Kopen; Gids voor de autojacht

Een auto kopen is moeilijker dan het lijkt. Tips voor de zoekende consument.

ELK JAAR STAAN zo'n anderhalf miljoen mensen voor een forse uitgave: de aanschaf van een auto. Met alle bijbehorende vragen. Wordt het een nieuwe of een gebruikte? Wat voor type? Hoeveel geld hebben we er voor over? Waar kopen we de auto?

Het gaat over serieuze bedragen. Niet alleen in de zakelijke klasse is tegenwoordig een hoop geld te besteden. De gemiddelde nieuwe automobiel kost inmiddels al omstreeks 38.000 gulden. De aanschaf van een fatsoenlijke gebruikte auto vergt al gauw meer dan 20.000 gulden.

De keuze lijkt op financiële gronden simpel te maken. Maar de meeste autoliefhebbers zitten met een probleem tussen de oren. Een auto is voor velen meer dan een middel om van A naar B te komen. Ze zijn er op een of andere manier emotioneel mee verbonden. En dat weten de verkopers en reclamemakers maar al te goed.

Hoe blijven we temidden van alle verlokkingen toch op de been? Het allerbelangrijkste advies: zoiets kostbaars als een auto moet uiteraard ook wel een leuk bezit zijn, maar een koper doet er verstandig aan zich niet te laten meeslepen door een al te groot enthousiasme. Hij moet zo zakelijk mogelijk blijven.

Is het bijvoorbeeld echt nodig in een middenklasser te rijden? Verreweg het grootste deel van de kopers is tegenwoordig prima bediend met een model uit de Opel Corsa-, Fiat Punto- en VW Polo-klasse. Toegegeven, het klinkt minder prestigieus. Maar door hun slimme concept bieden deze auto's voldoende ruimte en comfort om ze zelfs met een gezin te gebruiken. Deze ontwikkeling wordt aardig geïllustreerd door de VW Polo, die exact evenveel binnenruimte biedt als de vroegere VW Golf. En de Renault Twingo brengt het zelfs net zo ver als een Safrane, de kofferruimte niet meegeteld.

Zulke modellen zijn zuinig, makkelijk in de stad en betaalbaar: tussen de 22.000 en 26.000 gulden. Op dergelijke auto's hoeft wegens de grote vraag ook niet al te veel te worden afgeschreven. Maar ja, oogt de wagen ook aardig voor de deur?

In de praktijk wordt de oplossing eerder in een grote gebruikte auto gezocht. Jaarlijks wisselen zo'n miljoen occasions van eigenaar, twee tot drie keer meer dan er nieuwe auto's worden verkocht. Niet zo gek, want een occasion heeft enorme voordelen. Financiële vooral. De eerste eigenaar heeft tientallen procenten afgeschreven, alleen al in het eerste jaar vaak 20 tot 25 procent, of zelfs meer. Een voorbeeld: een van Nederlands best verkochte modellen is de Opel Astra Stationwagen. Een populaire versie daarvan wordt nieuw voor ongeveer 35.000 gulden verkocht. Een fatsoenlijke gebruikte wagen uit 1993 staat met een prijskaartje van tussen de 23.000 en 25.000 gulden in de showroom. Terwijl dat nog een relatief dure - want veel gevraagde - occasion is. Ook de afschrijving is daarna veel voordeliger.

Maar liggen de onderhouds- en reparatiekosten niet hoger? Dat is de vraag. Motorisch staan de zaken er namelijk zeer florissant voor. Dankzij de nieuwe milieunormen van de afgelopen jaren zijn fabrikanten gedwongen de goede werking ook na vele jaren te garanderen. Dat is goed merkbaar in de toegepaste techniek en de getolereerde afwijkingen bij de bouw van de auto. Overigens is dat ook de belangrijkste reden dat auto's veel langer meegaan dan vroeger.

Maar stel dat de occasion bij zijn tweede eigenaar toch wat vaker naar de werkplaats moet. Ook dan blijft het voordeel bestaan. Arian van den Dool, medewerker van de onderzoeksdienst van de BOVAG, de belangenorganisatie van de autobranche: “De balans verschuift alleen wat. Voor een gemiddeld gebruikte, nieuw gekochte auto van omstreeks de 30 mille hebben we eens uitgerekend dat je op circa 84 cent de kilometer uitkomt. Waarvan 66 procent vaste kosten en 34 procent rijkosten. Het onderhoud valt in die laatste categorie. Schaf je zo'n auto vier jaar oud aan, dan komen de kosten op 56 cent de kilometer. Waarbij de vaste kosten dan 44 procent opslokken en de rijkosten dus meer dan de helft. Voor een nieuwe auto zit je totaal op rond de duizend gulden per maand, gebruikt voor dezelfde auto op zevenhonderd.”

Overigens is de aanschaf van wat betere gebruikte auto's de laatste tijd toch al aantrekkelijker geworden nu nieuwe merken als Daewoo zich nadrukkelijk op die markt richten, en veel merken ongekend stunten om de koper te lokken. Ook de prijzen van occasions staan dus onder druk. Onderhandelen is vaak mogelijk.

Een andere prettige ontwikkeling: de Nationale Autopas. In een centraal computerbestand wordt bijgehouden bij welke kilometerstand auto's een servicebeurt krijgen en bij welke stand ze van eigenaar veranderen. Zo is de historie van een auto goed terug te vinden. Bij betrouwbare occasions kan via dat systeem in elk geval worden gecontroleerd of de kilometerstand klopt.

    • Rob van Ginneken