Berlioz bedwelmt bij Rattle en zijn Rotterdammers

Concert: Rotterdams Philharmonisch Orkest o.l.v. Sir Simon Rattle. Programma: R. Wagner: Vorspiel Parsifal; R. Strauss: Metamorphosen; H. Berlioz: Symphonie fantastique. Gehoord: 8/2 De Doelen Rotterdam. Herhalingen: 11/2 Amsterdam; 14/2 Rotterdam, rechtstreeks op Radio 4.

Zowel binnen als buiten het Muziektheater zijn deze week de graal- en speer-motieven uit de veelgeprezen Parsifal-produktie van de Nederlandse Opera te horen. Tussen de opvoeringen van Wagners 'Bühnenweihfestspiel' door geven dirigent Simon Rattle en het Rotterdams Philharmonisch Orkest concerten waarbij op het Parsifal-voorspel niet de gelijknamige opera volgt, maar de Metamorphosen van Richard Strauss en Berlioz' Symphonie fantastique.

Sir Simon Rattle is een veel gevraagd dirigent, maar hij richt zich eerst en vooral op zijn muziekdirecteurschap van het City of Birmingham Symphony Orchestra. Anders dan veel van zijn collega's, die met hun gastdirigentschappen pronken als militairen met hun onderscheidingstekens, is Rattle hierin uitgesproken terughoudend. Slechts enkele orkesten wisten hem als gastdirigent te strikken. Het Rotterdams Philharmonisch Orkest was in het begin van de jaren tachtig één van hen.

De Rotterdammers mogen zich gelukkig prijzen dat de Engelse dirigent nog altijd een voorliefde voor hen heeft, want het gezegde 'met wie men verkeert wordt men geëerd' geldt in het bijzonder voor het werken met Rattle. Het is immers meer de roep van Rattle dan het uitblinkende orkestspel waardoor het City of Birmingham Symphony Orchestra wereldwijd figureert in de series met wereldberoemde orkesten.

Dat de programmeurs van de serie Orkesten van Wereldklasse in de Doelen ditmaal hun huisorkest lieten optreden ligt in het verlengde hiervan. Weliswaar werd door de leden van het Rotterdams Philharmonisch Orkest beeldend en bevlogen gemusiceerd, maar 'wereldklasse' was zaterdag toch een wat al te pretentieuze kwalificatie. De details in de Metamorphosen en de Symphonie fantastique waren daarvoor net te weinig gepolijst.

Rattle trok in het Voorspel tot de eerste akte van Parsifal brede lijnen van motief tot motief. Het sobere, open spel van de strijkers preambuleerde prachtig op de thema's van het koper. In Strauss' Metamorphosen, waarin de neo-klassieke Strauss eer betuigde aan zowel Wagners Tristan-chromatiek als Beethovens Eroica, bleven de blazers achterwege. Vanuit een laag geregistreerd en kamermuzikaal begin liet Rattle de 23 solostrijkers een emotioneel geladen spanningsboog van orkestrale allure ontvouwen. Het wegniezen van het berustende slotakkoord voor het goed en wel was neergezet irriteerde Rattle zichtbaar.

In de Symphonie fantastique ligt bij Simon Rattle niet zozeer het accent op de schildering van de abstruse, gekwelde en perverse kunstenaarsziel, maar is Berlioz' programmatische compositie in de eerste plaats een orgie van kleur en klank. Zwierige drie-kwartsmaten in Un bal, speels echoënde houtblazers in de Scène aux champs, dreigend koper in de Marche au supplice en vreugdedronken toeters in de Songe d'une nuit de sabbat maken van deze uitvoering een bedwelmend feest.