Grundig weerspreekt dreiging bankroet

ROTTERDAM, 6 FEBR. De leiding van Grundig heeft in krachtige bewoordingen tegengesproken dat het verlieslijdende elektronicabedrijf op korte termijn op een faillissement afstevent. Geruchten daarover waren in de wereld gekomen door een rapport van de juridische afdeling van de vakbond IG Metall.

Christian Schwarz-Schilling, president-commissaris van Grundig, en financiële man Pieter de Jong zeiden gisteren dat het bedrijf over voldoende liquide middelen en financieringsreserves beschikt. Beiden dreigden met juridische stappen tegen diegenen die Grundig via negatieve berichten schade berokkenen.

Gert Loboda, namens de IG Metall vice-voorzitter van Grundigs raad van commissarissen, heeft zich eveneens van het negatieve scenario voor Grundig gedistantieerd. “Grundig heeft wel degelijk een kans om op eigen benen voort te bestaan.” Loboda onderstreepte evenwel dat Grundig zo snel mogelijk een partner moet vinden nu Philips zijn handen van het bedrijf heeft afgetrokken. “Als dat niet lukt, kan het moeilijk worden, maar dat wisten we al een tijd”, aldus Loboda.

Philips wil nog slechts een passieve minderheidsaandeelhouder in Grundig zijn. Het Eindhovense concern heeft zijn Duitse critici, die Philips verwijten Grundig te hebben geplunderd, in duidelijke bewoordingen van repliek gediend. “Geen cent hebben we van Grundig meegenomen”, vertelde vice-president Dudley Eustace in een interview met de Süddeutsche Zeitung.

Heeft Philips Grundig niet laten doodbloeden? “Ik kan er alleen maar aan herinneren dat we tot eind 1995 circa 1,5 miljard mark in Grundig hebben gestoken. Het verlies in 1996 zullen we ook nog volledig voor onze rekening nemen”, aldus Philips' financiële topman. Eustace laat blijken dat hij weinig begrijpt van de felle kritiek van de vakbonden, de ondernemingsraad, de bedrijfsleiding en de raad van commissarissen van Grundig op Philips.

De bekendmaking begin dit jaar dat Philips geen verantwoordelijkheid meer wilde dragen voor haar Duitse dochter, kon moeilijk een verrassing heten, aldus Eustace. Philips had in februari 1996 al gezegd de verliezen van Grundig nog hooguit een jaar te zullen dekken. “Ik begrijp zulke emoties, hoewel die niets van doen hebben met de waarheid. Maar wat ik niet begrijp, is waarom de stemming tussen februari 1996 en eind 1996 zo is veranderd.” In februari vorig jaar verweet niemand Philips dat het Eindhovense concern Grundig liet vallen.

Eustace zei dat de onderhandelingen met de erfgenamen van Max Grundig nog niet veel zijn opgeschoten. Philips wil graag af van het contract met de Max Grundig-stichting, die recht heeft op een bedrag van jaarlijks 45 miljoen mark tot 2004. Bovendien wil het Nederlandse concern af van de verplichting om in 2004 de resterende aandelen in Grundig over te nemen voor een bedrag van 540 miljoen mark.