Overlappingen van kunst en vormgeving bij Designprijs; Verwarrende vormen in Rotterdam

De jury van de Designprijs Rotterdam moet het land in om alle genomineerde ontwerpen van dit jaar te bekijken. Sommige ontwerpen waren niet te verslepen, andere zijn slechts als schaalmodel of op foto of video te zien. Opvallend is de belangstelling voor nieuwe media.

Designprijs Rotterdam 1997, T/m 16 maart in de Kunsthal, Westzeedijk 341, Rotterdam. Inl 010-4400301.

Paul Fentener van Vlissingen, president-directeur van de Steenkolen Handels Vereeniging (SHV), wilde zijn aandeelhouders en relaties een bijzonder cadeau aanbieden bij de honderdste verjaardag van het bedrijf. Hij liet een boek maken over de geschiedenis van de onderneming. Niet zo'n originele gedachte zou je denken, ware het niet dat de samenstellers - kunsthistoricus Johan Pijnappel en grafisch vormgever Irma Boom - een ongelimiteerd budget en vijf jaar de tijd kregen voor deze droomopdracht.

Het SHV-Book is een van de nominaties voor de Designprijs Rotterdam (40.000 gulden), die op dit moment in de Kunsthal in Rotterdam te zien zijn. Het weegt drieëneenhalve kilo en telt 2136 pagina's - de acht leeslinten heeft de lezer waarschijnlijk echt nodig. Er zitten tal van grafische grappen in, zoals een watermerk dat over verschillende pagina's verspreid is, en een 11 centimeter dikke snee die vanuit de ene hoek een bloeiend tulpenveld toont en vanuit de andere een gedicht van Gerrit Achterberg. Voor het papier van dit boek is geen boom omgehakt. De bladzijden zijn gemaakt van honderd procent katoen en water. “In alle schoonheid heeft het boek ook iets pervers: het blijft voor velen een onbereikbaar mysterie, want het is nergens te koop”, schrijft de jury.

Onbereikbaar is het inderdaad. In tegenstelling tot de drie andere boeken die dit jaar voor de Designprijs genomineerd zijn, mag het SHV-book niet worden betast door de bezoeker van de Kunsthal. Hij mag er slechts van grote afstand naar kijken. Op een boekenplank, die op een hoogte van drie meter tegen de muur is gemonteerd, staan de twee versies van het boekwerk. De Engelstalige, met een wit kaft (oplage 4000), en die voor Chinese relaties met een zwart kaft (oplage 500) - wit is voor Chinezen immers de kleur van rouw. Een videoband waarop te zien is hoe pagina's van het boek worden omgeslagen moet het leed enigszins verzachten.

Ondanks deze teleurstelling valt er dit jaar meer te beleven in de Kunsthal dan vorig jaar. Een Nederlandse jury selecteerde deze keer 28 ontwerpen voor de Designprijs, 11 meer dan in 1996, toen zij zich beklaagde over “een gebrek aan verfrissende en gedurfde ideeën”. Net als de vier voorgaande jaren biedt de expositie van alles wat: schoenen, boeken, sieraden, meubels en zelfs een machine (de Verderflex Slangenpomp), die volgens het juryrapport “zeer geschikt is voor de farmaceutische en voedingsindustrie”. Een internationale jury krijgt als altijd de onmogelijke taak om uit deze ongelijksoortige produkten een winnaar te kiezen. Die jury bestaat dit jaar uit John Thackara, de Engelse directeur van het Nederlands Vormgevingsinstituut, Ingo Maurer, ontwerper uit München, Helen Drutt-English, galeriehouder te Philadelphia en de Brit Rick Poyner, hoofdredacteur van Eye Magazine. De winnaar wordt op 1 maart bekend gemaakt.

De jury zal het land in moeten trekken om alle genomineerde ontwerpen van dichtbij te bekijken, want een aantal kon niet naar de Kunsthal worden versleept. Van de windturbine LW 45/750 is slechts een schaalmodel te zien en van de nieuwe inrichting van de HEMA - lage schappen, brede balies en veel hout - slechts een serie foto's. Opvallend is de belangstelling voor nieuwe media dit jaar. Behalve twee cd-roms zijn genomineerd de Website van de Volkskrant en een leestafel waaraan je behalve de krant lezen ook kunt surfen over de elektronische snelweg.

Een andere kijk op bestaande wegen geeft Lucas Verweij met zijn Randstad stadsplattegrond. Deze kaart benadrukt de eenheid die de vier grote steden en tussenliggende plaatsen met elkaar vormen. De spoorlijnen in het gebied gaf hij weer door middel van rechte, gekleurde lijnen, zoals op kaarten van het metronet van Londen of New York. De namen van de wijken van Amsterdam en Rotterdam duidde hij aan met hetzelfde lettertype als kleine plaatsen waardoor de Bijlmer en de Alexanderpolder dezelfde status hebben gekregen als zelfstandige gemeenten. Ter ondersteuning van zijn stelling dat het westen van het land moet worden gezien als één metropool maakte Verweij ansichtkaarten met de tekst 'Groeten uit de Randstad'.

Op het gebied van mode is dit jaar slechts één ontwerp genomineerd, tenminste, als je 'Kuma Guna' van Maria Blaisse nog wel het predikaat mode kunt geven. Het dubbelgevouwen stuk piepschuim dat aan de vloer van de Kunsthal is vastgemaakt, zal bij menige toeschouwer enige verwarring wekken - temeer omdat daar vlakbij een bordje hangt met de tekst die slaat op een andere genomineerde, een nieuw soort vloerbedekking die een paar meter verderop op de grond ligt. Maar het piepschuim is echt als kledingstuk bedoeld. Een videoband demonstreert wat de bedoeling is: wanneer je het ding over je hoofd trekt ontstaat een bochel op je rug, die je van vorm kunt laten veranderen door je armen te bewegen. Heeft dit nog iets met vormgeving te maken? Het lijkt wel of hier een videokunstenaar aan het werk is.

Heel erg kwalijk is deze vergissing de jury niet te nemen, want het onderscheid tussen kunst en design wordt steeds vager. Ontwerper Piet Hein Eek bijvoorbeeld, die vorig jaar de aandacht trok met een expositie van zijn deurkasten in het Stedelijk Museum in Amsterdam, vindt dat hij ook kunstenaar is, terwijl de kunstenaar Joep van Lieshout ook heel functionele wasbakken maakt. En wat maakt het ook eigenlijk uit. Zolang iets amuseert, verrast, verdient het een plaats in een museum.

Het meest verrassende ontwerp in de Kunsthal is de Knotted Chair van Marcel Wanders, “een onwaarschijnlijk huwelijk van ambachtelijke en industriële technieken”, aldus de Nederlandse jury. Deze stoel is gemaakt van aan elkaar geknoopte stukjes touw. Wanders drenkte een vlechtwerk in epoxyhars en hing het vervolgens aan een raamwerk om uit te harden. Het resultaat is verbluffend. Wat je ziet zijn stukjes touw in de vorm van een stoel, wat je voelt heeft de stevigheid van staaldraad. Hoewel je ogen zeggen dat je er direct doorheen zakt, wil je niets liever dan er even op gaan zitten.