Bulgaarse socialisten zijn beledigd

ROTTERDAM, 6 FEBR. De regerende Bulgaarse socialisten hebben dinsdag onder druk van de enorme economische crisis die ze hebben veroorzaakt en dertig dagen van massaprotesten op straat ingestemd met vervroegde verkiezingen. Maar wie daaruit afleidt dat in de gelederen van de socialistische partij, de BSP, het gezonde verstand eindelijk de overhand heeft gekregen, komt bedrogen uit.

Na het door de pas aangetreden president Petar Stojanov afgedwongen compromis over de vervroegde verkiezingen had het parlement direct aan de slag moeten gaan om een aantal crisismaatregelen te nemen. De belangrijkste is de instelling van een currency board, een orgaan dat de gelduitgifte moet bewaken en de hyperinflatie moet beteugelen. Vorig jaar bedroeg de inflatie al bijna driehonderd procent. Maar ze is inmiddels werkelijk op hol geslagen: in januari alleen al beliep de geldontwaarding vijftig procent en als er niet snel wordt ingegrepen zal de inflatie dit jaar meer dan duizend procent bedragen. In tien dagen is de koers van de nationale munt, de lev, gedaald van 800 tot bijna 3.000 per dollar, vandaag.

De nood van de bevolking loopt op. Gisteren stonden veel inwoners van Sofia uren in de rij voor brood. Aan melk, kaas, suiker en spijsolie heerst gebrek en voor de weinige pompstations die nog over benzine beschikken stonden lange rijen auto's. “De Bulgaren hebben fietsen nodig”, vond de directeur van het staatsdistributiebedrijf Petrol. Vandaag stijgt de prijs van brood voor de zoveelste keer, met dertig procent. Die van benzine gaat vandaag met 65 procent omhoog.

Hoogste tijd dus voor noodmaatregelen. Het Internationaal Monetair Fonds, dat besprekingen over kredieten afhankelijk had gesteld van een oplossing van de politieke impasse en van een akkoord over de verkiezingen, liet dinsdag al enkele uren nadat een compromis was bereikt, weten klaar te staan om onmiddellijk te gaan onderhandelen. Bulgarije heeft alleen al dit jaar minimaal een miljard dollar aan kredieten en hulp nodig; driehonderd miljoen dollar is op de kortst mogelijke termijn nodig.

Maar de socialisten zijn beledigd. Zij weigerden gisteren in het parlement over economische hervormingen of noodmaatregelen te praten. Sterker: ze lieten weten elke parlementaire discussie over economische hervormingen te zullen blokkeren. En omdat ze met 122 van de 240 zetels een absolute meerderheid hebben in het parlement, zijn ze ook daadwerkelijk tot zo'n boycot in staat. “Laten we maar naar de stembus gaan, dat wilde de oppositie”, zei gisteren schamper een BSP-parlementariër, Georgi Bozjinov. Voor de zitting van vandaag kwamen maar negen van de 122 BSP-parlementariërs opdagen.

In de gelederen van de BSP is door sommigen met afgrijzen en met kritiek gereageerd op het compromis van dinsdag. Zware kritiek is geleverd op de man die er namens de BSP mee instemde, Nikolaj Dobrev, die een dag eerder door het bestuur van de BSP was aangewezen als premier van de volgende BSP-regering - een regering die er niet komt.

De druiven zijn zuur, voor de socialisten. Twee jaar lang heeft de BSP geregeerd. In die twee jaar is het land economisch en sociaal geruïneerd en leeggeroofd, is niet of nauwelijks hervormd en is een overgrote meerderheid van de bevolking verpauperd tot een niveau dat onder het bestaansminimum ligt. Het gemiddelde maandinkomen van de Bulgaren is inmiddels gedaald tot de tegenwaarde van vijftien gulden. Nu de partij eindelijk niet langer om die ruïne heen kan, weigert ze - uit boosheid over de dinsdag door Stojanov gepresenteerde pil - mee te werken aan het puinruimen.

De rekening voor dat wanbeheer en die arrogantie wordt op 20 april gepresenteerd als de Bulgaren naar de stembus gaan. Volgens de jongste peilingen kan de BSP, die bij de laatste parlementsverkiezingen in december 1994 nog een absolute meerderheid haalde en die ook de gemeenteraadsverkiezingen van november 1995 won, nog maar op acht procent van de stemmen rekenen. En dat percentage zal onder de huidige economische omstandigheden eerder nog verder dalen dan stijgen.

De man van het moment is Petar Stojanov, de president die de socialisten dinsdag heeft gedwongen hun hardnekkige verzet tegen vervroegde verkiezingen in te slikken en af te zien van de vorming van een door Dobrev geleide nieuwe regering. Die prestatie heeft de kersverse president veel krediet gegeven. Stojanov won eind vorig jaar de presidentsverkiezingen met meer dan zestig procent van de stemmen. Maar populair was hij niet: zijn winst was vooral te danken aan de geweldige impopulariteit van de socialisten. Zijn prestatie van dinsdag heeft hem echter op slag tot een held gemaakt. Die populariteit stelde hem dezelfde dag nog in staat, met een moed die voordien geen enkele andere Bulgaarse politicus had opgebracht, de getergde en verpauperde Bulgaren openlijk voor te houden dat het hun voorlopig nog slechter zal gaan dan het nu al gaat. De reactie van de menigte bij de Aleksandr Nevski-kathedraal op de vervelende voorspelling was navenant: “Wij zijn met u”, zo scandeerde de menigte. Bulgarije heeft er een held bij - onder de levenden de enige.