'Het einde van de vrede in Mexico is in zicht'

MEXICO-STAD, 1 FEBR. Een “slag voor het terrorisme”, een bewijs van de “lenigheid en efficiëntie waarmee de staat het gewapend verzet in Mexico bestrijdt.” Zo omschreef de Mexicaanse regering gisteren de arrestatie van de Indiaanse boerenleider Benigno Guzmán, uit de arme deelstaat Guerrero, die eerder deze week in Mexico-stad werd gearresteerd. Volgens haar is hij de leider van het nieuwe Mexicaanse Revolutionaire Volksleger (EPR).

Het EPR dook vorige zomer plotseling op uit het niets. Tijdens een herdenkingsbijeenkomst van Benigno Guzmáns boerenorganisatie doken opeens 60 gemaskerde mannen en vrouwen met fonkelnieuwe kalasjnikovs en gestreken uniformen op, en lazen een communiqué voor tegen imperialisme, neoliberalisme en repressie. De boerenbijeenkomst bij het plaatsje Aguas Calientes in Guerrero werd gehouden ter nagedachtenis aan 17 campesinos, die daar het jaar daarvoor door de politie waren vermoord.

Een “groteske pantomime”, een “show”, zo noemde het platform van boerenorganisaties het verschijnen van het EPR. Al een jaar lang vochten Benigno Guzmán en zijn collega's van het platform voor een eerlijk proces tegen de opdrachtgever van de slachting: de toenmalige gouverneur van Guerrero, Ruben Figueroa. De slachtpartij van Aguas Calientes is altijd onbestraft gebleven.

Precies een maand na het eerste optreden van het EPR volgde een golf van aanslagen. In zeker zes Mexicaanse deelstaten werden politie- en militaire posten onder vuur genomen. Er vielen dertien doden en meer dan twintig gewonden. Wat eerst een show leek, bleek echt. Maar onder waarnemers rezen twijfels over de oorsprong van het EPR. De EPR-strijders zagen eruit als krijgsheren uit een Hollywoodfilm. Zeker in vergelijking met de rafelige lompen waarin het Indiaanse volksleger van de Zapatisten (EZLN) van subcommandante Marcos al drie jaar door het oerwoud van de deelstaat Chiapas sjouwt. Het was wel toevallig: juist op het moment dat de Zapatisten bezig waren zichzelf om te vormen tot een reguliere politieke beweging, verscheen het EPR op het toneel.

Al 2,5 jaar werden er vredesbesprekingen gehouden tussen de Zapatisten en de regering. Het overleg was net op een punt dat de regering niet meer onder een akkoord uitkon. Na vijf eeuwen zouden de rechten van de Indianen erkend worden. In de arme deelstaten als Chiapas of Guerrero is nog steeds sprake van een soort lijfeigenschap van de Indiaanse bevolking ten dienste van de machtige grootgrondbezitters.

Toen het EPR op het toneel verscheen brak de regering de besprekingen met de Zapatisten echter af. Met het argument van terrorismebestrijding werden de deelstaten zwaar gemilitariseerd. Voor de Indiaanse boeren is de situatie zo mogelijk nog zwaarder dan daarvoor. Soldaten, politieagenten en paramilitaire groepen plunderen, schieten en moorden, onder het mom van strijd tegen het EPR. De Amerikaanse regering publiceerde gisteren een rapport waarin zij haar verontrusting uitspreekt over de schending van de mensenrechten in Mexico.

“Wie heeft nu belang bij het EPR”, vroeg subcommandante Marcos zich af vlak na het verschijnen van de nieuwe groepering. Ook de leider van de Zapatisten liet zijn twijfels over het EPR duidelijk doorschemeren. Niet veel later arresteerde de politie een EPR-'terrorist'. De man bleek lid van de regeringspartij PRI, en had recentelijk nog een afspraak met president Ernesto Zedillo, zo ontdekte het onafhankelijke weekblad Proceso. Velen denken dan ook dat het EPR een mantelorganisatie van het leger en de PRI is.

De arrestatie nu van boerenleider Benigno Guzmán als 'chef' van het EPR is op zijn minst opmerkelijk. Zelf ontkent hij iets met het EPR te maken te hebben: “Wij voeren een open en democratische strijd voor ziekenhuizen, scholen en recht op land”, zei Guzmán vanuit zijn kooi in de rechtszaal. De boerenleider is onder andere beschuldigd van samenzwering.

Het bewijs dat de Mexicaanse autoriteiten aanvoeren voor het EPR-leiderschap van Guzmán bestaat uit de 'bekentenis' van acht gevangen EPR-leden. Mensenrechtenorganisaties wijzen erop dat de acht zijn gemarteld. Zelf ontkennen ze EPR-lid te zijn, en ze lieten gisteren via hun advocaat weten dat ze nooit een beschuldiging aan het adres van Guzmán hebben geuit. Op een clandestiene persconferentie ontkende donderdag ook de leiding van het EPR dat de 'revisionist' Guzmán een EPR-lid zou zijn. Honderden boerenleiders en mensenrechtenactivisten zitten vast op beschuldiging van lidmaatschap van het EPR.

Klachten over schendingen van de mensenrechten door leger en politie zijn de afgelopen maanden verviervoudigd. “Er is een campagne gaande die lijkt te leiden tot een grootscheepse legerinterventie tegen de Zapatisten en de opstandige Indianengemeenschappen in het zuiden van Mexico”, zegt de voorzitter van het landelijk platform van burgerbewegingen in Mexico, Benito Mirón. Dagelijks trekken er nieuwe legereenheden het gebied binnen. Ook worden er steeds meer vliegtuigen, tanks en helikopters gesignaleerd.

Tegelijkertijd blijft president Zedillo weigeren het getekende vredesakkoord met de Zapatisten uit te voeren, met het argument dat specifieke rechten voor Indianen zouden kunnen leiden tot afscheiding van de staat. “Het einde van de vrede in Mexico is in zicht”, verklaarde de voorzitter van de onderhandelingscommissie tussen regering en Zapatisten deze week.