Mason zet musici in als acteurs

In Amsterdam wordt morgen 'ChaplinOperas' vertoond van componist Benedict Mason die stomme films van Chaplin van muziek voorziet. De uitvoerenden zullen zingen, spelen, lachen, roepen, boeren en hun gedachten de vrije loop laten.

Benedict Mason - ChaplinOperas: 8/2 15 uur Concertgebouw Amsterdam. Radio: 11/2 20 uur Radio 4.

AMSTERDAM, 7 FEBR. Juni 1996, Carré, Amsterdam: een musicus beweegt door een amper verlichte concertzaal, hij kijkt in het rond, verdwijnt, uit een donkere hoek komt geluid. Een scène uit een toneelstuk? Nee, een gedeelte uit een muziekstuk.

Voor de Engelse componist Benedict Mason heeft muziek niet alleen met klank te maken en is de uitvoerende méér dan een goed getrainde musicus die ieder nootje op zijn juiste plaats weet te zetten. Mason, van wie in 1994 in Rotterdam de 'voetbalopera' Playing away werd uitgevoerd, vindt muziek een menselijke expressie in de meest omvattende zin. Zijn uitvoeringen zijn muzikaal-theatrale performances.

Tijdens de Ensemble Parade van het Holland Festival werd dat vorig jaar in Carré ondervonden door het ASKO Ensemble, het Schönberg Ensemble en het Nederlands Kamerkoor. De instudering van Masons ruimte-composities kostte hen veel inspanning. Ondanks speciale looprepetities wilde het niet vlotten en de uitvoering veroorzaakte een klein schandaal. Masons bevrijdende boodschap kwam niet over.

Mason: “In mijn composities voor een concertzaal wil ik muziek schrijven die niet zozeer door emoties bepaald wordt. De muziek is erg dun en karig gehouden om bijzondere effecten hoorbaar te maken. Ik wil het publiek stimuleren tot nieuwe waarnemingen. Muziek, waarbij de persoonlijkheid van de componist op de voorgrond staat, vind ik problematisch, een erg krachteloos emotioneel gebaar. Ik geloof dat muziek die dat probeert te vermijden van groter belang is. Ik wil niet alleen emotionele wegwijzers produceren, maar het publiek bewust maken van alle mogelijke soorten muziek.”

Zaterdagmiddag wordt in het Amsterdamse Concertgebouw weer een werk van Mason uitgevoerd: ChaplinOperas - muziek bij de zwijgende films Easy Street, The Immigrant en The Adventurer van Charlie Chaplin uit 1917. In dit surrealistische 'semi-operatic Filmspiel' moeten de leden van het Ensemble Modern zingen, spelen, praten, lachen, roepen en boeren. Ze bespelen slagwerk en speelgoed. Terwijl Chaplin op het doek zijn grappen uitvoert, hoort men klanken, gezongen of gesproken tekstfragmenten, gedachtenwisselingen met muziek van Strauss en Eisler of flarden van samba- en Weense Kaffeehaus-muziek.

Soms dwaalt de muziek af en laten de musici hun gedachten - schijnbaar, want Mason voert in zijn partituur streng de regie - de vrije loop. Op die manier vormt de muziek een virtuoze en gelijkwaardige tegenhanger van Chaplins kunst. “Mijn drie composities zijn bijna opera's met een door zangers toegevoegde woordrijke en afwisselende nevenhandeling. Het gaat mij om een vrije uitwisseling van 'bad jokes' tussen de film en de orkestbak: de musici gebruiken vaak hun stem, een 'goedgemutste, anarchistische' herrie ligt voortdurend op de loer.”

Veel van Masons werken hebben inspiratiebronnen buiten de muziek, zoals film, tekst, een muziekhistorisch onderwerp. De expressieve registers van de componist lijken onuitputtelijk. In het bonte 'plaatjesboek' Animals and the Origins of Dance (1992) worden bossanova-dansende lemuren uitgebeeld, brult een leeuw en verschijnt een eend op toneel. Zoals de partituur van Concerto for the Viola Section (1990) vermeldt, zijn de uitvoerenden in Masons scheppingen 'dramatis personae': musici en acteurs spelen, zingen, trommelen, bewegen en gesticuleren.

Hoewel Masons composities associaties met John Cage of de happenings van kunstenaars van de jaren zestig opwekken, hebben ze daarmee in hun bedoelingen weinig gemeen. Mason laat niets aan het toeval over, alle middelen zijn als structurele bestanddelen in de partituur geïntegreerd, de vaak extreem ingewikkelde composities zijn tot in het kleinste detail vastgelegd.

De componist en cineast Mason, die aan het Londense Royal College of Art een diploma als filmmaker haalde, heeft intussen veel enthousiaste aanhangers. Daaronder is ook het Ensemble Modern waarvoor Mason in 1988 de ChaplinOperas schreef. Hij werd met diverse prijzen onderscheiden, zijn werken worden op belangrijke internationale podia opgevoerd. Masons weg is echter niet makkelijk. Veel musici kunnen de ingewikkelde partituren niet aan en voelen zich als allround-kunstenaars ongeschikt. Grote concertzalen zijn niet bereid een week lang de zaal voor de nodige repetities beschikbaar te stellen.

Mason: “Omdat muziek zo sterk associaties met allerlei gemeenplaatsen opwekt is het noodzakelijk om andere labels, misschien labels buiten de muziek te vinden. Ik wil geen stukken puur om de klank maken. Ik ben geïnteresseerd in de musicus als actief menselijk wezen. Ik vind dit een tamelijk simpele uitbreiding en voortzetting van hetgeen we altijd muziek noemden.”