Oriëntaalse dans in Nederland; Dansen met het hart

Nederlandse vrouwen raken in de ban van de buikdans. Voor de een is het niet meer dan een wekelijksesoft- aerobics- les, anderen wagen zich aan optredens. Soms in al te blote kostuums, en dat is jammer; want de dans behelst meer dan een soort oriëntaalse striptease.

“... totdat opeens het gehele oppervlak van haar gestalte huiverde op de maat van de muziek. Ze hief haar handen, klepperend met haar castagnetten, en draaide zich langzaam rond, (...) terwijl alle spieren in haar lichaam wonderbaarlijk schokten (...) op de cadans van de muziek, en in kloeke, krachtige spasmen ... Dit was geen sierlijke dans - alleen dansbewegingen wanneer ze voortschreed, het ene been voor het andere uit gooiend zoals zigeunerinnen dansen. Maar verder was er slechts de meest voluptueuze beweging - niet het lenig lokken van lome hartstocht maar de ziel der hartstocht die alle zinnen besprong en beefde in alle leden. De intensiteit zelve van de beweging, geconcentreerd, aanhoudend ...” (G.W. Curtis over Kutchuk Hanem, 1850) De Egyptische courtisane Kutchuk Hanem voerde, tot ontzetting èn verrukking van negentiende-eeuwse midden-oosten-gangers als Gobineau, Curtis en Gustave Flaubert, opzwepende en hypnotiserende dansen op. Gefascineerd als deze 'toeristen' waren door de rollende en golvende buikbewegingen van de oosterse danseressen, spraken ze van danse du ventre of bellydance.

Een ongelukkig begrip, meent Radia Elhachioni, geboren in Marokko en opgegroeid in Nederland: “Als in Europa gebuikdanst wordt, ligt de nadruk sterk op de buik, op het erotische; de danseressen zijn erg bloot en sexy gekleed. Terwijl je in Arabische dansen je hele lichaam gebruikt, echt van je tenen tot en met je haren.” De dans heeft volgens haar nog te veel het imago van een soort oriëntaalse striptease, of van een verleidingsdans die vooral voor een mannelijk publiek wordt opgevoerd. “In Arabische landen dansen de vrouwen vaak onder elkaar.” Ze noemt de dansen - want er zijn vele vormen - dan ook liever bij de juiste naam; raqs sharqi (Arabisch voor oosterse dans), baladi, sha'abi (zie kader) of kortweg: oriëntaalse dans.

Radia is maar één van de naar schatting honderd buikdansleraressen in Nederland. Een veelvoud van cursisten volgt wekelijks hun lessen en er gaat geen weekeinde voorbij of er is wel ergens een optreden, festival of workshop. De meeste vrouwen (en de enkele mannen) die gaan buikdansen beperken zich tot de wekelijkse les, maar sommigen worden fanatieker. Ze kopen een felgekleurd en bloot kostuum bezet met rinkelende muntjes en kralen, en ze wagen zich aan optredens; aanvankelijk in huiselijke kring, later in restaurants, bij personeelsfeesten of op multiculturele festivals.

Als Marokkaanse is Radia een uitzondering onder de buikdanseressen in Nederland: de meesten zijn van oorsprong Nederlands. De opkomst van de oosterse dans heeft dan ook veel minder te maken met de aanwezigheid van migranten uit de Arabische wereld dan je zou vermoeden.

De buikdans, zoals die nu in het Westen wordt beoefend, is rond de eeuwwisseling in de Verenigde Staten terecht gekomen. Danseressen als Jamelee, Zareefa en 'Little Egypt' (die Fahreda Mazar heette en uit Syrië kwam), werden door voortvarende organisatoren van de grote Wereldtentoonstellingen uit het midden-oosten gehaald. Zij waren een sensatie; iedereen sprak schande van de 'obscene dansen', iedereen kwam kijken. De opkomende filmindustrie in Hollywood buitte de fantasie van de oriëntaalse dansende prinses optimaal uit. De overdadig versierde en zo goed als blote buikdanskostuums zoals die nu ook in het Midden-Oosten worden gedragen, zijn destijds verzonnen.

