Een stukje in smoking getikt

Nederlandse leerkrachten op een islamitische basisschool, daar zou ik alles van willen weten.

De vrouwen worden vaak verplicht om hoofddoek en djellaba te dragen, in Ede werd van de mannen al gevraagd hun baard te laten staan. Hoe voelt dat: zo'n hoofddoek als de centrale verwarming hoog staat, went het ooit? Loop je niet de hele dag de werkgever te vervloeken die je daartoe verplicht?

Ik krijg een oekaze van mijn hoofdredacteur: de tv-stukjes dienen voortaan in smoking te worden getikt. Daaruit blijkt meer respect voor de lezer. Ook de bekritiseerde programmamakers zouden het zeer op prijs stellen, al die gemakkelijke, valse, ja smerige kritiek wordt er in één klap aanvaardbaar door.

Mag ik ook een smoking húren? Nee, je koopt er maar een, want we kunnen als deftig avondblad niet hebben dat het bij de ellebogen begint te glimmen.

Zou ik het doen, of zou ik snel onderdak zoeken bij een krant waar je nog in spijkerbroek je kopij mag inleveren? Ik heb tenslotte een aardige baan, de hoofdredactie is heel geschikt, het enige wat ze verder nog van me vraagt is dat ik elke keer vóór en na het schrijven van mijn stukjes drie gebeden ten hemel opzendt. Welke gebeden? Dat mag ik helemaal zelf bepalen.

Mijn liberale hoofdredacteur vindt verder alles best. Hij moet alleen nog even wijzen op een andere mineure beleidswijziging. Hij zal binnenkort namens de directie iemand benoemen die regelmatig op de redactie komt informeren of alles naar wens verloopt. Deze functionaris krijgt een eigen kantoortje op de redactie, zodat hij gemakkelijk bereikbaar is voor iedereen die met brandende vragen zit.

Ook voor thuiswerkende redacteuren staat deze functionaris geheel open, sterker nog: hij zal hen af en toe ongevraagd bezoeken, niet om te controleren of ze inderdaad wel thuis werken, maar om meer inzicht te verschaffen in bepaalde oekazes van de hoofdredactie. De functionaris is te herkennen aan zijn volle baard.

Nu ontstaat er een probleem. Al deze mineure beleidswijzigingen beginnen me, opgeteld, toch een beetje te benauwen. Ik zou graag mijn hart eens luchten tegen een buitenstaander, en het wonderlijke toeval doet zich voor dat binnenkort een ploeg van het VARA-programma Zembla op de redactie komt filmen. Zou ik ze vertellen van mijn zorgen? Zou ik ze goed kunnen uitleggen waarom ik nog steeds hier gebleven ben? Of zouden mijn hoofdredacteur en de functionaris dat niet zo prettig vinden?

Wat ik mij vooral afvraag, is of ze bij Zembla wel genoeg alert zullen zijn als ze mij aan de tand voelen. Normaliter zijn ze dat wel bij Zembla, maar ik zag gisteravond toevallig een reportage waarin zo weinig dóórgevraagd werd.

Het ging over een islamitische basisschool in Helmond. Vijftien leerkrachten heeft zo'n school, waarvan er dertien Nederlander zijn (en niet-islamitisch!). De onderwijzeressen moeten hoofddoeken dragen. De kindertjes worden gedrild in het opzeggen van ellenlange koranteksten. Er loopt de hele dag namens het bestuur een functionaris rond die alles goed in de gaten houdt. Een beetje een enge man (prachtige volle baard overigens) die beweert dat de islamitische kindertjes op zijn school beter hun identiteit kunnen vinden, wat juist reuze positief zal uitwerken op hun integratie in de Nederlandse samenleving.

Hoe voelt het om op zo'n school als niet-islamitische Nederlander te werken? We kwamen het niet te weten. Het was een brave reportage met veel deskundigen die soms voor, soms tegen deze vorm van onderwijs waren. Maar de mensen die er het best over konden meepraten - die onderwijzende mannen en vrouwen - kwamen nauwelijks aan bod.

Waren ze misschien een beetje bang voor die baard-in-zijn-kantoor? Alleen al de gedachte doet me zweten in mijn smoking.