Sorgdrager looft juristen voor zaak Hakkelaar

DEN HAAG, 7 FEBR. Minister Sorgdrager (Justitie) heeft “veel waardering” voor de wijze waarop het personeel in het arrondissement Amsterdam zich heeft ingezet om de Octopus-zaak “tot een goed einde te brengen”.

Dat zei de minister vanochtend in een reactie op de uitspraak van de rechtbank in Amsterdam. De uitspraak in de Octopus-zaak heeft een belangrijke bijdrage geleverd aan de meningsvorming over “deals met criminelen” als middel in de aanpak van de georganiseerde misdaad, stelt minister Sorgdrager. Het feit dat er hoger beroep is aangetekend “doet daar niets aan af”, aldus de minister.

Minister Sorgdrager stelt dat het oordeel van de rechter in Amsterdam “een lange en indringende periode” afsluit die voor de Nederlandse strafrechtspraktijk van “bijzondere betekenis” is.

Volgens minister Sorgdrager hebben zowel het openbaar ministerie als de advocaten van de verdachten “de grenzen” afgetast van de mogelijkheden voor deals met criminelen. Zij bevestigen daarmee volgens Sorgdrager hun eigen rol in de rechtsvorming. “Voor deals met criminelen vormen betrouwbaarheid, openheid en zorgvuldigheid de leidraad”, aldus Sorgdrager. Zij is altijd tegenstander geweest van de introductie van de figuur van de kroongetuige in het strafproces.

Volgens minister Sorgdrager krijgt het fenomeen 'deals met criminelen' internationaal steeds meer aandacht als middel bij de bestrijding van de zware, georganiseerde misdaad. Zij stelt dat een “duidelijke normering” van opsporing en vervolging van verdachten in de wet moet zijn vastgelegd. “Dat is wat de parlementaire enquêtecommissie opsporingsmethoden heeft geleerd.” Sorgdrager wijst erop dat de uitkomst van het proces in Amsterdam zal worden betrokken bij het wetsvoorstel voor 'deals met criminelen' dat zij aan het voorbereiden is.