De buikdanseressen die in het kielzog van in Duitsland gestationeerde Amerikaanse militairen meekwamen, introduceerden de dans in Duitsland. De Duitse vrouwen, al gauw gewonnen voor de dans, haalden met de spreekwoordelijke gründlichkeit de grote Egyptische en Turkse danseressen naar Duitsland, zodat ze de beste praktijk- en theorielessen kregen. De rijk bloeiende buikdanscultuur staat volgens kenners in Duitsland dan ook op hoog niveau. Begin jaren tachtig dringt de dans door in Nederland. Het aantal oriëntaalse dansleraressen loopt inmiddels in de tientallen.

De vraag is waarom juist deze cultuurvreemde dans zo aanslaat in landen als de Verenigde Staten, Duitsland en Nederland. Het succes rust op een paar pijlers. Enerzijds is het een vorm van soft aerobics die, aldus vele cursisten, het nuttige - conditie, lenigheid, een goed gevormd lichaam - verenigt met het aangename: dansen op mooie muziek, aandacht voor vrouwelijkheid en sensualiteit. De dansvorm zou volgens sommige danseressen aansluiten bij een nieuw getint feminisme, dat de verschillen tussen mannen en vrouwen niet ontkent maar streeft naar meer waardering voor (vermeend vrouwelijke?) eigenschappen als intuïtie, scheppingsdrang en vruchtbaarheid. “Westerse vrouwen willen zo op mannen lijken”, zegt Radia. “Ik denk dat ze daar uiteindelijk toch niet zo tevreden mee zijn, en op zoek gaan naar hun eigen vorm.”

Buikdans is een op het vrouwenlichaam toegesneden dans die met een paar simpele technieken al een aardig resultaat oplevert, mede omdat improvisatie en eigen inbreng groot zijn. Het is dansen met het hart in plaats van met het hoofd. Maar de dans is ook weer zo gevarieerd en complex dat je het jaren kunt doen zonder je te vervelen.

Ook biedt de dans als podiumkunst een scala van expressieve mogelijkheden. Variërend van sprookjesachtige - soms kitscherige - shows tot spirituele en rituele voorstellingen van religieuze dansen als Derwish en Gnawa. Meestal zijn het individuele optredens van danseressen die met hun lichamen alles kunnen uitdrukken: uitbundige vrolijkheid, onverbloemde erotiek, agressieve strijdbaarheid, melancholieke eenzaamheid. En dat alles soms op de vierkante meter. Een van de verschillen met westerse dans is bijvoorbeeld het principe van de 'binnenlichamelijke beweging'.

Een goed voorbeeld van dat principe demonstreert Nagwa Fouad, een danseres die in Nederland alleen op video is te zien; grote Egyptische danseressen doen op hun wereldtournees ons land niet aan. In een lange zwarte jurk, vaag doorschijnend op de buik, staat Fouad met haar voeten stevig op de grond, haar gezicht geconcentreerd en toch ontspannen lachend. Ze heeft net op louter percussie haar heupen opzij geslagen en grote kringen laten draaien en de armen daarbij als slangen laten kronkelen. Dan verstilt de drum, zij ook. Op een aanzwellende bekkensolo begint haar buik ritmisch te trillen en te golven, minuten lang, terwijl het bovenlichaam licht heen en weer schuift, in de maat van een tragere percussionist. Borsten en middenrif schokken op plotseling klinkende woeste trommels. Op de bijkomende roffelende drums zwaait ze hoofd en haren van links naar rechts, terwijl de buik blijft shimmiën, de schouders schudden, de borsten trillen, een en al extatische beweging zonder een voet te verzetten; een laatste trommelslag en alles is stil, behalve het publiek, dat juicht.

Optredens van dit niveau zijn er helaas nog niet in Nederland. Het gemiddelde optreden in Turkse restaurants, op personeelsfeesten en op multiculturele festivals is nogal amateuristisch. Dat geeft niet als er geen pretenties zijn, zoals bijvoorbeeld op buikdans-evenementen in buurthuizen, waar beginnelingen zowel als behoorlijk geschoolde leraressen-danseressen op het podium staan, voor de voeten gelopen door hun kinderen. De sfeer op deze feestjes is gemoedelijk, en alle vrouwen zijn er zusters in de dans.

