Clinton mikt zelfs op begrotingsoverschot

WASHINGTON, 8 FEBR. Eerst was de totale terugdringing van het Amerikaanse begrotingstekort hèt grote politieke agendapunt van de Republikeinen.

Toen sloot president Clinton zich in het verkiezingsjaar bij die populaire doelstelling aan. En deze week heeft de herkozen Democratische president het Congres zowaar een begroting gepresenteerd die een overschot belooft in het jaar 2002. Tegelijk ziet hij ook nog kans de belastingen voor de middenklasse te verlagen en de uitgaven voor onderwijs te verhogen.

Dat zonnige scenario is erop gebaseerd dat de voorspoedige ontwikkeling van de Amerikaanse economie nog vijf jaar aanhoudt. Mocht zich onverhoopt een recessie aandienen, zo geeft Clintons begrotingsdirecteur Franklin Delano Raines toe, dan zal het tekort toch langer voortduren.

De afgelopen vier jaar heeft Clinton zeker de economische wind in de rug gehad, of, zoals hij zelf liever zegt, zijn economische aanpak heeft vruchten afgeworpen. Het aantal banen is gegroeid met 11 miljoen, de werkloosheid is laag (5,3%) en de economische groei bedroeg gemiddeld 2,6% - niet een spectaculaire groei, maar volgens economen net een goed niveau om de inflatie in toom te houden.

Maar critici van de regering vinden het onverantwoord erop te rekenen dat een economische neergang nog vijf jaar uitblijft. Het zou de langste periode van ononderbroken economische groei zijn sinds men aan het begin van deze eeuw daarover gegevens begon bij te houden.

Een extra onzekerheid is het feit dat Clinton meer dan driekwart van de bezuinigingen die hij nodig heeft om de boeken kloppend te maken, pas in de jaren 2001 en 2002 in werking laat treden - dat wil zeggen: als hij zelf niet meer in functie is. Voor presidentskandidaten in het jaar 2000 zou de verleiding om allerlei kostbare beloften te doen wel eens groter kunnen zijn dan hun trouw aan Clintons zorgvuldige uitgestippelde begrotingsplan.

De Republikeinen, die in beide huizen van het Congres een meerderheid hebben, willen een harde garantie dat het echt afgelopen is met de begrotingstekorten, wat er ook gebeurt met de economie, en wie het ook voor het zeggen krijgt in het Witte Huis of op Capitol Hill. Daarom brengen ze de komende weken een voorstel in stemming om een amendement in de grondwet op te nemen, dat begrotingstekorten gewoonweg verbiedt. Het amendement zou tot in lengte van dagen een dwangbuis zijn voor regering en Congres, die zich immers zelden op vrijwillige basis lange tijd aan begrotingsdiscipline onderwerpen. Gretig hebben de Republikeinen dat plan voor een amendement - waar Clinton fel tegen gekant is - omarmd als een nieuwe missie. Het verzet van de Democraten bewijst, zo stellen ze, dat hun pleidooien voor een evenwichtige begroting holle praat zijn. Zonder een grondwettelijk verbod zullen de tekorten op den duur toch weer oplopen.

Weinig specialisten betwisten dat. Ondanks zijn uitspraak, dinsdag in de State of the Union, dat hij gekozen is om samen met het Congres pijnlijke beslissingen te nemen, heeft Clinton in zijn begroting geen oplossing gegeven voor de moeilijkste begrotingsproblemen - zoals de explosief groeiende kosten van Medicare, de ziektekostenverzekering voor ouderen. Ook hoe de oudedagsvoorziening Social Security gefinancierd moet worden als zijn eigen generatie met pensioen gaat, heeft Clinton nog in het midden gelaten. Maar of een amendement bij de grondwet wel een verstandige oplossing is wordt in brede kring betwijfeld, ook onder conservatieve economen. Niet alleen heeft Alan Greenspan, de voorzitter van de Federal Reserve (het Amerikaanse stelsel van centrale banken), ertegen gewaarschuwd de economie te reguleren met een dergelijk bot instrument. Ook The Wall Street Journal maakte deze week korte metten met het Republikeinse troetelkindje - lenen is geen zonde, schreef de krant, zoals iedereen weet die dankzij een hypotheek een huis kan kopen. Politiek zou het amendement alleen een symbolisch gebaar zijn. Economisch zou het op zijn best een afleiding van de werkelijke problemen zijn, en op zijn slechtst een riskante onderneming.

