GEDICHT

't Concert in Utrecht was naar wens gegaan De violist nam nog een pils of twee Hij zou me in zijn auto huiswaarts rijden

(Ik had zo'n ding gehad, in vroeger tijden)

't Ging vlot en soepel als de T.E.E.

Maar aan de stadsrand kwamen wij tot staan

Controle! Hij moest blazen, en jawel -

Het percentage was net iets te hoog

Men droeg hem op, die nacht het stuur te laten

“Dan rijd ik zelf wel”, sprak ik toen verwaten

We ruilden dus van plaats, en zijn betoog

Omtrent de schakeling begreep ik snel

Geheel conform verlieten wij de stad

“Zal ik het”, vroeg hij, “overnemen hier?”

Mijn antwoord was niet mals. “Je bent stomdronken!

Ik neem de kans waar, die mij werd geschonken''

Zo bleef ik tot in Amsterdam koetsier -

Een functie waar ik weer veel schik in had

Wie had gedacht, toen deze rit begon

Dat ik nog altijd autorijden kon?