Grotere autonomie centrale bank Japan

TOKIO, 7 FEBR. Een adviescommissie van de Japanse minister van Financiën heeft gisteren een eindrapport uitgebracht over vergroting van de autonomie van de centrale bank. Naar verwachting zal dit voorjaar een wetsvoorstel naar het parlement gaan, zodat de maatregelen per 1 april 1998 kunnen ingaan.

Kern van het advies is het reactiveren van de raad van bestuur van de bank, die momenteel veelal als “slapend instituut” wordt aangeduid. De nieuwe raad zal bestaan uit de gouverneur, vice-gouverneurs en deskundigen uit de privé-sector. De regering kan deze leden slechts benoemen na een fiat van het parlement. Bovendien zal de regering - in de huidige praktijk het ministerie van Financiën - het recht verliezen de gouverneur bij verschil van mening naar huis te sturen.

Vooral dit recht maakte tot dusver onafhankelijk optreden van de centrale bank vrijwel onmogelijk. Wél krijgt de regering het recht twee waarnemers naar de raad te sturen die de raad kunnen vragen een beleidsbeslissing uit te stellen. Ook houdt de minister van Financiën het recht het budget van de centrale bank af te keuren.

De discussie over de autonomie en verantwoordelijkheid van de centrale bank is in Japan op gang gekomen na het uiteenspatten van de 'zeepbel' (de hausse in aandelen en grondprijzen) in 1991. Met een beschuldigende vinger is gewezen naar de centrale bank die de speculatie met een laag-rentebeleid zou hebben aangevuurd. De vaststelling van verantwoordelijkheid voor de 'zeepbel' wordt echter in hoge mate vertroebeld door het gegeven dat de centrale bank met handen en voeten is gebonden aan de wensen van het ministerie van Financiën. In de nieuwe voorstellen krijgt de centrale bank voortaan als taak opgelegd: “ontwikkeling van de nationale economie door middel van prijsstabiliteit.”

Verschillende commentatoren vinden de nieuwe voorstellen niet ver genoeg gaan. Gezien de lange geschiedenis van onderworpenheid aan Financiën - de helft van de na-oorlogse gouverneurs was ambtenaar op het ministerie - vinden zij dat formele vergroting van onafhankelijkheid niet voldoende is. Zo schrijft de Nihon Keizai Shinbun dat het vervolg op de huidige voorstellen moet bestaan uit een verandering van de mentaliteit van de centrale bank.