Spaanse justitie pakt politieke tak Baskische ETA op

MADRID, 5 FEBR. De Spaanse justitie heeft een begin gemaakt met het arresteren van leden van de politieke tak van Herri Batasuna (HB), de politieke arm van de Baskische afscheidingsbeweging ETA.

Maandag werden de eerste twee leden van de politieke top van Herri Batasuna door de politie gearresteerd, nadat zij hadden geweigerd voor te komen bij de Hoge Raad in Madrid. Afgelopen nacht volgde een derde arrestatie. Drie leden van het HB-bestuur besloten hun oproep door de Hoge Raad niet af te wachten en zijn inmiddels naar België gereisd om arrestatie te voorkomen.

Voor de komende dagen zijn in totaal 25 leden van de HB-top opgeroepen voor de hoge raad te verschijnen in verband met “samenwerking met een gewapende bende”. Aanleiding vormt de verkiezingsvideo die HB vorig jaar vertoonde, waarin een aantal gemaskerde ETA-leden optrad. De video werd vertoond kort na de moorden door ETA-terroristen op de socialistische advocaat Múgica en de rechtsgeleerde Tomás y Valiente. Politici van Herri Batasuna verdedigden openlijk de moorden, evenals de overige terreurdaden van de ETA, en worden er tevens van verdacht rechtstreeks betrokken te zijn bij de organisatie.

Gelijktijdig met de acties van justitie, die in brede kring in Spanje zijn toegejuicht, heeft de Baskisch-nationalistische partij PNV, die de autonome regio Baskenland regeert, de centrale regering in Madrid opgeroepen om zonder voorwaarden vooraf onderhandelingen te beginnen met de ETA. De oproep betekent een drastische breuk met de eerder overeengekomen afspraken tussen de democratische partijen in Baskenland. Hierin werd het stopzetten van het terreurgeweld van de ETA als voorwaarde gesteld voor het aangaan van gesprekken.

PNV-leider Xavier Arzalluz bepleitte tijdens een bijeenkomst in de Baskische havenstad Bilbao een uitbreiding van het democratische overleg voor de pacificatie in Baskenland met Herri Batasuna. Als de suggesties niet worden overgenomen zullen de Baskische nationalisten “hun eigen weg kiezen”, aldus Arzalluz, die voorts betoogde niet te zullen zwichten, “noch voor de regering, noch voor ETA”. Arzalluz bekleedt geen officiële functie in de Baskische regering, maar wordt als leider van zijn partij door velen gezien als de informele president van de regio.

De nieuwe toenadering van de PNV tot de politieke tak van de ETA, juist op een moment dat justitie na lang talmen in actie is gekomen, leidde tot grote opschudding onder de democratische partijen. Daarbij werd er op gewezen dat er onder het aanhoudende ETA-geweld van de afgelopen maanden geen enkele aanleiding bestaat tot optimisme over mogelijke concessies van de terreurbeweging. Minister van Binnenlandse Zaken Mayor Oreja wees de onderhandelingen van de hand en beschuldigde de Baskische nationalisten de ETA “opnieuw zuurstof toe te dienen”. De socialistische woordvoerder in het Spaanse parlement, Juan Alberto Belloch, waarschuwde de nationalisten dat ze zich in een politiek niemandsland begeven.

Tegenstanders van de nationalistische PNV verwijten de partij al langer een dubbelzinnige houding tegenover het ETA-geweld. Met name de extreme uitspraken die leider Arzalluz op gezette tijden lanceert worden gezien als olie op het vuur en een excuus voor het ETA-geweld. De PNV, die evenals de ETA afscheiding van Baskenland propageert en de Spaanse grondwet weigert te erkennen, zou daarbij politieke munt willen slaan onder de HB-aanhang.