Paul de Leeuw vrij nette verteller in Peter en de Wolf

Concert: Rott. Philh. Orkest o.l.v. Valery Gergjev, m.m.v. Paul de Leeuw (verteller). Programma: Mozart: Symfonie nr.36; Prokofjev: Peter en de wolf, Chant symphonique; Tsjaikovski: Uit: De schone slaapster. Gehoord: 21/12, Concertgebouw Amsterdam. Radio 4: 27/12 20.02 uur; Tv uitz. Ned 3 29/12 13 uur.

Concert: Radio Filharmonisch Okest, Groot Omroepkoor, solisten Kirov Opera en Groot Omroepkoor o.l.v. Valery Gergjev. Rimsky-Korsakov: Kerstavond. Gehoord: 22/12 Concertgebouw Amsterdam. Radio 4 uitz. 24/12 20.02 uur.

Zaterdag en zondag leidde Valery Gergjev twee bijzondere concerten in het Amsterdamse Concertgebouw. Gisteren ging de hier onbekende opera Kerstavond van Rimsky-Korsakov. Een dag eerder leidde hij tijdens de Matinee op de Vrije Zaterdag een tot de verbeelding van jong en oud sprekende vertolking van Prokofjevs Peter en de Wolf, waarbij het Rotterdams Philharmonisch Orkest uitmuntend musiceerde.

De gewoon in zwarte smoking (maar zonder strikje) geklede Paul de Leeuw trad op als een ingetogen verteller, die héél af en toe zijn boekje te buiten ging met een humoristisch understatement. Het jeugdige deel van het publiek, vooral binnengekomen via een abonnement op een serie jeugdtheatervoorstellingen, had aanmerkelijk minder belangstelling voor pure orkestmuziek van Mozart en Tsjaikovski.

In Kerstavond zit de tovenaar Patsjoek op de grond voor twee schalen, de ene gevuld met noedels, de andere met zure room. De noedels springen vanzelf omhoog, komen in het schaaltje met zure room terecht en belanden van daaruit in de open mond van Patsjoek. Voor Rimsky-Korsakov vormden dergelijke details de leukste uitdaging. In zijn opera Kerstavond loste hij het probleem op met behulp van een thema voor de violen. Met een octaafsprong van hoog naar laag vallen de noedels in de zure room, wentelen zich daar met een vrolijke riedel in rond, en belanden middels een flageolet in de mond van de tovenaar.

Heftige passie en intriges spelen in de sprookjesopera's van Rimsky-Korsakov niet of nauwelijks een rolm netzomin als psychologische diepgang. Maar hij blonk uit in orkestrale vondsten waarmee hij zijn op de Russische folklore gebaseerde betoog opluisterde. Zo opent Kerstavond (1893) met een veredelde trilleroefening voor de violen, die later nog eens wordt herhaald, om het getwinkel van de sterren te verklanken, die met de opblinkende maansikkel aan de koude kerstavondhemel schijnen.

Maar dramatische hoogtepunten komen niet voor in Kerstavond, bevolkt met satans, heksen en dronkelappen. Of het moest al de Aria van Oksana ('Ik geloof niet dat er op aarde een knappere kerel kan bestaan dan mijn Vakoela') zijn, waarin de dorpsmaagd haar aanvankelijke afwijzing van de spoorloos verdwenen smid betreurt.

De kracht van Kerstavond zetelt dan ook, om de programmatoelichting te citeren, in de 'geur van houtvuur en borsjtsj', in de muzikale vertaling van het gekibbel en geroddel van de dorpelingen, even verzot de wodka als op heidense mythologische verhalen. Het briljante aan Rimsky-Korsakov is zijn talent om die magische wereld te vertalen in suggestieve, rijkelijk stromende orkestklanken en kleuren, en Gergjev is een uitblinker in het realiseren daarvan.

Dat Kerstavond in concertante uitvoering toch soms wat langdradigheid was, ondanks de voortreffelijke vocale prestaties van de solisten van de Kirov Opera en van het Groot Omroepkoor, was deels te wijten aan het degelijke maar weinig affiniteit met de Russische folklore verradende spel van het Radio Filharmonisch Orkest, en deels aan het ontbreken van een visuele enscenering.

De tv-opname van Peter en de Wolf wordt uitgezonden op 29 december 13 uur via Ned 3.