Moderne raadsels

Daar had tante Sjaan nou niet veel van gesnapt. Met het wegvallen van oudere familieleden en het druk rondrennen van de jongere, wordt ze zelden meer gebeld. En telefoneren doet ze zelf ook niet vaak. Ze hecht nog aan de antieke brief, die ze door teruglopend gezichtsvermogen tegenwoordig wat lukraak vormgeeft.

Het bezoek begrijpt het aanvankelijk ook niet. Want wie had een paar avonden eerder nou toch op zo'n rare manier opgebeld? Het vraagstuk laat zich langdurig overdenken, want het wordt met enige herhaling op tafel geworpen. De gebeurtenis heeft duidelijk indruk gemaakt op deze dame, die zich, zeer bewust van toenemende wazigheid, al snel tekort voelt schieten in het maatschappelijk verkeer.

“En dan vroeg ze wat, maar ik snapte niet waarover, en als ik dan toch wat zei praatte ze er opeens doorheen. Het zal wel weer aan mij gelegen hebben, maar je snapt het toch niet? Ik zeg nog, misschien bent u verkeerd verbonden, maar ze ging maar door.”

En langzaam begint het te dagen. Tante Sjaan heeft zonder het te weten, kennis gemaakt met de geautomatiseerde telefonische enquête. Zelf heb ik het twee keer meegemaakt. 's Avonds gaat de telefoon en je neemt op, jezelf beleefd voorstellend aan de andere partij. Die zegt met vers klinkende vrouwenstem afgemeten 'goedenavond', alvorens een dreigende pauze te laten vallen. Daarin zeg je wat zakkig 'hallo' terug. Dan volgt een introductie: de dame zegt je graag enige vragen te willen stellen namens dit bedrijf of dat onderzoeksbureau. Haar geluidskwaliteit is uitstekend, maar ze heeft de robot-dictie die om raadselachtige redenen in zwang is onder secretaresses die antwoordapparaten inspreken.

Je voelt het onheil al, maar stelt voor alle zekerheid toch maar een vraag. Daar wordt onaangedaan doorheen gesproken. Met verpletterende zekerheid weet je dat je bedonderd bent. Aan de andere kant van de lijn is een groot zwart gat. Ergens in een verlaten kantoorgebouw staat een vraag-en-antwoord computer te draaien. Zelfs zonder klachten te hebben over het dagelijks bestaan, voel je je er wat eenzaam door - want er hadden ook echte mensen kunnen bellen. Zouden er burgers zijn die dan hun teleurstelling wegslikken en braaf via druktoetsen antwoorden geven over hun consumentengedrag, woongenot of merkenkennis?

Tante Sjaan misschien. Als ze het allemaal begrepen had. Zo'n machine staat zijn nummers te draaien. En in een oude Rotterdamse stadswijk loopt een mevrouw moeizaam naar de telefoon, en denkt bij het horen van de vrouwenstem onwillekeurig hoe het ook al weer zat met die namen van aangetrouwde nichten. Bij mij ligt de hoorn er al snel weer op, maar de vervreemding blijft nog een tijdje hangen. Echte eenzaamheid maakt nog veel kwetsbaarder. Die tante - met een geamuseerde glimlach meldt ze dat ze tegenwoordig een beetje uitkijkt naar het periodieke tandartsbezoek, omdat ze dan weer eens wat mensen spreekt.

Nederland is een beetje gek aan het worden. En erg onbeleefd.

    • Frans van der Helm