Ieder jaar meer verdienen

Zuid-Oost Azië is een magneet voor Europese bedrijvigheid. Dat merken niet alleen grote ondernemingen als Philips, maar ook kleinere bedrijven. De entrepreneurs Mathijs van Dijk van Van Dijk Eger Associates en Oscar Brocades Zaalberg van BPO bijvoorbeeld doen de laatste tijd veel zaken in respectievelijk Taiwan en Korea.

Van Dijk (46) runt sinds 1979 een bureau voor industrieel en grafisch ontwerp in Zeist. Er werken 45 mensen. Zeven jaar geleden ontdekte hij het buitenland als afzetmarkt. Nu komt daar al 45 procent van de omzet vandaan. “Nederland is te klein voor ons”, zegt Van Dijk. “Als we willen doorgroeien, moeten we onze kennis in het buitenland exploiteren.”

Oscar Brocades is tien jaar jonger en hij startte zijn bedrijf in Delft tien jaar later. De afgelopen vier jaar is ook hij voor de helft van zijn omzet afhankelijk geworden van het buitenland. Acht werknemers heeft BPO nu en dat zullen er spoedig meer zijn, want Brocades heeft een behoefte gecreëerd die niet te stelpen is. Hij ontwikkelt de (produkt)ideeën van anderen verder uit. Zijn klantenlijst telt roemrijke namen als Heineken, Hoogovens, Unilever en Ahrend. Voor de nieuwste Porsche en Mercedes “optimaliseerde” hij de stoelen. “Ik hoef weinig aan acquisitie te doen”, aldus Brocades.

Brocades heeft een specialisme gemaakt van het optimaliseren van produkten. Dat wil zeggen: hij maakt produkten goedkoper, veiliger, sneller of lichter. Zo ontwikkelde hij onlangs in samenwerking met Wavin voor Heineken een groen krat uit, dat 300 gram lichter is dan het traditionele gele bierkrat. Het levert Heineken een kortere produktietijd op en een enorme besparing op materiaal, en BPO (afkorting van Brocades Produkt Optimalisering) méér orders. Met 240 projecten per jaar is dit kleine bedrijfje in zijn segment wereldmarktleider. Al vier jaar op rij verdubbelt de omzet elk jaar. Per werknemer wordt nu 200.000 á 220.000 gulden omgezet. Bij Van Dijk Eger is dat ongeveer hetzelfde, al is de jaarlijkse groei daar inmiddels wat getemperd tot 10 á 20 procent.

Groei is volgens Van Dijk een voorwaarde voor overleving. “Iedereen die bij je werkt wil elk jaar méér verdienen. Om je kwaliteit vast te houden moet je daar wel op ingaan. Maar het moet gefinancierd worden. De tarieven kun je niet onbeperkt opschroeven. De concurrentie is namelijk groot. En dus is omzetgroei de enige uitweg.” Meer groei is ook nodig om te kunnen investeren in geavanceerde computerapparatuur. “En om belasting te kunnen betalen.”

Van Dijk Eger heeft inmiddels een dochteronderneming in Duitsland. “Daar is meer industrie dan hier”, verklaart directeur-eigenaar Van Dijk de stap. BPO doet veel zaken in België, Duitsland en Zwitserland. Sinds kort hebben beide ontwerpers hun aandacht echter met name op het Verre Oosten gericht.

Brocades is net terug uit Korea. “Wij gaan naar die plekken op aarde waar produktie plaatsvindt”, zegt Van Dijk. “Een land als Taiwan is net zo groot als Nederland. Er wonen 20 miljoen mensen. Maar als je ziet wat daar allemaal vandaan komt... daar word je koud van. Ze moeten het allang niet meer alleen van produktie hebben. Neem Acer, dat staat nu in de top tien van computermerken. Dat komt mede doordat de overheid het design heeft gesubsidieerd, waardoor Acer nu bij het grote publiek bekend is.”

“Dat is toch eigenlijk te gek voor woorden”, voegt Brocades toe. “Wij zijn het grootste fietsland ter wereld, maar halen onze onderdelen uit Japan.” Van Dijk, die zijn carrière in loondienst begon bij Atag-dochter Pelgrim: “En waarom zijn wij eigenlijk niet de belangrijkste fabrikant van fornuizen? We waren daar ooit héél erg goed in.”

Produktontwerpers en -ontwikkelaars hebben produktiebedrijven nodig voor hun afzet. En waar die produktie verschuift naar het Verre Oosten, verschuiven zij mee. Hun strategie is simpel: ergens héél erg goed in zijn. Zo goed, dat je een wereldspeler bent.

Volgens beide entrepreneurs zijn er in hun sector veel banen te creëren. Dat is ook nodig. Op de vier instituten voor industrieel ontwerpen die Nederland rijk is zitten nu volgens Van Dijk meer studenten dan er ooit zijn afgestudeerd. “Onze opleidingen en ideeën zijn van wereldklasse”, zegt Van Dijk. “Het gaat er nu om dat bezit te kapitaliseren. Dat kan door het denkwerk hier te doen en de produktie in het buitenland. De technologische mogelijkheden daarvoor nemen snel toe. Je kunt hier bijvoorbeeld een telefoon ontwerpen en die op Internet zetten, zodat die in China kan worden gemaakt.”

Het enige wat de entrepreneurs in hun expansiedrift ontberen is geld. “Ik zou best een toko in Taiwan willen opzetten”, zegt Van Dijk. “En ik één in Korea”, zegt Brocades. Van Dijk: “Dan praat je al gauw over een investering van vier, vijf ton.” “Ja”, zegt Brocades, “het is een hele tour om daar 20 procent van je jaaromzet voor opzij te leggen.” Minister Wijers (Economische Zaken), zo menen de beide entrepreneurs, kan zijn collega Melkert (Sociale Zaken) gemakkelijk aftroeven als banenmaker door mensen als zij “zonder rompslomp een zak geld te geven”, door de winstbelasting drastisch te verlagen en een speerpuntproject te maken van industrieel ontwerpen.

Van Dijk: “Industriële produktontwikkeling is nu net zo belangrijk voor Nederland als civiele waterbouw dat was in de Gouden Eeuw.” “Ja”, zegt Brocades. “En Nederlanders zijn daar héél sterk in. We kunnen goed om de hoek denken. Jammer dat het hier zo treurig gesteld is met het ondernemingsklimaat. Mijn beloning voor ondernemen bedraagt, na aftrek van alle kosten, 5 procent van de omzet.”

Als Wijers zijn vele goedbedoelde woorden niet gauw omzet in klinkklare munten, dan ondernemen Van Dijk en Brocades binnenkort niet meer vanuit Zeist en Delft, maar vanuit Taipeh, Seoul of Bombay. Van Dijk: “Als ze daar in Den Haag niet uitkijken wordt heel Nederland leeggezogen. Dan verdwijnt niet alleen de produktie, maar ook de hoogwaardige dienstverlening. Dan blijven hier uiteindelijk alleen Melkertbanen en sociale uitkeringen over.”

    • Frank van Empel