Forse schadeclaim verwacht; Veroordeelden na fouten OM terecht vrijuit

ROTTERDAM, 5 FEBR. Het openbaar ministerie is terecht niet ontvankelijk verklaard in een zaak tegen twee mannen die veroordeeld zijn voor omvangrijke drugshandel. Dat heeft de Hoge Raad gisteren bepaald.

De mannen, een Nederlandse zakenman en een Colombiaan, werden in 1992 in Dordrecht gearresteerd. In 1994 werden zij door het hof van Den Haag veroordeeld tot tien jaar gevangenisstraf voor het invoeren van 1.100 kilo cocaïne. Het hof van Amsterdam verklaarde echter vorig jaar het openbaar ministerie niet ontvankelijk omdat twee oud-chefs van de criminele inlichtingendienst, K. Langendoen en F. van der Putten, tijdens de eerdere behandeling van de zaak voor het Haagse hof, valse verklaringen hadden afgelegd. De twee politie-ambtenaren hielden voor de rechter steeds vol dat in het gewraakte politie-onderzoek tegen de cocaïnehandelaren geen gebruik was gemaakt van de zogeheten Delta-methode. Uit onderzoek van de rijksrecherche is gebleken dat dat wel het geval was.

Bij de Delta-methode laat de politie criminelen infiltreren in een drugsorganisatie. Onder toeziend oog van de politie mag de criminele infiltrant grote partijen softdrugs doorleveren om zo het vertrouwen te winnen van de leiding van de organisatie. Gaandeweg, zo is de bedoeling van de methode, moet de organisatie overgaan van handel in softdrugs op handel in harddrugs. Wanneer de harddrugs worden binnengehaald sluit de politie het net. De commissie opsporingsmethoden, de commissie Van Traa, oordeelde vorig jaar dat de Delta-methode ontoelaatbaar is, mede gezien de geringe controle die de politie kon uitoefenen op de criminele infiltrant.

De Hoge Raad geeft in het arrest het gerechtshof uit Amsterdam gelijk in zijn beslissing van april vorig jaar. Het Amsterdamse hof verklaarde het OM niet-ontvankelijk mede omdat het Haagse OM, in de persoon van procureur-generaal H. den Os, “mede-verantwoordelijk” was voor de leugens van de twee voormalige CID-ers. Met het misleiden van de rechter verspeelde het OM het recht op vervolging, vond het hof. Het openbaar ministerie was tegen dit vonnis in cassatie gegaan en is dus nu door de Hoge Raad in het ongelijk gesteld.

Volgens mr. G. Meyers, advocaat van de Nederlandse zakenman, kan justitie er niet omheen de procureur-generaal Den Os en de twee oud-politiemensen te vervolgen wegens meineed. Gebeurt dit niet, dan zal Meyers die vervolging via een speciale procedure proberen af te dwingen. Daarnaast kan justitie een schadeclaim van miljoenen tegemoet zien voor de ruim drie jaar die zijn cliënt vastzat. De Colombiaanse ex-verdachte is na zijn vrijlating teruggekeerd naar Colombia.