Wat vooral ontbreekt aan de meeste voorstellingen is de improvisatie. Zelden wordt gedanst op live-muziek, en alleen dan is improvisatie mogelijk; zowel op de ritmische gedeelten van de muziek, als op de taximia, de melodieuze solo's van een accordeon of fluit. Toch kun je onverwacht verrast worden door verdienstelijke performances, zoals van Dalila, wier ronde heupen dansen op de ritmes van een niet helemaal zuiver klinkend cassettebandje, en die haar mooie ogen vervaarlijk kan laten rollen en flitsen op de maat van een zwaarddans. Terwijl het kromzwaard balanceert op het hoofd, unduleert haar lichaam zich in onwaarschijnlijke bochten. Of van de Limburgse Shahrazad, werkzaam èn beroemd in Duitsland, een veelzijdige danseres die ook Indiase dansstijlen beheerst en vermengt met Egyptische en Turkse dansen. Je kunt iets tegen hebben op de al te sprookjesachtige kostuums en decors, maar haar coördinatie en techniek zijn bewonderenswaardig.

Goede danseressen zijn in Nederland op een hand te tellen, en dan nog is het vaak een kwestie van smaak (en van beroepsnijd), wie door de beoefenaars als voorbeelden genoemd worden. Dat zijn vaak Paula, Yamila en Mariska, en zij zijn ook degenen die vaker op live-muziek dansen. De laatste danste eind vorig jaar op een Oosterse avond in een snikheet en overvol feestzaaltje in de Amsterdamse Pijp. De zaal klapte enthousiast voor Mariska's elastieken heupen en opzwepende vrolijke dans. Toen ze het podium verliet, speelden de musici nog even door, aangevoerd door de Egyptische darbuka-speler Ghorghie, die af en toe op zijn vingertoppen moest blazen om ze af te koelen.

Een Marokkaanse vrouw kwam uit het publiek naar voren, lachte verontschuldigend of ze het ook niet kon helpen, en begon te dansen. Je zag het ritme van Ghorghie's handen in haar voeten kruipen. Het verspreidde zich via de knieën, heupen, haar romp, hoofd en armen, nam bezit van haar, ging toen zijn eigen gang leek het, tak, tak, doem, takketak de heupen, langzaam en snel, langzaam en snel, steeds sneller. En ineens was zij het die het ritme bepaalde - en volgde de darbukaspeler. Zijn tot dan toe zwervende blik was strak gericht op haar bewegingen, die hij gelijktijdig vertaalde in beats op het strakke trommelvel.

Radia, want zij was het, bleek behalve directiesecretaresse ook buikdanseres en lerares te zijn. Op de video's van haar buikdansreizen, diep in het zuiden van Marokko, is goed het verschil te zien tussen de Nederlandse vrouwen, die moeilijk los komen van hun houterigheid, en het vanzelfsprekende, natuurlijke ritme-gevoel van de Marokkaanse vrouwen. En van de mannen; die dansen op de bruiloften en doopfeesten, onderling, net zo enthousiast.

Westerse vrouwen kunnen net zo goed leren buikdansen als Arabische, is Radia's overtuiging, maar makkelijk is dat niet. Wat ze vaak mist is de overgave: “Sommige danseressen hebben een heel goede techniek, maar ze dansen met hun lichaam, niet met hun geest. En dan is het maar een halve dans.”

Ook is het volgens haar noodzakelijk om je grondig te verdiepen in de muziek en de lyriek, om de emoties en betekenissen uit kunnen drukken. “Ik heb een keer een danseres gezien die op een nummer van Oum Kalsoum danste; een liedje zo triest dat je er kippenvel van krijgt. Als de danseres het had verstaan, had ze begrepen dat je daarbij echt niet een buikdanseres wil zien.”

Mahdy Emara, een in Nederland wonende Egyptenaar, danste bij het beroemde folkloristisch ensemble van Mahmoud Reda. Emara geeft cursussen folklore-dansen aan de School voor Middenoosterse dans in Amsterdam. Hij is somber gestemd over de kwaliteit van de gemiddelde buikdansles. Volgens hem staan de gebrekkige kennis van het Arabisch èn van de Arabische muziek - die wezenlijk andere ritmes kent en een toonladder van 95 noten of meer - een goede interpretatie van de Oosterse dans in de weg. De meeste Nederlandse danseressen weten te weinig van de achtergrond en geschiedenis van een dans, meent hij, zodat het kan gebeuren dat een rituele trancedans als de Zaar volkomen fout wordt opgevoerd.

