Zuid-Afrika rouwt opnieuw om de dood van Steve Biko; Bloed uit een nimmer geheelde wond

Decennia na zijn dood is bekend geworden dat de zwarte leider Steve Biko door politiemannen is gedood. Als zij binnenkort voor de Waarheidscommissie hun schuld bekennen gaan ze vrijuit. Zuid-Afrika ziet zich geconfronteerd met de grenzen tussen gerechtigheid en vergeving. “Als er geen schuldigen zijn, wie moeten we dan vergeven?”

Wraak! Zwart Zuid-Afrika wil gerechtigheid, geen vergeving, geen amnestie voor de beulen van het voormalige apartheidsbewind. Na twintig jaar van zwijgen, liegen en ontwijken bekenden deze week vijf ex-politieagenten dat zij verantwoordelijk waren voor de dood van hèt zwarte symbool tegen de blanke overheersing, de activist en leider van de toenmalige Black Consciousness Beweging, Steve Biko. Zij zullen over enige tijd een bekentenis afleggen voor de Waarheids- en Verzoeningscommissie. Daarmee zullen ze het recht op amnestie verkrijgen. En dat steekt. Biko werd door de zwarte meerderheid aanbeden, zijn dood was een trauma.

Met de waarheid in aantocht komen alle bittere herinneringen uit de jaren zeventig terug. En de woede. Er stroomt weer bloed uit een nimmer geheelde wond. 'Vervolg Biko's moordenaars' kopte het dagblad Sowetan.

Donald Woods, in de jaren zeventig hoofdredacteur van de krant Daily Dispatch in Oost-Londen en bevriend met Biko, zei deze week: “Steve Biko was zeer breed van geest. Hij wilde alle zwarte organisaties verenigen. Het was een tragedie dat hij stierf, al had zijn dood een enorme uitwerking buiten Zuid-Afrika.” Woods, een blanke, moest toentertijd zijn land ontvluchten nadat zijn krant de ware toedracht van de dood van Biko had onthuld. Hij kwam onlangs pas voorgoed terug naar zijn vaderland. Over Biko en Woods maakte Richard Attenborough in 1987 de film Cry Freedom.

“Steve Biko was onze held”, zegt een zwarte bezoekster in het Polisiemuseum van Pretoria, waar voor de gelegenheid een speciale vitrine meteen naast de ingang is ingericht voor Biko. “Hij is op gruwelijke wijze vermoord. Ze hebben een van onze toekomstige leiders weggenomen. En de daders mogen vrij blijven rondlopen. Dat bestaat niet, dat mag niet.” Ze staart verwezen naar het 'natuurgetrouwe' schaalmodel van Biko, 1:4, en luistert naar de popsong 'Biko, Biko-o-o' die in de expositieruimte weerklinkt.

Het politiemuseum was voorheen een etalage van blanke superioriteit. Hier kon men aanschouwen hoe ferm de staat optrad tegen 'Bantoes', 'extremisten', 'communisten' en andere benamingen voor tegen de regering agerende groepen. Merkwaardig genoeg is een deel van het museum nog altijd onveranderd. Zo is een tentoonstelling op de eerste verdieping gewijd aan de intimidatie door 'anti-regeringselementen' in het oude Zuid-Afrika.

De blanke archivaris zucht diep als de tegenstrijdigheden in het museum ter sprake komen. “De moord op Biko was natuurlijk niet goed, maar waar we nu naar toe gaan weet ik ook niet, ik wacht maar af.” Nu is er ook nog een Mandela-tentoonstelling hier in aanbouw. Met nauwelijks verholen afkeer zegt ze dat de museumleiding daar niet voor verantwoordelijk is. “Dat is ons opgelegd.”

Zwart bewustzijn

De overwegend zwarte regering van Zuid-Afrika kwam na haar aantreden in 1994 tot de conclusie dat 'waarheid, de weg naar verzoening' de beste wijze was om het turbulente verleden te verwerken en stelde hiertoe de Waarheidscommissie in. Een ieder, blank of zwart, voor of tegen apartheid, kan (nog tot 10 mei van dit jaar) bij de commissie een amnestie-aanvraag indienen voor misdaden die zijn begaan uit politieke overwegingen tussen 1 maart 1960 en 10 mei 1994. Voorwaarde voor de amnestie is dat de uitvoerders van de misdaden zelf het initiatief voor hun biecht nemen, de waarheid spreken en niets achterhouden. De multiraciale commissie onder leiding van ex-aartsbisschop Desmond Tutu zal zich vervolgens over de verzoeken buigen.

Sinds de Waarheidscommissie in april 1996 met haar werk begon zijn de feiten over vele tientallen gruweldaden uit de afgelopen dertig jaar aan het licht gekomen - maar geen zaak sprak zo tot de zwarte verbeelding als de kwestie Biko. Meteen nadat deze week uitlekte dat vroegere politiemannen, te weten kolonel Harold Snyman (de leider van het ondervragingsteam), detective Gideon Niewoudt, kapitein Daantjie Siebert en twee agenten Ruben Marx en Johan Beneke, schuld bekenden aan de dood van Biko, werd Zuid-Afrika overspoeld door een golf van emoties en verontwaardiging.

