ROTTERDAMSE REUS WARS VAN GLITTER

Nu Regilio Tuur afscheid heeft genomen van de ring, is Don Diego Poeder (24) de vaandeldrager van het Nederlandse profboksen. Morgen zet hij een nieuwe stap in zijn jacht op de wereldtitel. “Daarvoor sla ik desnoods mijn beste vriend neer.”

In de discotheek zien ze hem maar hoogst zelden. Don Diego Poeder is geen nachtbraker. Geef hem een tweezits en tevreden zal hij neervlijen op de sofa. Afstandsbediening binnen handbereik, de voeten op tafel. “Rustig en saai, zo valt mijn karakter het best te omschrijven. Ik kan de hele dag op één plek blijven zitten. Niet omdat het moet, maar omdat ik het wil. Lekker televisie kijken of een boek lezen. Ik noem dat saai, andere mensen noemen dat saai en misschien is het ook wel saai, maar ik geniet daarvan. De meeste boksers houden van glitter en glamour, ik zit liever thuis.”

Vierentwintig is hij nu, Don Diego Rivelino Alfredo Poeder. Een reus van bijna één meter negentig met de uitstraling van een opgeschoten tiener. Armen als boomstammen, vuisten als mokers en de lach van een puber. Het evenbeeld van stripheld Jerommeke, zoals een journalist hem ooit noemde. Hij is geen brute killer, geen ordinaire straatvechter. Eerder het tegendeel, vindt hij zelf.

“Ik haat geweld. Boksen zie ik puur als mijn sport, als mijn vak. Het staat helemaal los van mijn karakter. Als ik mensen tegenkom die mij niet kennen en vertel dat ik boks, zeggen ze: Oh mooi, als ik ruzie heb, neem ik jou mee. Nou mooi niet dus. Ik ga misschien mee om hun hand vast te pakken om weg te rennen, maar niet om te knokken. Gelukkig heb ik nog nooit op straat hoeven vechten. Als ik geweld kan ontwijken, doe ik dat.”

Ook vragen over zijn professie gaat hij bij voorkeur uit de weg. “Want het is altijd hetzelfde liedje. Veel mensen hebben wel een mening over boksen zonder dat ze weten waar ze het over hebben. In discussies met zulke mensen heb ik geen zin meer. Steeds diezelfde stomme vragen. Is dat nou niet gevaarlijk? Zijn boksers dom? Daar wil ik mijn tijd niet aan verdoen.”

Zestien keer stond Poeder als professional tussen de touwen, zestien keer verliet hij met een triomfantelijk gebaar de ring. Zijn ongeslagen status in het cruisergewicht, de op één na zwaarste gewichtsklasse (tot 86,183 kilogram), koestert de geboren Rotterdammer met veel gevoel voor eigenwaarde. “Het bewijst dat ik op de goede weg ben. Dat ik destijds de juiste beslissing heb genomen om naar Amerika te gaan en daar prof te worden. Langzaam maar zeker komt het grote doel in zicht, een gevecht om de wereldtitel.”

Morgen verdedigt Poeder zijn onlangs veroverde internationale titel van de World Boxing Union (WBU), een soort aanmoedigingsprijs voor ontluikend bokstalent. Tegenstander in het Rotterdamse World Trade Center is Lenzie Morgan, een Amerikaan die meer nederlagen (19) dan overwinningen (14) achter zijn naam heeft staan. “Maar een bokser mag niemand onderschatten, dus ook deze jongen verdient alle aandacht.”

Aan dertien van de zestien partijen maakte Poeder, nummer vier inmiddels op de uitdagerslijst van de WBU, een voortijdig einde. De voormalige kick-bokser heeft zich ontwikkeld tot een gevreesd specialist van de knock-out. Poeder Power! is een begrip in menig bokstheater. “Ik train om de volle zes, zeven of soms acht ronden op de been te blijven. Maar zodra ik tijdens een partij een gaatje zie, zal ik niet aarzelen om dat te vullen. Hoe eerder een gevecht voorbij is, hoe beter. Voor zowel mijn lichaam als mijn zelfvertrouwen.” Een knock-out vergt niet zozeer kracht, weet Poeder. Precisie vormt zijn geheime wapen. “Eerst veel geduld bewaren en vervolgens loepzuiver je stoten plaatsen. En als er weer een tegen de vlakte gaat, denk ik: mooi, lekker vroeg eten vanavond.”