Maar ook zijn in zijn ogen danseressen in het Westen te veel kopieën van hun lerares, en gooien ze verschillende stijlen door elkaar. “Ik vraag je, hoe kun je dan les geven?” Het gaat hem aan het hart dat de authentieke dansen op deze manier verwateren, en ten slotte begrijpt hij er niets van dat danseressen halfbloot in restaurants gaan staan. “Goedkoper dan de Warmoesstraat.”

Voor Mahdy is de oosterse dans een kunstvorm die met respect behandeld moet worden, trouw moet blijven aan de oorspronkelijke vorm. Hij zou waarschijnlijk gruwen van de 'BB', de Belly-Break, een combinatie van buikdans en Breakdance die op de dansopleiding van Yamila Schoeré wordt ontwikkeld.

“Natuurlijk moet de traditie bewaard worden”, zegt de Limburgse Yamila die, zelf full-time danseres, een opleidingsprogramma van ruim drie jaar biedt voor gevorderde danseressen. “Maar ik denk dat dat in de Arabische landen moet gebeuren, niet bij ons.” Ze heeft in Turkije een jaar les gehad van de daar zeer populaire Nesrin Topkapi, en van haar geleerd dat je de dans aan je eigen persoonlijkheid mag aanpassen. Dat betekent dat je ook je eigen culturele achtergrond niet kunt verloochenen, aldus Yamila. “Die subtiele, geraffineerde gebaren die Arabische vrouwen kunnen maken; pràchtig. Maar ze passen niet bij ons. Ze komen ook voort uit een cultuur waar vrouwen zich niet zo rechtstreeks kunnen profileren, wij zijn veel directer, op de man af.”

En dat komt - of je het nu wilt of niet - tot uitdrukking. Dat de 'verwestersing' sommigen tegen de borst stuit kan ze wel begrijpen. “Een Egyptenaar die de klompendans doet, daar zou ik ook raar van opkijken, ja ik zou hem misschien zelfs als een indringer beschouwen. Maar toch is het normaal; alle bestaande dansen zijn ontstaan door uitwisseling van culturen. De Hawaïaanse dans is ook een soort variant op de buikdans, maar ze hebben er een eigen interpretatie aan geven, en dan past het ook.”

Of de Belly-Break een geslaagde dans is valt nog te bezien; Yamila gaat er pas in de zomer mee het podium op. Maar met haar moderne interpretatie bevindt ze zich in goed gezelschap: de buikdans is doorgedrongen tot MTV. Kijk maar eens goed naar de videoclip van Tafkap - voorheen Prince - en dan vooral naar Mayte, zijn vrouw. Die heeft beslist een paar lesjes gehad.

Buikdansen

STIJLEN

Buikdans is een verzamelterm voor een scala aan oosterse dansen. Een belangrijk uitgangspunt is de isolatie, het onafhankelijk kunnen bewegen van lichaamsdelen. In het westen is de Egyptische stijl - die ook in andere Arabische landen wordt gedanst - het bekendst: onder raqs sharqi (oosterse dans) vallen drie soorten dansen: de sha'abi, de baladi en de klassieke dans, die allen gebaseerd zijn op improvisatie. De basis heupbewegingen zijn in grote lijnen hetzelfde.

De Sha'abi ('volksdans') is de dans van de Ghawazi, de professionele zigeunerdanseressen die van generatie op generatie hun uitbundige en geaarde dans hebben overgeleverd. De traditionele muziek wordt nog gespeeld door Les Musiciens di Nil en de Mizmar band. Baladi is de verstedelijkte vorm van de raqs sharqi, die zich rond 1900 ontwikkelde in de ghetto's van Cairo. Muziek en dans van boeren die massaal naar de stad trokken werd beinvloed door jazz en blues, en traditionele instrumenten als de doff (een soort tamboerijn), de derbuka, een kegelvormige trommel, en de nay (fluit) werden aangevuld met accordeon, saxofoon en klarinet. De 'stadse folk' is subtiel en expressief, en kan binnen een stuk omslaan van luchtig naar blue. Wisselwerking tussen muzikant en danseres zijn essentieel.

