Abbas beschuldigt EO van slechte journalistiek

AMSTERDAM, 4 FEBR. De Evangelische Omroep heeft Fouad Abbas en zijn vriendin Ann Deckers zonder feitelijke onderbouwing beschuldigd van betrokkenheid bij vrouwenhandel en kinderprostitutie. Dat zei gisteren advocaat J. Pen voor de president van de Amsterdamse rechtbank in het kort geding dat Abbas tegen de EO had aangespannen.

De Antwerpse diamantair Abbas is kroongetuige in het proces tegen drie van grootschalige handel in hasj verdachte personen, het zogeheten Octopus-proces.

Als kroongetuige ontliep de uit Pakistan afkomstige Abbas vervolging voor zijn eigen vermeende betrokkenheid bij handel in hasj. De verdediging in het Octopus-proces heeft vergeefs getracht aan te tonen dat Abbas zich aan andere misdrijven heeft schuldig gemaakt. In een uitzending van het programma Tijdsein op 22 januari wekte de EO de suggestie dat Abbas en Deckers in België en Nederland jongens en meisjes de prostitutie in lokten.

Pen sprak van “slechte journalistiek van een tendentieus karakter”. Hij wil dat de rechter de EO verplicht te rectificeren wat zij heeft beweerd over Abbas en zijn levensgezellin.

De voornaamste bron waaraan de EO zijn beschuldigingen ontleent is de Antwerpse wethouder jeugdzaken, Patsy Sörensen. Zij beriep zich in de gewraakte uitzending op “goede bronnen” die hadden verteld dat Ann Deckers “meisjes ronselde”. Vanuit een “vitaminebar” zou zij al in 1987 jeugdige bezoekers hebben benaderd met aanbiedingen om in de “escort-service” te gaan werken. Over de betrokkenheid van Abbas bij de prostitutie zei Sörensen: “Al wat wij horen is dat hij iemand is die er diep in zat”. Sörensen is ook voorzitter van de raad van bestuur van een organisatie die zich inzet voor slachtoffers van vrouwenhandel en kinderprostitutie.

Pen wees erop dat Deckers in 1987 zelf pas vijftien jaar oud was. Ook vroeg hij zich af waarom, als het werkelijk zo was dat Abbas en Deckers al vanaf 1987 in verband gebracht werden met dergelijke strafbare feiten, er nooit aangifte is gedaan. Abbas en Deckers waren niet bij het kort geding aanwezig.

De EO wijst de beschuldigingen van de hand. Er werd in Tijdsein, aldus mr. R. le Poole namens de EO, slechts een vermoeden uitgesproken van Abbas' betrokkenheid bij vrouwenhandel en kinderprostitutie. “En indien Abbas betrokken zou zijn bij vrouwenhandel en kinderprostitutie, dan is dat zonder meer een misstand waaraan de EO wel aandacht moét besteden als hij die informatie krijgt”, aldus Le Poole.

Uitspraak 13 februari.