Dit is een artikel uit het NRC-archief De artikelen in het archief zijn met behulp van geautomatiseerde technieken voorzien van metadata die de inhoud beschrijven. De resultaten van deze technieken zijn niet altijd correct, we werken aan verbetering. Meer informatie.
Bekijk hele krant

NRC Handelsblad

Energie

Shell kan niet om produktie van elektriciteit heen

ROTTERDAM, 9 JAN. Koninklijke Shell wil van olie- en gasmaatschappij veranderen in een energieconcern. Het bedrijf is constant met toekomstscenario's in de weer en heeft ontdekt dat de core business niet alleen meer ligt in winning en verkoop van koolwaterstoffen. Belangrijke aanvullingen waarin ten minste zoveel winst is te behalen zijn elektriciteit en op langere termijn duurzame energievormen.

Wie in energiezaken snel zijn rendement wil opvoeren - en dat moet Shell om de aandeelhouders te vriend te houden en de concurrentie de baas te blijven - kan niet om de miljardenbusiness van de elektriciteitssector heen. Want de vraag naar stroom groeit in bijvoorbeeld Zuid-Oost Azië sneller dan de vraag naar energie in het algemeen. In een gebied waar de welvaart opkomt neemt het aantal woningen met een elektriciteitsaansluiting toe en gaan steeds meer fabrieken, werkplaatsen en kantoren stroom gebruiken. Voor verlichting, (huishoudelijke) elektrische apparatuur, computers en aandrijving van machines is deze energiesoort onmisbaar. Met een kasreserve van zo'n 20 miljard gulden is het concern in een prima positie om een aandeel in de produktie te nemen.

Shell wil meer de kant op van de sterke combinatie van produktie en levering van primaire energie (aardgas, olie en kolen) aan centrales die elektriciteit - secundaire energie - opwekken. Dat betekent investeren in zowel centrales als infrastructuur: pijpleidingen om gas aan te voeren of transportroutes over water of over land om olie en kolen bij de centrale te brengen. En wellicht later ook in de distributie van elektriciteit, via hoogspanningsleidingen. Die tak is essentieel om een positie in de handel van elektriciteit te verwerven, waarvoor het concern eveneens warme belangstelling heeft. Een opmars naar de stroomsector zal bij Shell, dat daarbij wil samenwerken met partners, ook een groei aan hoogwaardige werkgelegenheid betekenen, want er is deskundigheid nodig die het oliebedrijf nog niet voldoende in huis heeft.

In Nederland en elders in West-Europa is de infrastructuur vrijwel overal keurig geregeld. Shell zou kunnen profiteren van de liberalisering van de Europese elektriciteitsmarkt, die het mogelijk maakt als particuliere onderneming een aandeel te nemen in de stroomproduktie.

West-Europa schakelt over van een sterk door de overheid of door semi-overheidsbedrijven gedirigeerde elektriciteitssector naar concurrentie in een vrije markt. Daarin kunnen ook onafhankelijke energieproducenten een plaats krijgen. Zo'n onafhankelijke producent zou Shell, eventueel samen met een partner, kunnen zijn. De Nederlandse industrie en de energie-distributiebedrijven zouden dat toejuichen, want die zitten te springen om concurrerende aanbieders. En Shell produceert in Nederland, Noorwegen en Groot-Brittannië voldoende aardgas om heel wat centrales te voeden.

Pagina 23: Stroomproject mikt op groeimarkten

Maar waarschijnlijker is dat Shell eerst met elektriciteit furore maakt in de sterke groeimarkten. “We zien vooral unieke mogelijkheden in het koppelen van LNG-projecten (vloeibaar aardgas), waarin Shell absoluut wereldleider is, aan elektriciteitsopwekking”, zegt directielid Maarten van den Bergh in Shell Venster dat gisteren verscheen.

Voorbeelden van koppeling tussen gasproduktie en stroomopwekking zijn projecten die in de Filippijnen, Turkije en Peru worden ontwikkeld. Shell is operator van een gezamenlijke onderneming met Occidental Petroleum voor het offshore gasveld Malampaya Camago in de Filippijnen, dat zo'n 90 miljard kubieke meter brandstof herbergt. De Filippijnen kennen nauwelijks een binnenlandse afzet van gas voor verwarming of industriële doeleinden, maar voor de elektriciteitsopwekking kan het zeer goed worden ingezet.

Voordat de twee oliemaatschappijen zo'n 2 miljard dollar investeren in de produktie van het gas, willen ze eerst een afzetcontract voor elektriciteitscentrales met een gezamenlijk vermogen van 3.000 tot 4.000 megawatt (vijf tot zes centrales). Met de Filippijnse overheid bestuderen de twee partners de mogelijkheid om een nooit gebruikte kerncentrale op het eiland Bataam om te bouwen tot een gasgestookte stroomfabriek van 1.200 megawatt. Sinds de jaren '80 staat de Bataam-centrale als gevolg van een foutje in de mottenballen. Ze bleek precies op een aardbevingsgevoelige breuklijn in de aardkorst te zijn opgetrokken, zegt Van den Bergh.

In augustus vorig jaar tekenden Shell, het Japanse Mitsubishi en het Amerikaanse constructiebedrijf Kellogg een overeenkomst, die door de Turkse overheid werd goedgekeurd, voor een haalbaarheidsstudie voor een terminal voor aanlanding van vloeibaar aardgas in Aliaga aan de Egeïsche Zee, of bij de oliehaven Ceyhan aan de Middellandse Zee. Dat project zou moeten worden gecombineerd met een elektriciteitscentrale, waarvan de eerste eenheid 750 megawatt kan opwekken. Uiteindelijk moet de centrale een capaciteit van 2.000 MW krijgen. De totale kosten zijn geraamd op 2,4 miljard dollar. Turkije heeft grote behoefte aan meer elektriciteit en zou het gas kunnen inkopen in Iran, dat de komende jaren een grote hoeveelheid gas wil winnen in offshore velden in de Golf.

Ook in Peru is Shell, samen met het Amerikaanse Mobil en de staatsonderneming Peru Petro betrokken bij gasproduktie die een verbinding met elektriciteit kan opleveren. Shell ontdekte in 1987 het Camisea-gasveld in Zuid-Peru, 1.300 kilometer van de hoofdstad Lima. Verwacht wordt dat de maatschappijen de komende decennia samen zeker 2,8 miljard dollar investeren in de produktie die na de eeuwwisseling begint. Als eerste stap wordt een studie gedaan naar mogelijkheden om het gas af te zetten via pijpleidingen naar Lima en de bouw van een elektriciteitscentrale.

“We kijken naar projecten over de hele wereld”, zegt Shell-directeur Van den Bergh in Shell Venster. De grootste groei van de stroomproduktie wordt verwacht in China en India. Om de beste projecten te selecteren heeft Shell in Londen een speciaal 'ontwikkelbureau' opgericht met twintig experts die deels uit de landen komen waar belangstelling bestaat voor elektriciteitsopwekking onder de vlag van de oliemaatschappij. Dat bureau zal zelf geen rol spelen in de bedrijfsvoering van centrales. Dat wordt overgelaten aan individuele joint ventures die per project worden gevormd.