Steve Bantu Biko (geboren in 1946) ontpopte zich eind jaren zestig in de Oostkaap als een charismatische voorvechter van zwarte emancipatie. Hij richtte de Black Consciousness Movement op, die de zwarten in Zuid-Afrika naar het Amerikaanse voorbeeld van Black Power vooral wilde leren trots op zichzelf te zijn.

Biko was niet anti-blank, maar hij was tegen de blank-Europese overheersing van Afrika. “Een land in Afrika, waarin de meerderheid van de mensen Afrikaans (lees: zwart) is, kan niet anders dan Afrikaanse waarden uitstralen en moet een echte Afrikaanse stijl hebben”, schreef hij in 1970. Als zodanig was hij fel gekant tegen integratie van zwarten in de blanke samenleving. Dat zou ertoe leiden dat “de blanken praten en de zwarten luisteren”. De zwarte bevolking moest zichzelf ontdoen van de boeien van minderwaardigheid, vond hij. Zijn Afrocentristische ideeën konden op grote instemming rekenen. Mede daardoor kwamen de bewoners van Soweto in 1976 in opstand.

De opvattingen van Black Consciousness stonden dichtbij die van het Panafrikaans Congres (PAC), een verboden politieke partij die in de jaren zeventig met geweld de apartheid omver trachtte te werpen. Uiteindelijk ging de beweging ten onder in een orgie van geweld van zwarte activisten en het apartheidsapparaat over en weer.

Hoewel het Afrocentrisme van Biko en de zijnen inhoudelijk meer tot de verbeelding sprak van een groot aantal zwarte Zuidafrikanen - en nog altijd - bleef het gematigde Afrikaans Nationaal Congres over als enig alternatief. Het PAC bestaat nog wel, maar kreeg in 1994 bij de eerste vrije verkiezingen een schamele 1,2 procent van de stemmen.

De autoriteiten beschouwden Biko als een terrorist. Hij bracht dan ook veel tijd door in politiecellen en overvalwagens. Hij tartte de blanke bestuurders bij voortduring en schepte er over op dat hij terugsloeg als hij door de politie werd geslagen. In augustus 1977 werd hij in Port Elizabeth aangehouden, naar zou blijken voor de laatste maal. Of het regime toen opdracht gaf 'af te rekenen' met Biko of dat zijn ondervragers te ver gingen met hun 'behandeling' is nu nog onduidelijk, maar zal binnenkort - de zittingen van de Waarheidscommissie over Biko worden naar verwachting over enige maanden gehouden - worden onthuld als zijn beulen zich zullen verantwoorden voor de Waarheidscommissie.

Naakt en geketend

Vaststaat dat Biko als een beest werd bejegend. Hij liep zwaar hersenletsel op, maar zijn ondervragers meenden dat hij simuleerde en lieten hem dagenlang naakt en geketend op een matje in zijn eigen vuil liggen.

Doktoren die de gevangene kwamen bezoeken, werkten mee aan de charade en ontzegden Biko medische hulp. (De Waarheidscommissie heeft aangekondigd dat ook de artsen zich voor hun gedrag zullen moeten verantwoorden). De politie kwam na enige dagen zelf tot de conclusie dat behandeling noodzakelijk was. Maar in plaats van vervoer naar een nabijgelegen ziekenhuis, werd bepaald dat - met het oog op 'ontvluchtingsgevaar' - Biko naar een militair ziekenhuis in Pretoria, 1.100 kilometer verderop moest worden vervoerd. Nog steeds naakt en gekluisterd werd hij tijdens een nachtelijke rit daarheen gebracht. Steve Biko stierf een dag na aankomst in Pretoria, op 12 september 1977, dertig jaar oud.

Aanvankelijk trachtte de regering de doodsoorzaken te verdraaien. Jimmy Kruger, de toenmalige minister van justitie, zei dat Biko als gevolg van een hongerstaking was gestorven. Het blanke bewind liet vol valse trots weten dat het zo democratisch was dat mensen “het recht hadden zichzelf uit te hongeren”. Na een storm van protest gelastte het bewind in november 1977 een onderzoek. Uit secundaire bronnen waren namelijk de omstandigheden van Biko's dood al in grote lijnen duidelijk geworden. Het onderzoek leverde, zoals mocht worden verwacht, niets op. In officiële publikaties en in de pers zou nog jarenlang de lezing over de hongerstaking van kracht blijven.

Intussen waren foto's van het verminkte lichaam van Biko over de hele wereld verspreid. Hij was het symbool geworden van het verzet tegen en de wreedheid van de apartheid. Mede naar aanleiding van zijn dood zag Zuid-Afrika zich geconfronteerd met olie- en wapenembargo's uit verscheidene landen.

