Verrassende groeispurt economie VS

NEW YORK, 1 FEBR. De Amerikaanse economie doet het veel beter dan verwacht. De groei van het bruto binnenlands produkt in de Verenigde Staten bedroeg in het vierde kwartaal van vorig jaar 4,7 procent op jaarbasis. De kans is op een snelle renteverhoging is volgens economen nu verkleind.

Economen deden het cijfer af als “een aberratie” en als “tijdelijke piek”. De hoge groei zou voor 2,2 procent samenhangen met een opmerkelijke groei in exporten in het vierde kwartaal, die een tegenvallend derde kwartaal compenseerden. De reële verkopen in het laatste kwartaal van 1996 stegen met 2,8 procent en de consumentenbestedingen met 3,4 procent.

“Het is in sommige opzichten een eenmalige piek maar de Amerikaanse economie staat er gewoon goed voor”, aldus econoom Robert Mellman van de zakenbank J.P. Morgan. Mellman denkt dat er weinig kans is dat de Federal Reserve Bank (kortweg 'Fed'), het stelsel van centrale banken in de VS, de rente eerdaags zal verhogen. “De hogere dollar maakt geimporteerde produkten minder duur dus dat verlaagt de prijsdruk. Belangrijk voor de 'Fed' is om te zien hoe de groei zich nu ontwikkelt en of zich krapte op de arbeidsmarkt voordoet.”

De prijsindexcomponent steeg slechts 1,8 procent, waaruit economen afleiden dat het inflatierisico meevalt. Ook de prijsdeflator, de factor die aangeeft hoe het nominale groeicijfer van het bbp zich verhoudt tot het reële cijfer (economische groei minus inflatie), bedroeg slechts 1,4 procent. Ook dat maakt duidelijk dat de VS er qua inflatie goed voor staan. Niemand verwacht dat de Fed het bbp-cijfer van gisteren als aanleiding gebruikt om volgende week de rente te verhogen. De markten reageerden gisteren dan ook nauwelijks op de bekendmaking van de 4,7 procent groei.

Volgens Mellman waren de exportcijfers en de activiteit in de bouw de uitschieters in het vierde kwartaal. Hij ziet die als eenmalig en vindt het dan ook reeler om de groei in het tweede halfjaar van 1996 in zijn geheel te bekijken. Die bedroeg 3,4 procent op jaarbasis. De economische groei bedroeg in 1996 in de VS 2,5 procent, wat gezien wordt als een ideale groei. Vraag en aanbod kunnen gemakkelijker gelijke tred houden en de arbeidsmarkt kan gestaag groeien. Daarbij wist de VS de inflatiestijging in 1996 beperkt te houden tot 2,2 procent.

Nu ging het politieke spel echt op de wagen. Het lukte Van 't Hooft van Rabo Tom Vreugdenhil, fiscalist van de CDA-fractie, voor zijn standpunt te winnen. “Een clear cut case”, vond Vreugdenhil het. “Van 't Hooft maakte duidelijk dat technolease noodzakelijk was om Philips op de been te houden. De constructie was afgewezen door de belastinginspecteur, dan is het logisch dat de Rabo mij en Vermeend rechtstreeks benaderde. De Rabo wilde via ons de uitspraak van de belastingdienst overrulen.”