Extra geld van Melkert voor bijzondere bijstand

DEN HAAG, 10 FEBR. Minister Melkert (Sociale Zaken) is bereid gemeenten meer geld te geven voor bijzondere bijstand. Deze gemeentelijke uitkering is bedoeld voor incidentele inkomenssteun aan mensen met een minimuminkomen.

Vorige week bleek uit gesprekken tussen Tweede Kamer en mensen die bij de uitvoering van de bijstand zijn betrokken, dat gemeenten de bijzondere bijstand voor structurele inkomensondersteuning gebruiken. Melkert vat dit op als een signaal dat het budget van jaarlijks driehonderd miljoen gulden voor deze vorm van inkomenssteun ontoereikend is. “Als blijkt dat we tekort komen (...) dan moet het rijk natuurlijk wel over de brug komen”, zei de bewindsman gisteren voor de televisie.

Melkert gaf geen indicatie van het bedrag dat hij aan het bijzondere bijstandsbudget wil toevoegen. In april bespreekt hij met het kabinet verschillende wensen van de Tweede Kamer om specifieke groepen met een minimuminkomen tegemoet te komen. Het gaat onder meer om eenoudergezinnen, ouderen en langdurig werklozen.

De Tweede-Kamerfracties van PvdA, D66 en GroenLinks geven er de voorkeur aan deze groepen niet met de bijzondere bijstand tegemoet te komen. Zij bepleiten verhoging van de algemene bijstandsuitkeringen. Melkert voelt daar echter niets voor. Hij vreest dat daardoor de afstand tussen uitkering en loon te gering wordt, waardoor de motivatie van mensen in de bijstand om te gaan werken vermindert. Een tweede reden waarom Melkert minima via de bijzondere bijstand aan extra inkomen wil helpen is dat deze regeling geldt voor iedereen met een minimuminkomen, dus ook mensen die werken en ouderen.

Tot voor kort bestond bij politici de indruk dat de gemeenten het grootste deel van hun budget voor bijzondere bijstand overhielden. De verklaring daarvoor was dat mensen die er recht op hadden, uit gêne niet om steun zouden vragen. Uit een driedaags gesprek tussen Kamer en medewerkers en directeuren van de sociale diensten, wethouders en uitkeringsgerechtigden bleek dat bijstandgerechtigden de weg naar de sociale dienst wel degelijk weten te vinden. De diensten klaagden daarbij hun nood over de geringe financiële ruimte die ze hebben.