Amsterdams wereldrecord Bruckner

Hans Ferwerda, Johan Giskes, Truus de Leur (eindred.): Bruckner en het Koninklijk Concertgebouworkest. Met cd Vijfde symfonie door het Concertgebouworkest o.l.v. Eduard van Beinum. Thoth, 174 blz. ƒ 59,90

Het Concertgebouworkest is beroemd wegens de Amsterdamse Mahlertraditie: alleen al 876 uitvoeringen van de symfonieën en Das lied von der Erde totnu toe. Maar onbekend is dat van alle orkesten ter wereld het Concertgebouworkest ook de omvangrijkste Brucknertraditie heeft. De Wiener Philharmoniker speelden Bruckner zo'n zeshonderd maal, de Berliner Philharmoniker veel minder. Aan het eind van dit seizoen komt het Concertgebouworkest tot 683 Brucknerconcerten.

De exacte omvang van de Amsterdamse Brucknertraditie is de opmerkelijkste vaststelling in het vandaag verschenen boek Bruckner en het Koninklijk Concertgebouworkest. Deze Amsterdamse Brucknercatalogus somt op basis van de documentatie van Nico Steffen alle uitvoeringen op, compleet met data, dirigenten en repertoire en de gespeelde versie. Bruckner zelf verbeterde de meeste oerversies of werkte die later om, anderen deden hetzelfde, wat weer leidde tot allerlei nieuwe, geschoonde en definitieve edities.

De Amsterdammers vestigden wel een Bruckner-wereldrecord maar hadden uiteraard niet de Brucknerprimeur. De Mis in d ging in 1864 in de Dom van Linz, in 1867 klonk zijn muziek voor het eerst in Wenen, de Wiener Philharmoniker speelden Bruckner in 1873 voor het eerst, de eerste Bruckneruitvoering in Amsterdam dateert van 1891, toen Henry Viotta het Te Deum dirigeerde.

Bruckner kwam nooit naar Amsterdam, om, zoals later Gustav Mahler, hier zijn nieuwe stukken te introduceren. Als hij al één keer in ons land geweest is - de aanwijzingen daarvoor spreken elkaar tegen - dan was het in 1871 op de terugreis van Londen naar Wenen. Misschien speelde hij op het orgel in Rotterdam, in ieder geval zou het nog zeventien jaar duren voor het Concertgebouw werd geopend en het Concertgebouworkest werd gesticht.

Het begin van de Brucknertraditie in het Concertgebouw in 1891 werd voorafgegaan door een uitvoering in 1885 in het Haagse Diligentia van de Derde symfonie onder leiding van Johannes Verhulst. Bruckner was enthousiast: “In Holland wil men al mijn symfonieën hebben!” Pas in 1943, toen Van Beinum de 'Linzer Fassung' van de Eerste symfonie dirigeerde, was het zover.

De nu in Amsterdam meest gespeelde Brucknersymfonie is de Zevende (118 keer), gevolgd door de Negende (91), de Vijfde (88) de Vierde (87) en de Derde (87). Het minst gespeeld werden de Mis in e (3), Psalm 150 (3) en de Ouverture in g (2). En ondanks het wereldrecord-Bruckner wacht nog één werk op een Amsterdamse première bij het Concertgebouworkest: de Mis in d.

De verschillende registers en de discografie worden voorafgegaan door een aantal interessante artikelen, onder andere van Nico Steffen en Cornelis van Zwol (dè Nederlandse Brucknerkenner) over Bruckner en de Nederlandse Brucknertraditie. Verder zijn er interviews met de dirigenten Bernard Haitink, Kurt Sanderling en Riccardo Chailly. Bij het boek hoort ook een cd met de Vijfde, zoals die door Eduard van Beinum werd gedirigeerd in 1959.

Dit soort documentatie over de historie van het Nederlandse culturele leven ontbreekt nog veel te veel. In 1888, toen Concertgebouw en Concertgebouworkest honderd jaar bestonden, verscheen wel een tweedelige kroniek met belangrijke data en premières, maar daarin ontbrak het vrijwel complete overzicht van de ongeveer 15.000 concerten en het gespeelde repertoire, dat Nico Steffen heeft. Ook het tweede Amsterdamse Mahler Feest in 1995 leverde verschillende boeken op, maar niet een compleet Amsterdams Mahler-overzicht, zoals deze Bruckner-catalogus nu geeft, noch het door Steffen geproduceerde getal van 876 Mahleruitvoeringen.

Net als het vorig jaar bij het Nederlands Theaterinstituut verschenen overzicht van 5057 operaprodukties in de periode 1886-1995 is het dit soort basiskennis dat verrassende inzichten verschaft en aanleiding is tot verdere studie. Hopelijk biedt ook de komende Mengelberg-biografie van Frits de Zwart met even uitvoerige overzichten van concerten en repertoire in binnen- en buitenland inzicht in de talloze feiten van een vijftigjarige carrière.