Verplegers bekennen diefstal bij bejaarden

DEN HAAG, 5 FEBR. De twee Haagse verplegers A. du M. (40) en J. H. (37), die ervan worden beschuldigd bejaarden te hebben vermoord, hebben ook verschillende bewoners van de luxe serviceflat Waalsdorp bestolen. Dit hebben ze vanochtend bekend voor de rechtbank in Den Haag.

Hoofdverdachte Du M. “particulierde” bij hulpbehoevende bewoners, vertelde hij vanochtend, dat wil zeggen dat hij hen ook verzorgde buiten diensttijd. Het betrof slechtziende en zeer verwarde mensen. “Het geld lag op de grond”, verklaarde Du M. “En daarnaast heb ik veel spullen gekregen van de bewoners als dank voor bewezen diensten.” Verder zei hij de verleiding niet te kunnen weerstaan, omdat hij “zoveel rijkdom om me heen zag.” Voor de rechtbank staat de diefstal los van de moorden waarvoor Du M. en zijn zwager J.H. terechtstaan.

Het proces tegen de verplegers Du M. en J. H. is vandaag zijn derde dag in gegaan. De belangstelling voor deze zaak is zo groot, dat de rechtbank een tweede zaal heeft geopend waar zo'n twintig toeschouwers, onder wie bewoners van Waalsdorp, op een groot scherm live de zitting volgen. Tot gisteravond laat verhoorde de rechtbank hoofdverdachte Du M. over zijn vermeende aandeel in zeven sterfgevallen. Du M. raakte geëmotioneerd toen de dood van zijn schoonmoeder in 1980 ter sprake kwam. Na een beschrijving van haar ziektebeeld en de “ondraaglijke situatie” vertelde hij dat zijn schoonvader hem had gevraagd “iets te doen” aan het uitzichtloze lijden van mevrouw H. Hoofdverdachte Du M., die toen nog leerling-verpleger was in het Haagse Leyenburg-ziekenhuis, ontvreemdde insuline en diende dat de vrouw 's avonds toe. Ze raakte in coma en overleed de volgende dag.

Toen de president van de rechtbank, mr. L. Verheij, de verdachte confronteerde met de gruwelijke werking van insuline bij mensen die dat medicijn niet nodig hebben, zei Du M. spijt te hebben van zijn handelen. Zijn vrouw heeft hij pas onlangs vanuit de gevangenis verteld hoe haar moeder is overleden, door zijn ingreep. In tranen vertelde hij de rechtbank dat hij op verzoek van zijn schoonvader de situatie van de vrouw “alleen wat draaglijker had willen maken.”

Tegen allebei de twee (ex-)echtgenotes van de verdachten eiste de officier van justitie, mr. D. van Boetzelaer, gistermiddag twee jaar gevangenisstraf. De vrouwen worden ervan beschuldigd deel uit te maken van een criminele organisatie en zouden vaak oudere mensen hebben beroofd. Ze zouden parelkettingen, parfumflesjes en geslepen glazen hebben gestolen bij bewoners van Waalsdorp. Van Boetzelaer: “Voor al deze oudere mensen gold dat zij alleen hun dierbaarste spullen konden meenemen. En juist die waardevolle spullen zijn hen door u ontnomen. Daaruit blijkt dat u totaal geen respect hebt voor de waardigheid van oudere mensen.” Beide vrouwelijk verdachten toonden berouw en vertelden snikkend aan de rechter dat ze onder druk van hun echtgenoten bij de bewoners wel eens wat hadden gestolen.

Vervolgens onstond verwarring over de gestolen spullen. Nabestaanden van verschillende slachtoffers zeiden dezelfde voorwerpen te herkennen op de foto's die bij diverse huiszoekingen waren genomen. Zo was er een kaasstolp, waarvan twee families zeiden dat hij hun toebehoort, terwijl hoofdverdachte A. du M. zeker wist dat hij die kaasstolp van een derde bewoonster had gekregen.

Het echtpaar Du M. had de gestolen goederen opgeslagen in een geheime ruimte in de gang. Soms brachten ze schilderijen of sieraden naar de veiling, zo bleek uit een gang van het OM langs veilinghuizen in Den Haag. In 1988 hadden Sotheby's en Christies al voor 30.000 gulden aan waardevolle stukken op naam van de verdachten onder de hamer gehad.

J.H. is vorig jaar plotseling gescheiden van zijn echtgenote, omdat hij wilde trouwen met de rijke, 93-jarige en inmiddels vermoorde mevrouw Sloos-Fischer. De president van de rechtbank vroeg vanochtend aan de ex-vrouw van J.H. of zij die plotse echtscheiding destijds niet vreemd vond. Zij antwoordde daarop dat ze het een hele opluchting vond van J.H. af te zijn.

Du M. verweet de rechtbank en de officieren van justitie gisteren alle zeven sterfgevallen nu “banaal te maken.” Volgens hem had hij juist de mensen willen begeleiden in hun stervensproces en dat gedaan in de vorm van pijnbestrijding. De president van de rechtbank reageerde woedend hierop en sprak de verdachte streng toe. “Er liggen hier serieuze zaken op tafel en van enige banalisering is geenszins sprake. Als u dat zo ervaart, ligt dat voornamelijk aan uzelf.” De verdachte had al eerder te kennen gegeven dat hij in deze zaak het “heel erg spijtig” vond dat familieleden van de overleden bewoners “hun verantwoordelijkheden opeens niet meer wilden kennen” en dat hij daar nu de dupe van was.