Record-omzet voor industrie in 1996

De Nederlandse industrie heeft vorig jaar opnieuw een recordomzet behaald. De omzet bedroeg ongeveer 285 miljard gulden, 3 procent meer dan in 1995 toen ook al sprake was van een record. Dat heeft het Centraal Bureau voor de Statistiek bekend gemaakt.

De groei van de omzet over heel 1996 komt voor ongeveer tweederde voor rekening van de binnenlandse afzet. Die steeg in 1996 met 5 procent, terwijl de export met 2 procent toenam.

De omzetgroei komt daarmee lager uit dan die in 1995. In dat jaar was de export nog de motor achter de omzetgroei: de buitenlandse omzet lag toen op 8 procent en de binnenlandse op 5 procent.

Met elk kwartaal nam het tempo van de omzetstijging het afgelopen jaar toe. De binnenlandse omzet liet groeicijfers zien van achtereenvolgens 1, 4, 6 en 7 procent. Voor de buitenlandse afzet was dit -1, 1, 4 en nog eens 4 procent. In 1995 was over het algemeen juist sprake van afnemende groeicijfers voor binnenlandse en buitenlandse omzet.

De Voedings- en genotmiddelenindustrie en de metaalindustrie beleefden vorig jaar de grootste omzetstijging: 5 procent. Voor de metaalindustrie kwam de groei vooral uit de binnenlandse markt, de voedings- en genotmiddelenindustrie profiteerde van een grotere export.

De chemische industrie en de textiel-, kleding- en lederindustrie hebben in 1996 allen 3 procent meer verkocht. De omzettoename van de chemie is bijna geheel binnen Nederland gerealiseerd, voor de kleding-, textiel- en lederindustrie lag de stijging in de verkopen voor binnen- en buitenland ongeveer gelijk.

De omzetten van de hout- en bouwmaterialenindustrie en de grafische industrie bleven gelijk. Een grotere afzet binnen Nederland kon hier een afkalvende export compenseren.