valutamarkt waren er de laatste jaren juist op gericht om een veel lagere dollarkoers te verklaren, bijvoorbeeld op basis van uitvoerprijzen, loonkosten per eenheid produkt, of een prijspeil gecorrigeerd voor bewegingen in de betalingsbalans. Het resultaat is dat elk pleidooi voor welke dollarkoers dan ook tussen 1,50 gulden en 2 gulden verdedigbaar is geworden, en tegelijkertijd vatbaar is voor kritiek.

De beste verklaring voor de hoogte van de dollarkoers is op deze manier die verklaring waar op de valutamarkt op dit moment de meeste waarde aan wordt gehecht. Dat is het verschil in economische kracht tussen de stevig groeiende economie van de VS enerzijds en de kwakkelende economieën van Duitsland en Japan anderzijds. Op basis van die visie kan de dollar nog wel even door omhoog.

Duitsland rapporteerde juist vorige week een recordwerkloosheid, Japan kampt met het dilemma tussen het aanjagen van de economie door het verder laten oplopen van de hoge tekorten op de begroting en een verdere verslechtering van de financiën die de economie op termijn in gevaar kan brengen.

Niet dat deze verklaring veel hout snijdt: twee jaar geleden, toen de dollar ongemeen zwak was, groeide de economie van de VS even hard als nu, en zaten Duitsland en Japan in nog grotere problemen dan nu. Maar de markt gelooft er blijkbaar in, en maakt zijn eigen verwachtingen waar. Dat aan deze verklaring voor de oplopende dollar zoveel waarde wordt gehecht tekent de onzekerheid van de markt over zijn eigen gelijk.

Dit maakt de valutamarkt vatbaar voor toegepaste psychologie van hogerhand. Na het politieke signaal uit Berlijn dat de dollar nu wel hoog genoeg is, zullen veel spelers op de valutamarkt langzamerhand rekening gaan houden met gezamenlijke interventies door de centrale banken van de G7.