Angst voor de gevolgen van zijn verwoestende stootkracht zegt hij niet meer te hebben. Twee jaar geleden kwam de ommekeer. In zijn zevende wedstrijd als professional schrok hij van de gevolgen van de dreun waarmee hij tegenstander Lavalle Stanley in de eerste ronde naar het canvas stuurde. Pas enkele uren later ontwaakte de Amerikaan in het ziekenhuis van New Orleans. “Ik wil zo snel mogelijk winnen, maar liefst niet door mijn tegenstander het ziekenhuis in te slaan. Van die overwinning in New Orleans kon ik niet genieten. Het was mijn onervarenheid waardoor ik helemaal van slag raakte. Sindsdien ben ik daar overheen. Ik heb leren bijten, weet ondertussen wat zelfdiscipline is en heb geaccepteerd dat zoiets mijn tegenstanders kan overkomen. Ik wil de beste worden in mijn sport en tegenwoordig sla ik daar desnoods mijn beste vriend voor neer. Het is hij of ik, zo simpel is boksen.”

Bijna drie weken geleden maakte Regilio Tuur bekend afscheid te nemen van de boksring. Poeder was een van de toehoorders op de persconferentie. De mededeling van zijn collega kwam voor Poeder als een verrassing. “Maar het was een verstandige beslissing. Wie niet meer honderd procent gemotiveerd is, heeft niets meer te zoeken in de ring. Dan wordt het gevaarlijk.”

Regilio Tuur, de naam is gevallen. Ruim drie jaar geleden trok Poeder op uitnodiging van Tuur naar de Verenigde Staten, naar New York, naar de Gleason's Gym in Brooklyn. Na 33 partijen als amateur verkoos hij een bestaan als profbokser onder de hoede van manager Stan Hoffman, trainer Hector Rocha en voorman Tuur. Tot een innige vriendschap tussen beide vuistvechters kwam het nooit. “Regilio en ik, wij zijn totaal verschillende types. Hij weet zijn persoonlijkheid altijd met veel gevoel voor show te verkopen. Altijd goed gekleed en altijd een goede babbel. Ik verkoop mezelf meer als: hallo, ik ben Don Diego Poeder, ik kom uit Rotterdam en ik ben profbokser. Ik hou het meer down to earth, weet je. Ik zal mijn afscheid bijvoorbeeld ook nooit in een driedelig kostuum aankondigen.”

Toch is zijn respect voor Tuur groot. “Hij heeft het profboksen in Nederland een nieuwe impuls gegeven. Hij is als eerste Nederlander wereldkampioen geworden. Hij heeft mij aan de juiste mensen voorgesteld. Dat is zijn grote verdienste geweest en daar ben ik hem dankbaar voor. Maar het is absoluut niet zo dat ik nu zijn levenswerk voortzet ofzo. Ik zie mezelf niet als de erfopvolger van Tuur. Ik ga gewoon door waar ik al drie jaar mee bezig ben en dat is proberen om ooit wereldkampioen te worden. Ik doe mijn werk, het werk van Tuur zit erop.”

Vorig jaar uitte Poeder openlijk kritiek op Tuur en de begeleiding rondom de WBO-kampioen. Poeder hekelde de tekst op de door Tuur zelf ontworpen aankondiging van de gala-avond: Tuur & 'Company'. Het getuige van weinig respect voor de andere boksers, vond Poeder. “Deze behandeling verdien ik niet”, sprak hij.

Spijt van zijn verbale uithaal heeft hij niet. “Tuur heeft alles op gang gebracht, maar vanaf het moment dat ik in New York was heb ik het allemaal zelf moeten doen. In de ring doe ik het op mijn manier, zoals hij dat ook altijd heeft gedaan. En daarom mag niemand, ook Tuur niet, met mijn naam spelen. Het zat me héél hoog en daarom moest toen even gezegd worden waar het op stond.”