Compaqs ambitie: naar topdrie in computers

Drie jaar is een eeuwigheid in de roerige wereld van computerfabrikanten. Het Amerikaanse Compaq handhaafde zich drie jaar achtereen als 's werelds grootste maker van pc's. Dat is niet voldoende. Compaq wil opklimmen tot de topdrie in de gehele computerindustrie. Achter de kalme uitstraling van de Duitse Compaq-president Eckhard Pfeiffer (54) moet vechtlust schuilgaan. “Wij leiden de nieuwe vloedgolf.”

DEN HAAG, 7 FEBR. Pfeiffer en Intel-topman Andy Grove stonden nog niet zo lang geleden lijnrecht tegenover elkaar in een conflict over een naamplaatje. Intel, marktleider in microprocessoren, wilde dat pc-fabrikanten het logo 'Intel Inside' op de behuizing zouden voeren. Pfeiffer weigerde. Volgens hem was niet de microprocessor - het rekenende hart van de computer - van belang, maar in de eerste plaats andere bestanddelen.

“De opbouw van onze merknaam had destijds prioriteit”, zegt Pfeiffer nu. “Dan ga je niet helpen aan de opbouw van de merknaam van een ander.” Intussen is de vrede gesloten. Sterker, er lijkt sprake van een verbond dat de computerindustrie moet opstoten in de vaart der volkeren. Pfeiffer: “Samen met Intel en Microsoft spelen wij een sleutelrol. We willen de computerindustrie verder vooruit brengen.”

Van Intel is bekend dat het bedrijven die vooruitstrevende toepassingen van informatietechnologie ontwikkelen steunt met financiële middelen en expertise. Beeldtelefonie of de distributie van filmmateriaal via Internet vergt krachtige computers. Intel wil de processoren leveren die daarvoor nodig zijn en werpt zich daarom op als vliegwiel in de ontwikkeling van de computerbranche. Is voor Compaq een vergelijkbare rol weggelegd?

“Zeker”, meent Pfeiffer. Als voorbeeld noemt hij de ontwikkeling door Compaq van de zogenoemde pc-based server. De server is een centrale computer die de andere computers (clients) in een netwerk voorziet van bijvoorbeeld databestanden of rekencapaciteit. “De op een pc gebaseerde computer hebben wij zes jaar geleden als nieuw concept in de markt gezet”, aldus Pfeiffer. “Toen geloofde niemand dat je dergelijke zware taken in een netwerk kon laten doen door een personal computer.”

Ondanks de mindere rekenkracht van een server die op pc-technologie is gebaseerd heeft Compaq met dit nieuwe produkt de aanval ingezet op toonaangevende producenten als IBM, Sun en Hewlett-Packard. Deze bedrijven eisten tot voor kort deze markt met zware computers voor zich op. “Wij hebben inmiddels een miljoen servers verkocht waarvan de X86 microprocessor van Intel het hart vormt”, kondigde Pfeiffer gisteren trots aan.

Volgens Pfeiffer wordt de server die is gebaseerd op pc-technologie steeds meer gebruikt voor kritieke bedrijfsprocesen en niet alleen voor het bewaren van bestanden of het afhandelen van print-opdrachten. “We dringen met Intel en Windows NT (het bijbehorende besturingssysteem, red.) steeds dieper de onderneming binnen”, aldus Pfeiffer.

Wat betreft winstgevendheid (en waarde op de beurs) bleef Compaq met het resultaat van 1,3 miljard dollar (plus 28 procent) in het afgelopen jaar nog achter bij Intel (ruim vijf miljard dollar) en Microsoft (2,5 miljard dollar). Toch meent hij dat Compaq samen met Microsoft en Intel de toon zal zetten in de bedrijfstak. Volgens Pfeiffer heeft Compaq in het verleden meer dan eens de leidende rol voor zich opgeëist.

“Wij waren het bedrijf dat begin jaren tachtig heeft gekozen voor een open standaard toen IBM probeerde de industrie te laten ontsporen met het betoog dat het operating system onlosmakelijk met de apparatuur verbonden is”, aldus Pfeiffer. Medio jaren tachtig gaf Compaq volgens Pfeiffer opnieuw de weg aan die de industrie moest volgen door als eerste een pc te maken waarin de nieuwste microprocessor (386) van Intel was ingebouwd.

Met het streven van Compaq naar omzetgroei van 25 procent per jaar (44 miljard dollar aan het einde van deze eeuw) lijkt verbreding van het produktenpakket onvermijdelijk. Compaq heeft zijn vleugels uitgeslagen als bouwer van een breed scala aan computerapparatuur. “Wij willen de partner zijn van bedrijven en bedrijven willen complete systemen”, aldus Pfeiffer.

Ligt in de expansiedrift van Compaq niet het gevaar dat het bedrijf te groot en te log wordt waardoor kleine specialisten voorbij zullen snellen? Pfeiffer meent van niet. “De risico's die we nemen, nemen we berekend”, zegt hij. “We begeven ons natuurlijk niet helemaal buiten onze eigen specialisme. We blijven met één been stevig verankerd in het terrein waar onze expertise ligt.”