De meeste kritiek op het amendement richt zich op het effect in tijden van recessie. Belastinginkomsten van de staat vallen dan terug terwijl een groter beroep op sociale uitkeringen de uitgaven zal opstuwen. Maar omdat het de overheid wettelijk verboden een tekort op de begroting te tolereren, moet ze ofwel de belastingen verhogen ofwel de uitkeringen verminderen. In beide gevallen zou de recessie nog versterkt worden. De mogelijkheid de economie een impuls te geven die een tijdelijk tekort creeërt, zou zijn afgesloten.

Vorig jaar strandde het Republikeinse voorstel voor zo'n grondwettelijk amendement dat tekorten verbiedt in de Senaat. Maar de afgelopen verkiezingen hebben de Republikeinen hun meerderheid daar vergroot, zodat de vereiste zestig stemmen nu binnen bereik lijken. In het Huis, dat het voorstel toen aannam, begint echter enige twijfel te knagen. Als het Congres niettemin met de grondwetswijziging instemt, moet ook nog driekwart van de deelstaatparlementen zijn goedkeuring eraan verlenen. In afwachting van de strijd over het amendement hebben de Republikeinen Clintons begrotingsplan een kritisch, maat niet vernietigend onthaal gegeven. Ze noemden het een goed uitgangspunt voor onderhandelingen, en zo heeft de regering het plan waarschijnlijk ook bedoeld. Volgens de Republikeinse cijfers zou Clintons begrotingsplan in 2002 nog altijd een tekort van zo'n 50 miljard opleveren, maar dat is geen onoverbrugbaar verschil. Voorspellingen over dit soort zaken zijn immers nogal speculatief: veertien maanden geleden bijvoorbeeld werd voor het fiscale jaar 1996 nog een tekort voorspeld van 173 miljard dollar, terwijl het in werkelijkheid 66 miljard dollar lager uitpakte.

De betrekkelijk milde opstelling van de Republikeinen tegenover het begrotingsplan valt deels te verklaren uit Clintons omhelzing van hun streven naar een klopende begroting. Ook hebben de Republikeinen nooit bezwaar tegen belastingverlaging, ook al zouden ze liever een algemen verlaging zien dan Clintons aftrek voor ouder met kinderen en voor studiekosten. En bovendien zijn de Republikeinen nog niet vergeten dat het Amerikaanse publiek hen vorig jaar verantwoordelijk stelde voor de bittere begrotingsstrijd tussen Congres en Witte Huis, die uitmondde in een wekenlange sluiting van allerlei overheidsdiensten.

Een goede verstandhouding tussen Republikeinen en Democraten is echter vooral voor beide partijen van belang om een maatregel te kunnen nemen waar ze allebei voor zijn, maar waar ze geen van beide alleen verantwoordelijk voor gesteld willen worden. Al jaren blijkt het prijsindexcijfers hoger uit te vallen dan rechtvaardigd wordt door de werkelijke stijging van de kosten van levensonderhoud. Bijstelling van dat cijfer zou de automatische jaarlijkse verhoging van de ouderdomsuitkeringen beperken, en zo miljarden dollars besparen. Binnenskamer wordt er veel over gesproken, maar niet in het openbaar. Want geen van beide partijen wil gezien worden als de boosdoener die de begroting in evenwicht brengt over de ruggen van de ouderen. Alleen als samen op trekken kunnen ze deze extra “bezuiniging“ in de wacht slepen.