'Missie in Bosnië was zeer slecht doordacht'

DEN HAAG, 1 FEBR. Waarom faalde de internationale gemeenschap tijdens de oorlog in Bosnië? Naar aanleiding van het verschijnen van het boek Limits to Diplomacy and Force van Clingendael-onderzoeker Dick Leurdijk, over de rol van de VN en de NAVO in ex-Joegoslavië, discussieerden Tweede Kamerleden en militairen gisteren opnieuw over dit onderwerp.

Toen de internationale gemeenschap zich in 1991 met het conflict in ex-Joegoslavië begon te bemoeien, had zij onvoldoende nagedacht over de principes van de missie, betoogt Leurdijk. Begrippen als 'vredeshandhaving' en 'veilige gebieden' werden in het leven geroepen terwijl de politieke en militaire betekenis daarvan volstrekt onduidelijk was.

Zo wist niemand welke taak de NAVO had in de door de VN-Veiligheidsraad als 'veilig gebied' aangemerkte moslim-enclave Srebrenica. Leurdijk zei dat het drama rond de val van Srebrenica alleen te begrijpen is binnen de context van een verdeelde internationale gemeenschap, die geen eenduidige politieke doelstelling had in Bosnië en niet had nagedacht over de vraag “hoe geweld en diplomatie zich tot elkaar verhouden”.

Generaal Huysman, hoofd planning bij de NAVO, zei dat de NAVO-planners in Bosnië “weinig of onduidelijke politieke richtlijnen” ontvingen. Hij noemde het gebrek aan politieke consensus onder de lidstaten en de 'dubbele sleutel'-constructie waarbij de NAVO en de VN wederzijds toestemming moesten vragen voor luchtaanvallen, als grootste struikelblokken.

Kamerlid De Hoop Scheffer (CDA) zei dat de “verschillende agenda's” van de leden van de VN-Veiligheidsraad pas naar de achtergrond verdwenen toen de Amerikanen er grondtroepen hadden en de leiding overnamen. De les uit Bosnië is daarom volgens hem: “Ga als Nederland nooit meer in je eentje op een kwetsbare plek zitten”.

Kamerlid Van Traa (PvdA) zei dat de internationale gemeenschap in Bosnië “improviseerde van het begin tot het eind”. Omdat niemand verantwoording kon nemen voor wat er gebeurde in Bosnië, is het ook moeilijk minister Voorhoeve af te rekenen op wat er in Srebrenica is gebeurd, zei Van Traa na afloop van de discussie. “We blijven met een te verbrokkeld beeld zitten.”