Menselijke veerkracht

De afloop is bekend. De apartheid verloor, het gedachtengoed van Biko zegevierde. De huidige, overwegend zwarte regering van Nelson Mandela bepaalde niettemin met Messiaanse vergevingsgezindheid dat er geen bijltjesdag zou komen. Vandaar dat ook activisten van het ANC en andere groeperingen die tegen de apartheid streden verplicht werden gesteld hun politieke misdaden te melden bij de Waarheidscommissie. Drie zittende ministers van het ANC hebben dat inmiddels gedaan. In werkelijkheid is het aantal misdaden begaan tegen de apartheid slechts een fractie van het aantal dat werd begaan uit naam van de blanke overheersers. In naar schatting 95 procent van de amnestieaanvragen gaat het om agenten en militairen die opereerden uit naam van het 'oude Zuid-Afrika'. Tot nu toe hebben zich 4.500 mensen tot de commissie gewend met een verzoek om ontslag van rechtsvervolging. Zij die zich voor 10 mei niet melden, komen niet in aanmerking voor amnestie.

Maar de Waarheidscommissie is een instelling die in zekere zin de menselijke veerkracht te boven gaat. In een normale democratische rechtsgang verdedigen advocaten de verdachte en moet de tegenpartij maar proberen met bewijzen voor schuld te komen; een deel van de waarheid zal altijd in het midden blijven. Bij de Waarheidscommissie kunnen de amnestie-aanvragers vrijuit spreken. Hun bekentenissen kunnen niet tegen hen worden gebruikt, integendeel: juist dat wat ze eventueel verzwijgen, kan belastend werken. Als aangetoond kan worden dat de aanvrager niet de volledige waarheid heeft verteld, wordt hij alsnog een verdachte - en dus strafbaar. Op de zittingen van de commissie bekennen de amnestie-aanvragers: hun schuld is onomstotelijk, boven elke twijfel verheven. En vervolgens wandelen ze naar buiten en zijn vrij.

Er zijn maar weinigen in Zuid-Afrika die zoveel vergiffenis over hun hart kunnen verkrijgen. “Het centrale gegeven van deze verzoeningsonzin is dat we allen moeten vergeven, vergeten en verder gaan. Maar als er geen schuldigen zijn, wie moeten we dan vergeven?” schrijft adjunct-hoofdredactrice Lizeka Mda in haar eigen blad, het zwarte glossy tijdschrift Tribute. “We hebben verzoening nodig in dit land, maar de verzoening zoals die ons wordt voorgeschoteld komt neer op de eeuwige buiging van zwarten voor blanken om tegemoet te komen aan hun angsten en hun arrogantie. En uiteindelijk blijft alles bij het oude.” Mda is van mening dat veel meer vertegenwoordigers uit het 'oude Zuid-Afrika' zich zouden moeten verantwoorden: een groot deel van de blanken was mede schuldig aan de apartheid. “De echte waarheid is dat het kwaad van het systeem niet lag bij de simpele uitvoerders die last hadden van een te veel aan ijver. Het kwaad lag bij de mensen langs de kant, die zeer tevreden waren met de uitkomst: bestendiging van de blanke privileges.”

Vorig jaar betwistte de weduwe van Biko, Nontsikelelo (Ntsiki), voor het Hooggerechtshof in Kaapstad het recht van de Waarheidscommissie op het verlenen van amnestie. Op misdaad staat straf, redeneerde zij, maar de rechter gaf Ntsiki Biko ongelijk en zei dat alleen ontslag van rechtsvervolging de volledige waarheid over het verleden in Zuid-Afrika boven water zou brengen.

Hoever moet de gerechtigheid gaan? “Met gerechtigheid bedoelen we niet een proces in Neurenberg-stijl en we roepen ook niet op tot vergelding. Nee. De daders moeten voor de rechtbank verschijnen”, zo hebben de twee zonen van Biko, Nkosinathi en Samora, laten weten. Over de strafmaat willen ze zich niet uitlaten. “De Boeren zijn honden, ze hebben mijn 'Tata' gedood”, schreef Nkosinathi Biko enkele maanden geleden in een 'open brief' aan zijn vader. “Op het moment dat jij je ogen sloot, verloor ik mijn jeugd”, aldus Biko jr. die zes jaar was in 1977. Nkosinathi Biko beloofde in zijn brief de idealen van zijn vader voort te zetten - “Jouw erfenis zit diep in mijn hart ”- de Black Consciousness Movement is voor hem nog springlevend.

De zwarte vrouw in het Polisiemuseum van Pretoria zou wel raad weten met de 'moordenaars' van Steve Biko. Sprekend namens de 'morele meerderheid' zegt ze dat als een gewone rechtbank er niet aan te pas komt, een 'volksrechtbank' de daders maar moet berechten. “En dan krijgen ze de doodstraf, die verdienen ze.” De vijf voormalige agenten die bij de dood van Biko waren betrokken hebben die vox populi inmiddels ook gehoord. Ze vrezen de dag dat ze voor de Waarheidscommissie moeten verschijnen, waar de naakte waarheid over de dood van Steve Biko op tafel zal komen.