'Stomme Spanjool' brengt Van der Poel uit evenwicht

MÜNCHEN, 3 FEBR. De kleuren van de regenboogtrui liggen verscholen onder een sponsorjack als Adri van der Poel zich neervlijt in een bankstel van het hotel. De titelhouder is zojuist onttroond, maar hij is allesbehalve ontroostbaar. “Om wereldkampioen te worden mag er onderweg niets tegenzitten. Eén stuurfoutje en je bent gezien. Ik had de pech dat zo'n stomme Spanjool de deur voor me dicht deed.”

Het wereldkampioenschap veldrijden werd gisteren al na 600 meter beslist door een anonieme Spanjaard die een groep kanshebbers de weg versperde. Van der Poel was een van de slachtoffers. Een onverwachte manoeuvre bracht hem uit zijn evenwicht. Zijn Italiaanse concurrenten Pontoni en Bramati waren op dat moment al uit het zicht verdwenen. Van der Poel restte niets anders dan een zinloze achtervolging. Opgeven is een onbekend begrip voor de 37-jarige doorzetter. Hij werd de beste Nederlander met een vierde plaats. Met een wegwerpgebaar uitte hij vlak voor de finish zijn ongenoegen over het strijdverloop.

Voor de elfde keer deed hij mee aan een wereldkampioenschap. Voor de elfde keer schaarde hij zich bij de beste vijf renners in de eindrangschikking. Vijf keer werd hij tweede, vorig jaar kreeg hij eindelijk loon naar werken. Zijn triomftocht in het Franse Montreuil gold als een van de Nederlandse hoogtepunten in het sportjaar 1996. Hij heeft de regenboogtrui de laatste twaalf maanden overal te gelde gemaakt. Als winnaar van de wereldbeker en de Superprestige was hij de grote favoriet in München. “Ik had vooraf tachtig procent kans om te winnen. Gezien mijn prestatie is dat achteraf geen grootspraak geweest.”

Adri van der Poel heeft zich op zijn oude dag ontwikkeld tot een rustige sportman, die zich niet meer gek laat maken door de waanzin van de dag. Het trainingsdier van weleer traint minder vaak en minder hard dan vroeger. Hij gaat tegenwoordig wel eens naar de film en doet in alle rust boodschappen met het gezin. Hij bekijkt van jaar tot jaar of hij doorgaat met veldrijden. Op de weg heeft hij weinig meer te zoeken. Tussen de crossers kan hij gemakkelijk veertig worden.

Van der Poel is miljonair en hoeft zich niet meer druk te maken om schijnbaar onbelangrijke zaken als een winstpremie. Geld noemt hij een heel prettige bijkomstigheid. De lol in het fietsen staat voorop. Elke morgen stapt hij met een gelukzalig gevoel op de fiets. Niks of niemand brengt hem uit zijn evenwicht. “Ik ben oud en wijs genoeg om niet te panikeren”, zei hij voor de start. “Ik kan tevreden zijn, meer zat er niet in”, reageerde hij na afloop.

In de lobby van het hotel was hij de rust zelve. “Ik heb een perfecte race gereden, maar helaas begon die race pas in de tweede ronde. Je kunt in het begin niemand inhalen, dan is het veuls te vol. Ik bleef achter een electriciteitskabel hangen. Zonder dat akkefietje had ik mee van voren gezeten en hadden we hier een heel ander verhaal gehouden. Ik durf te zeggen dat ik net zo goed was als Pontoni. Hij is een grote klasbak, maar ik hoef normaal gesproken niet voor hem onder te doen.”

Wielrenners verzinnen vaak de beste excuses voor een tegenvallende prestatie, Van der Poel is geen uitzondering. Met de vanzelfsprekendheid van een groot kampioen praat hij een hoop dingen recht die een beetje krom zijn. Had hij niet veel beter in het voorste gelid van start kunnen gaan, om de grootste risico's te vermijden? Was hij niet het slachtoffer van zijn eigen voorzichtigheid? Hij schudt zijn hoofd en toont weinig begrip voor de vragensteller. “Ik kijk liever de kat uit de boom. Ik zit liever in een goede positie zodat je de rest van het pak kan overzien.”

De logica van Van der Poel werd gedwarsboomd door die ene anonieme Spanjaard. Wie was deze spelbreker? Navraag in de perszaal en in de kleedkamers bood geen uitsluitsel. Juryleden, journalisten, wielrenners: niemand kon vertellen welke coureur voor zoveel chaos had gezorgd. De televisiecamera's waren tijdens de botsing van de achtervolgers op de twee Italiaanse koplopers gericht. Drie Spaanse renners waren aan de start verschenen, getuige de officiële uitslagenlijst waren ze allemaal afgestapt. Bij gebrek aan namen sprak Van der Poel over “die enorme lomperd”.

Alle discussies over het beste materiaal konden na 600 meter de prullenmand in. De Nederlandse deelnemers reden voor de start nog driftig heen en weer langs het stadion, voortdurend van fiets en banden wisselend, zonder elkaar een blik waardig te gunnen. De plotselinge dooi in München had het peloton gistermorgen in verwarring gebracht. Moesten ze nu met platte banden of vierspaakswielen rijden? De mecaniciens twijfelden hardop over de ideale fiets. De interessante discussie bij de verschillende materiaalwagens moest de voorbode worden van een spannende koers. Het voorspel bleek achteraf het hoogtepunt.

De Nederlanders Van der Poel, Groenendaal en De Vos behoorden tot de favorieten voor de wereldtitel. De werkelijkheid pakte anders uit. Nationaal kampioen Wim de Vos mocht tevreden zijn met een vijfde plaats. Hij komt techniek en souplesse tekort voor een internationale topprestatie. De zeventiende plaats voor Richard Groenendaal was een nieuwe teleurstelling voor een getalenteerd renner. Hij klaagde over slappe benen en kapotte schoenen. Hij kon alleen zichzelf iets verwijten.

Van der Poel daarentegen had naar eigen zeggen weinig fouten gemaakt. Insinuaties over een verkeerde planning wuifde hij lachend weg. In november en december was hij verreweg de sterkste veldrijder. In januari kwam er ogenschijnlijk enige sleet op het oude lichaam, hoewel de betrokkene zich niet ongerust wenste te maken. In het eerste weekeinde van februari, op het cruciale moment, kon hij zijn vermeende topvorm niet aantonen. Had hij misschien toch verkeerd gepiekt? Was hij te vroeg in vorm geweest? “Dat is ware lulkoek. Ik heb het hele seizoen bij de eerste drie gereden. En vandaag was het niet anders geweest, als die Spanjaard niet was gaan lopen kloten.”

    • Jaap Bloembergen