Wethouder mag blijven ondanks grondtransactie

IJSSELSTEIN, 8 FEBR. De gemeenteraad van IJsselstein heeft gisternacht voorlopig het vertrouwen uitgesproken in wethouder J. Schouten (RPF). De wethouder was als particulier betrokken bij een grondtransactie met de gemeente die door de provincie Utrecht was afgewezen.

De omstreden transactie betreft een kavel van achthonderd vierkante meter in de nieuwbouwlocatie Zenderpark. Schouten kwam met B en W tot een akkoord, waarbij hij naast een grondprijs tevens het recht kreeg op de bouw van acht woningen. Gedeputeerde Staten oordeelden dat het verleende bouwrecht te royaal was en dreigden met een veto. Na een briefwisseling van een half jaar besloot Schouten begin dit jaar de overeenkomst te ontbinden.

Volgens burgemeester T. Wijte was de procedure zorgvuldig verlopen en was het principe van gelijke behandeling gehandhaafd. Hij beschuldigde de provincie van machtsmisbruik. Die zou alleen bij de verkoop van gemeentegrond aan een raadslid bevoegd zijn tot eventuele blokkade, maar dat zou niet gelden voor het verlenen van bouwrechten.

VVD en PvdA hadden grote twijfels over de transactie. VVD-fractieleider A. van Roo verbaasde zich over de procedure en de uiteenlopende lezingen van B en W en de provincie. PvdA-woordvoerder M. Overkamp-Van den Berg verweet Schouten misbruik van zijn positie. Bij de collegepartijen CDA en D66 was dat reden om, met steun van GroenLinks, een motie van afkeuring jegens de PvdA-fractie aan te nemen. Volgens GroenLinks waren VVD en PvdA alleen maar uit op een 'beschadigingsactie'.

Wethouder Schouten bestrijdt dat er is gesjoemeld. “Ik had met het college afgesproken dat ik niet bij de onderhandelingen zou zitten en dat het college een bod zou doen. Ik hechtte aan een gelijke behandeling.” Volgens Schouten heeft hij geen voordeel behaald.

Een woordvoerder van de provincie verklaart dat GS krachtens de Gemeentewet en het Nieuw Burgerlijk Wetboek goedkeuring moeten verlenen aan zogenoemde 'verboden handelingen', transacties tussen een gemeente en een raadslid. Hij schat dat het landelijk jaarlijks om zo'n vier-à vijfhonderd contracten gaat. In vijf tot tien gevallen wordt goedkeuring geweigerd.