'Het volk' moet gaan regeren in Zuid-Afrika

KAAPSTAD, 7 FEBR. “We hebben het parlement uit het dinosaurus-tijdperk gehaald”, zegt Alf Karriem, hoofd van het kersverse Zuidafrikaanse ministerie van Publieke Educatie, over de nieuwe bestuurlijke structuur van zijn land, die deze week is ingegaan. Vol trots: “Nergens ter wereld gaat men zo ver als bij ons.”

Zuid-Afrika neemt de term democratie letterlijk, het volk zal regeren, zo luidt de filosofie van de regering-Mandela. De ambities van de jonge democratie, tot stand gekomen na de eerste vrije verkiezingen in 1994, zijn groot. Drie jaar geleden werd het oude systeem van besturen grotendeels overgenomen; Zuid-Afrika was vroeger immers ook een soort democratie, zij het alleen voor de blanke minderheid. De afgelopen jaren is hard gewerkt aan de opstelling van een nieuwe democratische grondwet, die begin deze week van kracht werd. Hierin is ook een nieuwe bestuursstructuur opgenomen.

De huidige voorzitster van de Nationale Assemblée, Frene Ginwale, beschouwt het streven naar een 'volksparlement' als hoogste vorm van bestuur, gedefinieerd in wollige termen als 'het samenbrengen van bestuurders en kiezers'. Ginwale: “Vanaf het begin hebben we gezegd dat we dat wilden, nu is het tijd om dat idee in praktijk te brengen”, maar na enig aarzelen voegt ze eraan toe: “Er is nog een lange weg te gaan.”

De meest ingrijpende wijziging betreft de opheffing van de Senaat, die is vervangen door de gisteren geïnstalleerde Nationale Raad van Provincies (NCOP). Het gaat om dezelfde mensen, van dezelfde partijen en in dezelfde Kaapse zaal, maar het idee is anders. Terwijl de Senaat de besluiten van de Assemblée controleerde en desnoods afkeurde, moet de nieuwe Raad “de provincies vertegenwoordigen om er zeker van te zijn dat met de provinciale belangen op nationaal regeringsniveau rekening wordt gehouden”, zo staat in de grondwet.

Welke de taken van de nieuwbakken 'raadsleden' precies zijn, is de meeste van hen nog niet geheel duidelijk. De ex-senatoren krijgen in workshops hun nieuwe functie uitgelegd. In principe kan de NCOP net als de Senaat wetgeving blokkeren; de regering heeft echter aan de steun van vijf van de negen provincies genoeg om haar zin te krijgen.

De oude Senaat kenmerkte zich door een niet-partijgebonden waardigheid. De Nationale Assemblée was “die andere plaats”, waar partijpolitieke ruzies werden uitgevochten, de senatoren hielden zich daar verre van. De nieuwe Raad van Provincies daarentegen zal het strijdtoneel worden van regionale controverses. Maar Patrick 'Terror' Lekota, de nieuwe voorzitter van de Raad, ziet interne wrijvingen juist als een positieve ontwikkeling. “Er zullen altijd tegenstellingen zijn tussen de Assemblée en de Raad en tussen de provincies onderling; dat is geen probleem zolang het om 'positieve tegenstellingen' gaat”, aldus Lekota gisteren bij zijn aantreden. Hij meent dat de oude Senaat veelal klakkeloos de besluiten van de Assemblée overnam en gaat ervan uit dat 'zijn' raad dat niet zal doen.

De NCOP is niet de enige bestuurlijke noviteit. Andere democratische nieuwkomers zijn: provinciale jeugdparlementen, een parlementair voorlichtingscentrum voor 'het volk' en het zogenaamde 'campagne-plan voor wetgeving': elk wetsvoorstel zal aan de betrokkenen worden voorgelegd voor inspraak. Het democratische hoogtepunt heeft aan het eind van elk jaar plaats wanneer in een grote nationale conferentie de volksvertegenwoordigers en 'leden uit de samenleving' samen zullen komen voor een 'breed overleg'.

De plannen zijn prachtig, maar slaan ze ook aan en zijn ze te betalen? Voorlopig heeft het 'volk' weinig vertrouwen in zijn politici, die in alle opzichten ver weg zijn. Kaapstad ligt in een uithoek van het land, de volksvertegenwoordigers reizen een groot deel van hun tijd en zijn, ondanks de wijdverspreide zaktelefoons, moeilijk te bereiken. De pendel van president, ministers, parlementariërs, ambtenaren en adviseurs tussen het parlement in Kaapstad, in het uiterste zuidwesten van Zuid-Afrika en de andere provincies heet in de volksmond spottend the gravy train, de jus-trein.

In de publieke opinie overheerst het idee dat de politici een goed leventje leiden en het reizen als een pleziertje ervaren. De afstand tussen de belangrijkste provincie Gauteng en Kaapstad is 1.300 à 1.400 kilometer, die naar de Noordprovicie en naar Mpumalanga nog groter. Het kost de schatkist jaarlijks een vermogen om het vervoer van alle hoogwaardigheidsbekleders van en naar Kaapstad te bekostigen. En dat terwijl de regering in de hoofdstad Pretoria zetelt, waar ook de ministeries en de ambassades zijn gevestigd en het nabijgelegen Johannesburg het industrieel-financiële centrum van Zuid-Afrika is. Kaapstad zou zijn langste tijd als parlementszetel daarom wel eens gehad kunnen hebben, Gauteng zou de nieuwe locatie moeten worden.