Schemer

Het lijkt wel een nationale ramp, de Ajax-leegloop. Natuurlijk is het geen onbelangrijk bijverschijnsel want half Nederland heeft - zeker de laatste jaren - van de glorie van de Amsterdamse club de vraag van de schepping gemaakt. Zonder Ajax zijn wij er ook niet. Ajax als een vette lelie die de leegte van het nonbestaan opvulde, die onderhuidse hysterie - ook in intellectuele kringen.

Leegloop is eigenlijk een vorm van democratisering. Normaal gesproken denk je dat godenzonen hun warme heelal hebben gevonden en daar als zwevende sterren tot hun oude dag blijven zorgen voor rituelen, troost en ontleende superioriteit. Juist godenzonen verplaatsen zich niet buiten hun hemselse keerkring, zou je denken. Dorpspatriottisme in de hemel, dàt was Ajax.

Opeens hoor je dan dat Bogarde zijn hemel en ons land wil verlaten. Ontreddering alom, vooral in de media. Twee jaar geleden zou een onverlaat nog geroepen hebben: laat die Bogarde met zijn goudwinkel toch oprotten. Hij kan niet eens voetballen. Nu zou Freek de Jonge zelfs Schiphol willen barricaderen opdat Winston terug zou keren naar zijn flatje in Diemen, naar het grand café in de Spuistraat of naar die ene blonde schim om de hoek die altijd aan haar bloesje trok als hij voorbijkwam. Winston is een alter ego geworden van de goegemeente die zich aan de dagen vergaapt en verslaapt tot hij in korte broek en op noppen weer verschijnt. De armoe van Nederland is de armoe van de geleende autoriteit (misschien wel identiteit), desnoods aan de zonen van koloniale slaven. Alsof er in deze moerasdelta nooit iets is ontstaan van een inherente beschaving.

Vrees voor artistiek-geestelijke leegte, dat vooral zit de Ajax-aanhang dwars bij al die leegloop-berichten. Kluivert, Bogarde, Blind en de geboertjes De Boer, ze staan weliswaar ver van Seneca, maar ze bepalen wel het drama in het rijtjeshuis. Niet prof. dr Maarten Brands, zij brachten de voorgeschiedenis van de beschaving tot leven, omdat zij de enigen waren die nog identificeerbaar bleven. Met nukken en grollen, met verkeerde vrouwen, met het deficit van een getatoeërd volkslied. Maar wel van ons. Organisch bijna. De noppen van Bogarde werden even koninklijk als de hoed van Beatrix.

De leegloop van Ajax beantwoordt perfect aan de wetten van het verraad. Geluk, genot, historie is voor de gemiddelde Nederlander een exercitie à la carte. Vroeger was er Tante Leen, nu is er Marco Borsato en morgen vinden we wel een dominee die de hallucinatie van een clitoris tot staat van postmoderne genade verheft. Dat heet dan ook weer cultuur en geluk.

Het treurige is dat er in Nederland geen traditie van trouw bestaat. Ten Cate naar Vitesse? So what? Ronald de Boer naar Arsenal, zal het hem wel bekomen? Kluivert bij Milan? Zal dat dan leiden tot een hogere samenhang, over de dranghekken heen? Het zijn wereldbeelden die op bestelling te leveren zijn, zonder schemer, zonder metafysica.

Toch vind ik het een daad van menselijk optimisme dat opeens iedereen Ajax wil verlaten. Ajax heeft een groot, onoverkomelijk deficit: succes heeft geen geweten, nauwelijks warmte. De klassieke uitleg dat Bogarde, Kluivert, Kanu en straks Frank en Ronald de Boer Ajax hebben verlaten voor een fiscaal gunstregime is opium voor het volk. Zo is het niet. Ronald de Boer wil weg omdat hij de Ajax-cultuur zat is. Dat incestueze wereldje van ogenschijnlijk sportieve integriteit en economisch opportunisme. Ajax is al jaren een landelijke metafoor van verhevenheid die zichzelf beliegt.

Natuurlijk hebben Kanu, Finidi, morgen Litmanen en Ronald de Boer niet alleen voor het grote geld gekozen. Zij zochten literatuur over zichzelf. Zij wilden wel eens benaderd worden als een Michael Jackson zonder de sleur van die benepen ING-camaraderie. Eigenlijk willen Ajacieden witte negers zijn, of omgekeerd zwarte negers ingekapseld door een witte bourgeoisie. Ajax heeft gefaald als laboratorium van de nieuwe multi-culturele mens. Daarom wil nu iedereen weg. Want er is toch geen thuisgevoel meer. Ja misschien nog voor Van der Sar die leeft tussen doelpalen en spruitjes. Tussen zee en land. Maar straks zal ook Van der Sar willen aanspoelen bij een eiland waar hij hoopt eindelijk een huis te vinden zonder Michael van Praag aan het crucifix.

Eindelijk thuis.