'Gedragscode handel in medicijnen nodig'

ROTTERDAM, 10 FEBR. De Nederlandse overheid en het bedrijfsleven moeten een gedragscode opstellen voor de internationale handel in grondstoffen voor medicijnen als blijkt dat Europese regelgeving nog lang op zich laat wachten.

Dit zegt het Tweede-Kamerlid J.M. Verspaget (PvdA) in een reactie op een artikel in deze krant van zaterdag over de leverantie van vergiftigde glycerine aan Haïti via het Nederlandse bedrijf Vos BV. In Haïti kwamen vorig jaar zestig tot tachtig kinderen om het leven na gebruik van een paracetamolsiroop die met de glycerine was gemaakt. Uit documenten van de door Haïti te hulp geroepen Amerikaanse Food and Drugs Administration (FDA) bleek dat Vos BV de vaten glycerine van etiketten voorzag, waaruit moest blijken dat de grondstof geschikt was voor medicijnen. Het bedrijf baseerde zich op via tussenhandelaren verstrekte analyse-certificaten, waarop naam van een laboratorium en handtekening ontbraken.

Volgens Verspaget zouden overheid en bedrijfsleven tot een gedragscode kunnen komen naar het voorbeeld van de milieu-convenanten. “We moeten met het bedrijfsleven creatief naar mogelijkheden zoeken.”

Een woordvoerder van het Ministerie van Volksgezondheid zei vanmorgen dat het nog jaren kan duren voor er op EU-niveau regels zijn voor de handel in medische grondstoffen. In Brussel wordt pas sinds kort gekeken naar de mogelijkheid voor een Europese richtlijn. Hierin gaat het volgens de woordvoerder om een vergunningstelsel voor handelaren naar het voorbeeld van de medicijnenhandel. Daarnaast zouden erkende beginselen als Good Manufacturing Practice en Good Distribution Practice erin moeten worden opgenomen. De richtlijn moet zich ook uitstrekken tot import en export naar derde landen. Minister Borst (Volksgezondheid) zei in oktober op Kamervragen zich “positief” op te stellen om tot Europese en internationale regels te komen. Volgens Verspaget moet Nederland zich als fungerend EU-voorzitter inspannen om haast te maken. Een tweede reeks door haar op 23 december gestelde schriftelijke vragen zijn na de geldende termijn van 6 weken nog niet beantwoord.