Een accu op een snijvlak

ACHT JAAR geleden vormde zich een informele groep van onderwijsmensen die, hoe verschillend hun achtergrond ook was, allemaal hun vraagtekens zetten bij de huidige schoolpraktijk. Er werd hard gewerkt in deze sector, iedereen deed z'n best om er iets moois van te maken, maar er ontbrak iets wezenlijks aan het onderwijs. Wat, dat wist men op dat moment niet precies, het was vooral een vaag gevoel van onbehagen dat tot veel vragen leidde.

Het gezelschap van acht personen bestond uit schoolleiders, inspecteurs, opleiders, en onderwijsbegeleiders. Ze noemden zich de Hagepoort-groep, naar het Zutphense plein waaraan een hunner woonde. Jaren achtereen kwamen ze bij elkaar om in een sfeer van veiligheid en vriendschappelijkheid vrijuit te kunnen praten over onderwerpen die opduiken op het snijvlak van persoonlijke en professionele betrokkenheid bij het onderwijs. “De bijeenkomsten die altijd bij een van ons thuis werden gehouden, hadden de functie van bijtanken”, zegt Benno Jürgens, de initiator van de Hagepoort-groep. “Men kwam altijd trouw, ook al liep men op z'n wenkbrauwen. De accu werd tijdens de gesprekken weer opgeladen. We spraken over elementaire vragen waar we in de drukte van alledag vaak niet aan toe kwamen. Bijvoorbeeld over de wetmatigheden die telkens in het onderwijs optreden zonder dat ze goed verklaard kunnen worden. Waarom hebben gemotiveerde en verwachtingsvolle brugklassers al binnen het eerste jaar hun motivatie goeddeels verloren? En waarom werken ouderejaars-leerlingen alleen nog voor hun papiertje en vinden ze de weg naar het diploma nauwelijks nog interessant?”

Jürgens, van huis uit bioloog en achtereenvolgens werkzaam geweest als leraar, rector, inspecteur en coördinerend inspecteur voor de noordelijke provincies, is inmiddels met de VUT. De vrijheid die hij hiermee in de schoot geworpen kreeg bood hem de ruimte en de tijd om acht jaar Hagepoort-discussie samen te vatten in een vijftiental stellingen over de tekorten van het huidige onderwijs. Goed beschouwd is er niet alleen sprake van een tekort, maar ook van een teveel; het evenwicht in de schoolpraktijk van vandaag is verstoord. “Het onderwijs is gericht op steeds meer weten, maar we moeten de leerlingen ook leren omgaan met niet-weten, met onzekerheden”, zegt Hagepoort-lid Charlotte Korbee, projectleider bij Interstudie in Arnhem, een centrum voor onderwijssmanagement. “Het klimaat op scholen is gericht op een bepaald soort denken dat eenzijdig is gericht op rationaliteit en intellect, het gaat geen verbinding aan met gevoelsmatige en fysieke componenten. Creativiteit, gevoel, zinsgevingsvragen en spiritualiteit zijn grotendeels afwezig binnen de schoolmuren. Om greep op de wereld en het eigen bestaan te krijgen moeten kinderen tussen de twaalf en achttien leren op hun eigen kompas te varen, ze moeten zelf geformuleerde lijnen uitzetten in tijd, ruimte en plaats en overweg kunnen met hun eigen lichamelijkheid. We zijn na de Tweede Wereldoorlog bevrijd van de grote verhalen - overheersende religies en politieke systemen -, maar we geven deze generatie niet het gereedschap om hun eigen, kleine verhaal vorm te geven waarmee ze het leven in kunnen.”

De Hagepoort-groep heeft geen gemakkelijk verhaal, maar fundamentele vragen zijn nooit makkelijk, is hun boodschap. Dat is tegelijkertijd ook hun kritiek op het onderwijs: er wordt te veel in rechtstreekse verbanden onderwezen, terwijl de wereld zoveel gecompliceerder in elkaar steekt. Eén gevolg heeft niet één oorzaak, op vraagstukken is altijd meer dan één antwoord mogelijk. “Het technische, analytische of-of-denken wordt in onze scholen perfect beoefend”, constateert Benno Jürgens in een van zijn stellingen. “Het analytisch denken belemmert de leerlingen te denken in samenhangende verbanden, in netwerken van oorzaken en gevolgen.”

Meerkeuzenvragen versterken juist dit teveel aan enkelvoudig denken, licht Jürgens de stelling toe, terwijl het verdwijnen van het onderdeel 'vertaal in goed Nederlands' op het eindexamen een strop is voor het onderwijs. Het vertalen deed immers gelijktijdig een beroep op zowel de analytische als de intuïtieve en creatieve vermogens van de leerlingen en bevorderde daarmee het meervoudige denken.

Niet alleen het lineaire oorzaak-gevolg-denken zet de leerlingen op het verkeerde been, zo menen de leden van de Hagepoort-groep, ook de verbrokkelde presentatie van begrippen als ruimte en tijd draagt niet bij tot de vorming creatieve, zelfdenkende mensen die in staat zijn de wereld om hen heen te begrijpen. Erger nog: doordat er geen grote lijnen worden aangebracht, maar vakken als aardrijkskunde, geschiedenis en biologie in flarden kennis door de schooljeugd tot zich worden genomen, ontwikkelt zij een wereldbeeld zonder samenhang. Volgens de Hagepoorters leidt dit tot 'toeristisch onderwijs' waarin alleen nog geconsumeerd kan worden.

Het is duidelijk dat de Hagepoort-groep het niet gemunt heeft op individuele docenten of schoolleiders. “Iedereen doet verschrikkelijk zijn best”, aldus Charlotte Korbee. “Toch hebben heel veel mensen in het onderwijs het gevoel dat er iets ontbreekt. In de les gaat het niet over de dingen waar kinderen druk mee in de weer zijn. Als je de brievenrubriek op de achterkant van de VPRO-gids leest, begrijp je meteen waarom het onderwijs ver af staat van hun werkelijkheid. Intuïtief voelen ze aan dat ze op school weinig leren waarmee ze zich later in de maatschappij staande kunnen houden.”

De vijftien stellingen van Benno Jürgens zijn in hun compacte vorm een mooie samenvatting van acht jaar vrijuit praten over onderwijs. Ze bleken ook de startvonk te zijn voor iets nieuws. Op 12 maart treedt de Hagepoort-groep met een congres uit haar veilige beslotenheid en daar zal de vraag worden opgeroepen waar het tekort en waar het teveel zit in het voortgezet onderwijs. “Omdat we meer een club van vragen dan van antwoorden zijn, wordt het geen doorsnee-congres”, voorspelt Charlotte Korbee. Twintig apart uitgenodigde kunstenaars, filosofen en wetenschappers zullen de congresgangers op de huid zitten.

Trouw blijvend aan hun eigen stijl zoeken de Hagepoorters op deze dag naar een evenwicht tussen analyse en synthese, rationaliteit enerzijds en creativiteit, energie, intuïtie en zingeving anderzijds, tussen monocausaal en multicausaal denken. Ingewikkelde kwesties zoals de rol van het onderwijs in onze gecompliceerde samenleving kunnen niet worden afgedaan met een eenvoudig antwoord. Korbee: “Het aardigste zou het nog zijn als er na dit congres meer van die informele clubjes ontstaan als de Hagepoort-groep.”

Inlichtingen over het congres: Interstudie, Arnhem, tel. 026-4430777.