De klassieke sharki is ontwikkeld door de Awalim (geleerde vrouwen) aan de koningshoven en in de harems van de sultans, in de Gouden Eeuw van de Islam (7e t/m 10e eeuw). De Awalim zongen, dansten, speelden instrumenten, en droegen eigen gedichten voor. De muziek is lyrischer, de dans gracieuzer. In de banket- en haremdansen zijn ook pas de deux en groepsdansen, die hogere eisen aan de choreografie stellen.

In de jaren '40 en '50 beleefde de raqs sharqi een opleving door de bloei van de Egyptische filmindustrie, waarin danseressen als Tahia Carioca en Samia Gamal, dansen en acteren. In de meeste danslessen wordt ook aandacht besteedt aan de Turkse en Marokkaanse dansstijlen, die meestal vrolijker en sneller te bevatten zijn.

LITERATUUR

Het enige Nederlandstalige boek is nog steeds: Yonina; Oriëntaalse dans en Motivatie. Lezenswaardig is 'Dochters van de volle maan', van Karin van Nieuwkerk, over het imago van buikdanseressen in Egypte. Bruikbare instructieboeken zijn meestal Duitstalig:

Ulaya Gadalla; 'Bauchtanz. Das orientalische Schönheitsprogramm, (Goldman Ratgeber, 1989) Marta; 'Anmutig und fit durch Bauchtanz' (uitg Falken, 1994).

Eluan Ghazal; 'Bauchtanz, Wellen des Körperglucks (Ariston Verlag, 1995)

Dietlinde Karkutli; 'Das Bauchtanzbuch'

Een goed historisch overzicht biedt: Wendy Bonaventura, The Serpent of the Nile

In Duitsland verschijnt ook het Engels-Duitstalige glossy magazine Orient (voorheen Arabesque), een onuitputtelijke bron van voorstellingen, workshops, cursussen, kleding en accessoirewinkels (in Duitsland), met artikelen over dansstijlen, interviews met danseressen, algemene stukken over Arabische cultuur, en zelfs een overzicht met belangrijke nieuwsfeiten uit de Arabische wereld. Verlag für Orient-Publikationen, Georg Niedrich. An der Fliehburg 59, 51109 Köln. Inl 0221-6910311, fax 6910411.

Het Nederlande buikdanstijdschrift, Navel (oplage 450) is alles behalve glossy, wel informatief. Lid worden kan bij Lida Vegt, Postbus 1395, 2302 BJ Leiden. Inl 071-5317614.

CURSUSSEN

Een willekeurige greep uit het aanbod:

(de meeste leraressen treden ook op)

Amsterdam:

Mahdy Emara; 020-6129496, ISMED (International School for Middle Eastern Dance) van Rana Miraz, 020-6868553 (ISMED organiseert regelmatig feesten en voorstellingen), Mariska Assink 020-4187227; Dunya 020-6169178; Jeanine Korrelboom (ook voor kostuums, accessoires en video's) 020-6247974.

Dalila, Nijmegen, 043-3251940.

Radia Elhachioni, Zoetermeer, 079-3620005.

Paula Marissink, Utrecht, 030-2343471

Peter Verzijl (Farouq), Utrecht, 030-2436007

Letty Vos, Utrecht, Wageningen Arnhem, 0317-420737

Yamila Schoeré, Luik, Maastricht, 00-32-41795245. (heeft een lijst van bij haar opgeleide danseressen elders in Nederland en in de grensstreek)

Dansgroep Zaghroeda, maakt deel uit van de Stichting Zaghroeda; streeft naar erkening van oriëntaalse dans als kunstvorm, en wil daarmee wederzijds begrip en integratie van culturen stimuleren. Den Haag, 070-3643035 of 070-3614983.

Dansgroep Thulaat, 0317-420737.

OPTREDENS

* 21 maart, Vrouwenfeest. In het kader van een Noord Afrikaans festival organiseert het Pleintheater in Amsterdam een feest - alleen toegankelijk voor vrouwen - met dansoptredens van Thulaat. Sajetplein 39, Aanvang 17u. Res. 020-6933380.

* 13 april, in Cultureel Centrum Volta, Amsterdam, 020-6826429. Mmv Mariska

* 15 juni, Oosterse avond in Cultureel Centrum De Badcuyp, 020-6759669, Amsterdam. Mmv Mariska

* 29 juni, Dansavond van stichting Dunya en stichting Zaghroeda, Amsterdam