Doorleefde monologen van twee eenzame zielen

Voorstelling: Finale naar verhalen van Alan Sillitoe en Roddy Doyle. Vertaling: Rob Moppes; regie: Jennifer Drabbe; spel: Hans Somers, Jes Vriens; vormgeving: Francy van den Heuvel. Gezien: 6/2 Toneelschuur Haarlem. Aldaar t/m 12/2. Res: 023-5312439

Hun paden kruisen elkaar toevallig, in een zelfbedieningsrestaurant waar ze ieder met hun dienblad aan een lange tafel schuiven. De jongen in zwart leren jack en met nerveus wiebelende voeten in sportschoenen, doopt zijn bleke frites eerst in een klodder mayonaise voordat hij ze haastig naar binnen schrokt. De al niet meer zo jonge vrouw in een regenjas die een paar stoelen verderop is gaan zitten, schenkt zichzelf een kopje thee in en prikt in het taartje op haar bord. Opeens steekt ze van wal. Ze begint uitgebreid te vertellen over haar huwelijk - een droom die al gauw veranderde in een nachtmerrie.

De jongen, verrast door deze plotse confidenties van een wildvreemde, lacht besmuikt. Maar met allengs groeiende belangstelling luistert hij naar haar verhaal terwijl hij zwijgend verder eet. De vrouw die zich voorstelt als Paula is een tijdlang aan het woord totdat Smith, haar toehoorder, het plotseling van haar overneemt. In ratelend tempo en telkens van zijn stoel opspringend, vertelt hij over de kraken die hij heeft gezet.

Paula en Smith stellen elkaar geen vragen, in feite voeren ze niet eens een gesprek. Zodra de een even stilvalt neemt de ander het estafettestokje over en vervolgt zijn eigen geschiedenis, blij dat er eindelijk eens een luisterend oor is. Het zijn alleenspraken van twee eenzame zielen die elkaar niet kunnen helpen.

De verhalen hebben niets met elkaar te maken. Jennifer Drabbe, een jonge regisseuse die onlangs afstudeerde aan de Regieopleiding in Amsterdam, heeft in haar eerste professionele voorstelling Finale de verhalen The loneliness of the Long-Distance Runner van Alan Sillitoe en De vrouw die tegen de deur aanliep van Roddy Doyle samengebracht en ze toch als twee op zichzelf staande teksten overeind gelaten.

Er zijn wel raakvlakken. De personages in beide verhalen zijn losers die weinig geluk hebben gehad in het leven. Paula uit het verhaal van Roddy Doyle is jarenlang vernederd en mishandeld door de man die ze op een voetstuk plaatste. Smith, het personage van Alan Sillitoe, is opgegroeid aan de zelfkant van de maatschappij waar hij een deel van de tijd doorbracht in tuchthuizen en gevangenissen. Ze hebben niets te verliezen, behalve hun zelfrespect dat ze met alle geweld willen behouden.

Jennifer Drabbe heeft de voorstelling terughoudend geregisseerd en alle ruimte gelaten voor ingeleefd spel. Jes Vriens en Hans Somers kunnen goed overweg met de psychologische benadering van hun rol en ze slagen erin levensechte figuren neer te zetten. Hun emoties zijn zuiver en gespeend van valse dramatiek, temeer daar ze af en toe ook onderkoelde zelfspot laten meeklinken in hun betoog.

Moeizaam aan deze voorstelling vind ik soms alleen de abrupte overgangen. De constructie waarbij de een het woord overneemt van de ander leidt hier en daar tot storende breuken - op die momenten zitten de verhalen elkaar meer in de weg dan dat ze elkaar versterken.